Julie Feeney :: 13 Songs

Hoe je het ook draait of keert, de selfmade artist dwingt toch
steeds een extra vorm van respect af. De levensloop van de Ierse
Julie Feeney toont hiervan een sterk staaltje. Na muzikale studies
aan universiteiten in Cork, Dublin en Den Haag, kwam Feeney
voornamelijk aan de bak als koorzangeres en componiste. Tussendoor
voorzag ze enkele kortfilms van een geluidsband, werkte ze als
actrice in de hedendaagse danswereld en zette ze enkele projecten
rond muziekonderwijs op. Hoewel deze activiteiten al genoeg lijken
om een decennium mee te vullen, voltooide ze tussendoor nog op
eigen houtje het album ’13 Songs’. De nummers op deze plaat voorzag
ze niet alleen zelf van tekst en muziek (je hoort haar maar liefst
elf instrumenten ter hand nemen), geïnspireerd door enkele andere
auto-PR-verhalen nam ze ook haar management in eigen handen. Als in
de goede oude tijd gingen enveloppes met schijfjes voorzien van een
handgeschreven motivatiebrief naar radiostations en platenbonzen.
Op deze manier ontstond er een bescheiden nationale hype, die
leidde tot de Choice Music Price voor Irish Album of The Year in
2006. Als support voor onder meer James Blunt – zo zie je maar,
iedereen maakt fouten – doorbrak ze landsgrenzen en met de
internationale release van het album begint zo alweer een nieuwe
uitdaging. Maar genoeg over de achterliggende historie, tijd om een
blik te werpen op de dertien songs die ons titelsgewijs beloofd
worden.

De Irish Times gebruikte destijds ‘Aching’ om de wereld kennis te
laten maken met Julie Feeney omwile van de indrukwekkende 28
seconden lang volgehouden noot die het nummer domineert. Toch zegt
deze opmerking al meteen wat over het nummer: technisch perfect,
maar dit vormt meteen ook een rem op emotioneel vlak. Spijtige
zaak, want even verder ligt een schat aan veel oprechter materiaal
ter illustratie van Feeneys kunnen. ‘Under My Skin’ is dan een veel
betere reclame voor de plaat: intimistische blues waarin de wrange
beginnoten even doen denken aan Marlène Dietrich’s Brel-cover
‘Bitte Geh Nicht Fort’, maar het vervolg in tegenstelling tot
Dietrichs afdaling in tristesse een positievere wending krijgt.
Luister ook naar het mistige ‘Judas’, waarin de desillusie dan wel
tastbaar wordt. Of wentel je op een nachtelijk uur in de warme
gloed van ‘Lui’, een nummer dat je het serene gevoel bezorgt dat je
de enige wakkere ziel bent in een wereld die slaapt.

Een bijkomende troef van ’13 Songs’ is bovendien de verscheidenheid
aan atmosferen die doorheen het verloop van de plaat opgezocht
worden. ‘Wind Out Of My Sails’ had niet misstaan op Björks ‘Debut’,
ironisch genoeg maakt ‘You Bring Me Down’ plaats voor lichtvoetiger
pop en het verhaal van ‘Ficticious Richard’ wordt zelfs in de
eeuwenoude stijl van de minstreel op klavecimbel gezet. Enkel bij
de kleine uitstapjes naar de folky contreien die dichter bij huis
door de dames van Laïs bevolkt worden, struikelt Feeney even.
‘Autopilot’ en ‘Alien’ zijn dan ook de uitgelezen momenten om een
plaspauze in te lassen.

Na een korte groeifase wordt het duidelijk waarom ’13 Songs’ in het
thuisland onder lof en prijzen bedolven werd. Aanvankelijk lijkt
dit een nogal vrijblijvend album, maar na verdergaand onderzoek
wordt de pracht van de verschillende facetten duidelijk. Door zelf
alle touwtjes in handen te houden schreef Feeney een erg
persoonlijk document, waarop de tracks onderling, de vocalen,
lyrics en rijke instrumentatie perfect op elkaar afgestemd zijn. Na
een dergelijke vaststelling heeft Feeney dan ook geen nood meer aan
een goed afgemeten ademhalingsoefening om haar werk aan de man te
brengen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

achttien − 17 =