Tsotsi




In heel wat recensies wordt de oscarwinnende Zuid-Afrikaanse film
‘Tsotsi’ vergeleken met Fernando Mereilles’ ‘Cidade de Deus’. Oppervlakkig gezien kan ik
die gelijkenis begrijpen: ook hier speelt het verhaal zich af in de
achterbuurten van een land waar de kloof tussen arm en rijk immens
is, en draait alles rond jeugdige criminelen voor wie geweld de
enige geldige levensstijl is. Maar eens je aan dat gegeven voorbij
gaat, zie je dat er wel degelijk enorme verschillen zijn: ‘Cidade de Deus’ was een harde film, waarin
verlossing vaak ver te zoeken was, behalve voor diegenen die al
vanaf het begin vastbesloten waren om zich niét te laten meeslepen
door de golf aan straatgeweld. Dat resulteerde in bloederige scènes
en jachtig camerawerk, een energieke uppercut van een film.
‘Tsotsi’ daarentegen, is hoopvoller, lyrischer. De film suggereert
dat iedereen de kans heeft om zijn leven te beteren, en brengt die
boodschap aan een rustig tempo, met een mooi uitgecalculeerde
visuele strategie. De teksten lijken misschien op elkaar, maar dit
is een heel ander liedje, met heel andere muziek.

Presley Chweneyagae (en laat me dat geen twee keer typen) speelt
Tsotsi (de naam betekent gewoon “gangster”), een jong boefje die de
meest armtierige wijken van Johannesburg onveilig maakt. Samen met
zijn compagnons Boston, Aap en Butcher steelt hij alles wat hij
maar kan krijgen, slaat hij iedereen in puin die hij maar tegenkomt
en is hij zelfs niet vies van een moord op zijn tijd. Wanneer hij
op gewelddadige wijze een vrouw carjackt, blijkt dat er op de
achterbank van de auto nog een baby ligt te slapen. Om de één of
andere reden besluit hij het kind bij te houden, en vanaf dat
moment zien we hoe er langzaam maar zeker terug een beetje
menselijkheid in zijn karakter komt gekropen.

Wat de thematiek van het kind betreft, vallen er eerder verbanden
te leggen met ‘L’Enfant’ van de
gebroeders Dardenne dan met ‘Cidade de
Deus’
. Net zoals in ‘L’Enfant’,
is het een baby die voor een ommekeer in het hoofdpersonage zorgt:
de onschuld van een pasgeboren kind maakt iets in hen los waardoor
ze zichzelf een tijd gaan herinneren voordat ze werden overgenomen
door de deprimerende smerigheid van hun omstandigheden. En beetje
bij beetje worden ze een beter mens. In het geval van ‘L’Enfant’ was die verandering bijna
onmerkbaar – het was de aanzet tot een verandering, en eens die
aanzet meer dreigde te worden dan alleen maar dat, was de film
afgelopen. Dat zijn dan de Dardennes: filmmakers die enkel een
aanloopje wensen te geven tot een drama dat zich dan verder in de
fantasie van het publiek dient af te spelen. ‘Tsotsi’ is een meer
traditionele film, waarin een niet al te moeilijke symboliek wordt
gebruikt om het emotionele leven van de hoofdfiguur weer te geven.
Zo herinnert Tsotsi zich zijn eigen kindertijd bij zijn klootzak
van een vader, die er niet voor terugdeinsde om met enkele
welgemikte trappen de ruggengraat van een hond te verbrijzelen.
Tsotsi geeft het gestolen kind zijn eigen echte naam – David -,
schijnbaar met de bedoeling om ditmaal goed te doen wat zijn
ouweheer zo slecht deed.

Gaandeweg krijgt Tsotsi zelfs weer oog voor schoonheid. Een vrouw
bij wie hij het kind laat zogen, maakt voor de kost windklokjes van
gekleurde glasscherven. ‘Wat heb je nu aan wat scherven?,’ vraagt
Tsotsi. ‘Dat is wat jij ziet,’ antwoordt de vrouw. ‘Wat ik zie,
zijn de kleuren die op je vallen.’ En omdat ze het zegt, ziet hij
het ook – wellicht de eerste keer in een lange tijd dat hij nog
eens iets ziet dat hij mooi vindt. De veranderingen in Tsotsi
liggen er dus wel nogal dik op – de psychologische uitwerking die
hij krijgt, is redelijk traditioneel (“mijn vader sloeg mij!”) en
we kunnen elk volgend stapje in zijn evolutie netjes opvolgen omdat
er altijd wel een scène is die het ons quasi-letterlijk uitlegt.
Niet dat dat noodzakelijk voor slechte cinema zorgt; er zitten een
aantal zeer sterke scènes in ‘Tsotsi’ (denk maar aan het
mierenmoment) en hoofdacteur Presley Enzovoort weet de angst, woede
en twijfel van zijn personage op een indrukwekkende manier voelbaar
te maken.

Maar de film heeft wel last van een probleem met het tempo.
Regisseur Gavin Hood houdt van lange scènes, waarin dan intern een
zekere spanning wordt opgebouwd. Het probleem daarmee is dat die
lange scènes al vanaf het begin van de film aanwezig zijn. Normaal
gezien wordt naar dat soort zaken opgebouwd: je begint met korte
momentjes, en dan gaandeweg, naarmate de dramatiek en de spanning
toeneemt, ga je langere sequensen gebruiken. Hier is dat niet het
geval. Eén van de vroegste scènes is een dik vijf minuten durende
confrontatie tussen Tsotsi en één van zijn eigen bendeleden. Een
goede scène, maar op dat vroege moment in de film is het te zwaar,
te lang, te veel. Het gevolg daarvan is dat de prent, die nochtans
maar 94 minuten duurt, langer gaat lijken dan hij eigenlijk is,
omdat er nergens een dynamisch deel van de film is waarin alles wat
sneller gaat. Set pieces zijn leuk, maar je moet je publiek erop
voorbereiden.

De fotografie is opvallend romantisch voor een film met een
dergelijk onderwerp, misschien wel té romantisch. We zien de zon
gloeiend ondergaan op een achterbuurt waar kinderen in betonnen
buizen slapen. Tsotsi zelf loopt door een straat in een rijke
buitenwijk waar de bladeren van de bomen aan weerszijden naar
elkaar toegroeien om een soort groene tunnel te vormen. Zelfs een
openingsscène, waarin Tsotsi een man vermoordt op een metrotrein,
is zeer gestileerd, zelfs mooi in beeld gebracht. Alles aan
‘Tsotsi’ is afgeborsteld, en hoewel die visuele stijl een enorm
talent verraadt (want je moet dat soort shots toch maar in elkaar
flansen), kun je je afvragen of dat geen stijlbreuk is met de
inhoud.

‘Tsotsi’ zal volgend jaar gegarandeerd op de programmatie staan van
zowat elke middelbare school van het land, want dat soort film is
het nu eenmaal: het gaat over een belangrijk onderwerp en er wordt
haast continu gebruik gemaakt van een redelijk voor de hand
liggende symboliek. Maar als puntje bij paaltje komt, mist de film
punch. Dit had een emotionele pletwals kunnen en moeten zijn.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

vier × een =