Death Cab for Cutie

AB, Brussel, 07/03/06

Dezer dagen worden we om de oren geslagen met nieuwe groepjes uit
Engeland, die telkens opnieuw de muzikale wereld zullen veranderen,
een nieuwe wereldorde zullen stichten en voortaan de afwas zullen
doen. Wars van die omhooggeschopte hypes zijn er echter ook nog
constantes en die lijken te komen van over de grote plas. Zo is er
bijvoorbeeld Death Cab For Cutie, dat met ‘Plans’ opnieuw een dijk
van een album heeft uitgebracht, dat van de eerste tot de laatste
noot boeit.
Ben Gibbard (jawel, ook de man van The Postal Service en ongetwijfeld nog
enkele andere zijprojecten) en de zijnen hadden dit maal – in
tegenstelling tot de vorige (Transatlanticism-) tour, toen de AB-Club
nog de voorkeur kreeg – de grote zaal nodig om hun ‘volgelingen’ te
huisvesten.

Voorprogramma was John Vanderslice, toch ook al iemand met
een behoorlijke staat van dienst, die zijn nieuwe plaat ‘Pixel
Revolt’ kwam voorstellen. Liedjes die duidelijk in het kielzog van
Death Cab For Cutie passen, werden gebracht voor een toch
behoorlijk (bij momenten zelfs overdreven (of was dat ironie?)
enthousiast publiek.

Bij de entree van de hoofdgenodigden werd al snel duidelijk waar
dit publiek voor gekomen was. Death Cab For Cutie heeft nog steeds
dezelfde klasse die de groep ook al in de Club mocht etaleren.
Gibbard is nog steeds dezelfde aan ADHD-lijdende zenuwpees die zijn
schitterende nummers op de maat van het ene been op het andere
wiebelend bijzonder gedreven brengt. En de respons van het publiek
staat in verhouding tot de liters zweet die de band uit zijn poriën
perst. ‘Marching Bands Of Manhattan’ en ‘The New Year’ zijn de
openers van een set waarvan de nummers elkaar aan sneltreinvaart
opvolgen. Niet dat er veel wordt toegevoegd aan de plaatversies,
maar de energie en de gedrevenheid van deze band werkt op zijn
zachtst gezegd aanstekelijk. Tussendoor wordt nog een paar keer
vermeld dat Death Cab For Cutie uit Seattle, Washington – u
ongetwijfeld bekend van andere groepen – komt, maar daar heeft het
publiek lak aan. Het draait hen om de muziek. Toch maakt de groep
het zijn publiek, dat duidelijk op basis van de twee meest recente
platen is geïnteresseerd geraakt, niet gemakkelijk. Niet meteen de
meest voor de hand liggende of goed in het oor liggende nummers
worden gekozen. Wij horen onder andere ‘Photobooth’ passeren en een
lang uitgesponnen ‘We Looked Like Giants’, waarin Gibbard zich mag
uitleven op een mini-drumstel (basdrum, snare en enkele cimbalen)
om samen met drummer Jason McGerr een uitzinnige drumsolo (samen
met de oeros (of was het de oerram?) van onder het stof gehaald)
mag ten beste geven. Over het algemeen ligt het tempo van de
nummers vrij hoog, hoewel er hier en daar ook tijd wordt gemaakt
voor een iets rustiger nummer (o.a.. ‘What Sara Said’) dat
schitterend wordt opgebouwd. Afgesloten wordt met het absolute
prijsbeest ‘The Sound of Settling’. Ik ben een ‘sucker’ voor
liedjes met pa-pa-koortjes en dit is er één die erg hoog in mijn
persoonlijke top staat.

U hoort het: het was te snel afgelopen, maar gelukkig was er nog
tijd voor een uitgebreide bisset, die uiteraard begon met het
breekbare ‘I Will Follow You Into The Dark’ met Gibbard solo op
akoestische gitaar. Daarna mocht de rest van de groep opnieuw
invallen, wat resulteerde in koortsige versies van onder andere
‘Transatlanticism’ (waarbij de groep zelfs werd overvallen door
enkele overenthousiaste meiden, die de heren enkele tellen van hun
stuk brachten) en ‘Brothers On A Hotel Bed’.

Ik weet niet hoe het met u zat, maar deze jongen keerde met een
breedsmoelkikkerglimlach op zijn smoelwerk huiswaarts om zich – moe
maar gelukkig – naast zijn eega neer te vleien.

In samenwerking met De
Muziekfriek
.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

twee × 2 =