Julian Cope :: Dark Orgasm

Wie eerder deze maand naar de AB voor de doom van Sunn O))) was getuige van een in meer
dan één opzicht bijzonder concert. Niet alleen hadden de Amerikanen
hun gitaren thuisgelaten en voor deze gelegenheid ingeruild voor
analoge synthesizers, ook de aanwezigheid van Julian Cope op het
podium was op zijn minst opvallend te noemen. Nu is het al langer
geweten dat Cope een die hard fan én een goede vriend is van Sunn
O))), maar was hij ook niet de man die ooit gezworen heeft nooit
nog een voet buiten Engeland te zetten? Als fanatieke
amateur-archeoloog wil hij nog wel ergens een stenen cirkel, een
merkwaardige megaliet of een ander monument uit het neolithicum
fotograferen, maar optreden doet hij alleen nog in eigen land, in
kleine(re) zalen.

Julian Cope is altijd productief geweest, met haast om de twee jaar
een nieuw album. Maar sinds hij in 1997 door zijn laatste ‘echte’
platenfirma aan de deur werd gezet, staat er helemaal geen rem meer
op. Met Head Heritage is hij zijn eigen baas geworden, met voor
gevolg dat nu haast elke wind die ten huize Cope wordt gelaten en
een beetje sacraal ruikt op cd wordt gebrand en via zijn
website-annex-postorderbedrijf wereldkundig gemaakt. Een zegen voor
de fanatieke volgelingen, zolang het aspect kwaliteit niet uit het
oog wordt verloren. Daar liep het in het recente verleden soms wel
een beetje fout. Toegegeven, ook wij hebben in onze Cope-collectie
‘Odin’ zitten: drieënzeventig minuten lang niet veel meer dan
langgerekte mmmmmmmmmmm’s (in diverse toonaarden) om de luisteraar
naar hogere sferen te vervoeren. Bij onze gasten kon dit plaatje
eerder op gegniffel en gegeeuw rekenen.

Na Rome Wasn’t Burned In A Day en
Citizen Cain’d is ‘Dark Orgasm’
de derde plaat die Cope op goed twee jaar tijd onder zijn eigen
naam uitbrengt. Sinds het ‘metal-zonder-drums’-project L.A.M.F. en
het korte Brain Donor-intermezzo behoort de pure pop definitief tot
het verleden en is meer dan ooit ruwe, rauwe rock aan de orde. Dat
hij een bewonderaar is van legendarische bands als The Stooges, The
Seeds en MC5 heeft hij nooit onder stoelen of banken gestoken.
Vandaag belijdt hij zijn liefde voor zijn grote voorbeelden ook
actief door onbeschaamd te jatten uit hun respectieve songcatalogi
en dit tot meerder eer en glorie van zijn eigen platenwerk.
Toch mag Cope niet bestempeld worden als een ideeënloze, ordinaire
dief. Hij beschouwt het zelf allemaal als een hulde aan zijn
helden, en ziet voor zichzelf eerder de rol van archivaris en
conservator weggelegd. Hij deed het in de jaren ’90 trouwens al met
Krautrock: de experimentele Duitsers waren toen dé inspiratiebron
voor zijn platen, als ‘tegenprestatie’ schreef hij het even
nauwkeurige als volledige overzicht ‘Krautrocksampler – One Head’s
Guide to the Great Kosmische Musik – 1968 Onwards’.) Wie bij het
beluisteren van ‘Dark Orgasm’ dan ook vindt dat de verwijzingen
naar Iggy & the Stooges, Black Sabbath, MC5, Thin Lizzy en
zelfs Spinal Tap er nogal dik op liggen: dit was heus de
bedoeling.

‘Dark Orgasm’ zou echter geen echte Cope-plaat zijn zonder een
boodschap. Nadat hij zijn luisteraars vroeger al probeerde warm te
maken een leven te leiden ‘in harmonie met Moeder Aarde’, ons
wegwijs maakte in de wondere wereld der megalieten en de kosmos,
zoekt hij het deze keer in de religieuze sfeer. ‘Fuck the Pope’,
‘Death to Monotheism, Death to Corporations, Death to invisible
Gods, Death to organised religion’ zijn de niet mis te verstane
leuzen die op het cd-hoesje prijken, naast de opdracht ‘Dedicated
to Freedom & Equality for Women’. Duidelijk genoeg, zouden we
zo denken, en inderdaad: voor het eerst in lang hoef je geen hogere
studies gedaan te hebben om te begrijpen waar het in de songteksten
om gaat.
Om het ‘elpeegevoel’ weer te doen opleven is het album verdeeld
over twee cd’s van om en bij de twintig minuten: zeven tracks op de
ene en één uitgesponnen jam op de andere. Erg sterk vinden wij
‘White Bitch Comes Good’, ‘She’s Got A Ring On Her Finger (&
Another One Through Her Nose)’, ‘I’ve Found A New Way To Love Her’
en ‘I Don’t Wanna Grow Back’ van plaat 1, maar ook ‘The Death &
Resurrection Show’ van plaat 2 is de ideale soundtrack voor wie
ooit eens een aartsvijand ritueel wil folteren.

Opvallend is tot slot dat dit één van zijn weinige platen is waarop
in feite niet één echt zwak moment staat. Sommige dingen hebben we
(van hem) intussen misschien een keertje te veel gehoord, zoals
opener ‘Zoroaster’, maar meer nog dan op het (iets te) slordig
geproducete ‘Citizen Cain’d’ en het (net iets te) wisselvallige
‘Rome Wasn’t Burned In A Day’ is hij er deze keer in geslaagd een
goed evenwicht te vinden tussen zijn eigen stijl uit de jaren ’90
en de heavy rock invloeden uit de jaren ’60 en ’70. Het resultaat
is de beste Julian Cope-cd van de 21ste eeuw…

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in