Dennis van Rita




Na het niet bijster memorabele ‘Verlengd
Weekend’
is ‘Dennis van Rita’ de tweede film in een reeks van
zeven tv-producties die Jan Verheyen initiëerde voor VTM. De
zogenaamde “faits divers”-reeks dient nieuw talent een kans te
geven en gaandeweg op een publieksvriendelijke manier ernstige
thema’s aan te snijden. Dat laatste is overigens precies wat Jan
Verheyen zichzelf wijsmaakt, telkens wanneer hij nog een cliché aan
bod laat komen in een voetbalfilm: hopla, weer een ernstig thema op
een publieksvriendelijke manier aangesneden! Zo’n guitigerd is hij
wel, onze Jan. In de praktijk kwam ‘Verlengd Weekend’ echter over als een uit
de hand gelopen aflevering van een matige dramareeks, en ook
‘Dennis van Rita’ weegt duidelijk te licht om op een cinemascherm
stand te houden.

Deze tweede langspeler van Hilde van Mieghem (na ‘De Kus’) draait rond Dennis (Matthias
Schoenaerts), een mentaal achtergestelde jongen van 26, die in de
gevangenis is beland na een verkrachtingspoging. Wanneer hij weer
vrijkomt, besluit zijn moeder Rita (Els Dottermans) om stante pede
een pannekoekenfeest te geven voor de hele buurt, zonder er bij
stil te staan of die mensen daar wel van gediend zijn. Barbara
(Veerle Baetens), de zus van het slachtoffer, protesteert tegen
zijn vrijlating en vreest dat het slechts een kwestie van tijd is
voor Dennis in zijn oude gedrag hervalt. De hele buurt keert zich
tegen Rita.

Ergens onder het dodelijk brave scenario van ‘Dennis van Rita’
schuilt een goeie film. Het gegeven is interessant genoeg: Dennis
is geen slecht persoon, maar hij zit opgezadeld met de seksuele
gevoelens van een man van 26 en het verstand van een kind van acht.
Als je er even van uitgaat dat je als moeder je zoon nooit
vierentwintig uur op vierentwintig in het oog kunt houden, sta je
dus wel degelijk voor een reëel probleem, dat uitnodigt tot een
betere dramatisering dan je hier krijgt. Hoe moet de maatschappij
dit soort mensen opvangen?

Een positief punt is de manier waarop van Mieghem zich ervan
weerhoudt om partij te kiezen: we begrijpen maar al te goed dat
Barbara, die zelf een dochtertje van acht heeft, niet opgezet is
dat de would be-verkrachter van haar zus weer naast haar woont.
Langs de andere kant is er Rita, die zelf blijft herhalen: ‘Wat
moet ik doen? Ik ben zelf toch ook een moeder?’ De psychologische
begeleiding die wordt geboden aan ex-gedetineerden, is een maat
voor niks: ‘Onze behandeling is gebaseerd op zelfanalyse van de
patiënt, dus als de patiënt daar met z’n laag IQ niet toe in staat
is…’

Boeiende vragen dus, die eigenlijk uitgebreider behandeld zouden
moeten worden dan hier het geval is. Hier en daar wordt er wel een
degelijk punt gemaakt, maar telkens wanneer het allemaal wat te
reëel dreigt te worden, grijpen van Mieghem en haar scenarist Hugo
Van Laere in met een lichtvoetig momentje: Dennis en Rita die samen
de ramen kuisen, of Rita die voor het eerst in haar leven de
genoegens van de orale seks mag smaken, nog geen twee minuten nadat
haar zoon in de gevangenis aan puin geslagen werd. Het is niet dat
sociale drama’s geen humor mogen bevatten, maar je mag de
serieux van je film er ook niet mee ondergraven. Hier lijkt
het bijna alsof de regisseur en scenarist schrik hadden om hun
onderwerp op een eerlijke manier te behandelen en dan maar zoveel
mogelijk hebben geprobeerd om de pil te vergulden. Je mag tenslotte
niet vergeten dat ‘Dennis van Rita’ in eerste instantie voor de
televisie is gemaakt, en nog erger: voor VTM.
Publieksvriendelijkheid troef dus. Oprechtheid, daarentegen, is
iets helemaal anders – zelden heb ik bijvoorbeeld een film gezien
met zo’n geforceerd einde. Maar hey, publieksvriendelijk is het
zeker.

Dat gruwelijke VTM-gevoel zet zich ook door in de muziek: elke
seconde van ‘Dennis van Rita’ is vergeven van het geweeklaag van –
ik hou even m’n maag vast – Helmut Lotti. Deze armoedige
ersatz-Pavarotti van de lage landen heeft voor de gelegenheid zelfs
Johann Sebastian Bach gereduceerd tot zijn muziekschrijver, door de
één of andere pathetische tekst te verzinnen op de melodie van Air
voor G Snaar. Dat Lieven Debrauwer zoiets zou flikken, nog tot
daaraantoe, maar van Hilde van Mieghem had ik toch meer smaak
verwacht.

Niettemin zitten er een paar goed geregisseerde scènes in ‘Dennis
van Rita’: er is een heerlijk uncomfortable silence-moment tussen
Veerle Baetens en Tom Van Dijck (die een bijrol heeft als
advocaat): ze gaan samen een koffietje drinken, weten niet wat ze
tegen elkaar moeten zeggen en beginnen dus maar omstandig hun
koekje uit de verpakking te halen. ‘Ik lust dit koekje niet.’ –
‘Oh, moet je dit soms hebben?’ – ‘Neenee, laat maar.’ Die éne
minuut film toont gewoon op zichzelf een fantastisch geobserveerd
moment van sociale onhandigheid. Snij al de rest weg en je hebt een
mooie kortfilm.

En ook heeft van Mieghem (net als in ‘De
Kus’
) alweer enorm veel geluk met haar acteurs. Matthias
Schoenaerts heeft de meest opvallende rol, als licht mentaal
gehandicapte, en slaagt erin om zijn normale persona, zoals we dat
hebben gezien in ‘Any Way the Wind
Blows’
, helemaal te doen vergeten. Els Dottermans is
betrouwbaar als altijd, maar het is Veerle Baetens die steeds meer
indruk op me begint te maken – ze is waarschijnlijk ook de enige
die echt beter zal worden van heel die ‘Faits Divers’-reeks. Ze zat
al in ‘Verlengd Weekend’ en ook in
‘De Hel van Tanger’, één van de volgende titels, zal ze weer
opduiken. Als ze even goed blijft acteren als hier, hoop ik dat ze
zeer snel beter materiaal krijgt om mee te werken.

‘Dennis van Rita’ is een film die goed had kunnen en moéten zijn,
als de makers maar eens het lef hadden gehad om voluit te gaan met
hun gegeven. Licht verteerbare films, dat is allemaal goed en wel,
maar die moeten niét over dit soort onderwerpen gaan.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

een × drie =