Sarah Bettens :: Go

Ons Sarah solo! Wie had dat nog gedacht? Meer dan tien jaar geleden
kon de wereld kennismaken met het frêle meisje met de net iets te
grote gitaar, dat onder de naam Sarah Beth een hitje scoorde met
“I’m So Lonely I Could Cry” en een duet opnam met Frankie Miller.
Een succesvolle solocarrière lag in het verschiet, maar de kleine
Sarah koos voor nestwarmte en richtte samen met broerlief Gert (die
kan ook mooi zingen en gitaarspelen) The Choice op. Buurman en
ontdekker Rocco Granata zorgde voor het spreekwoordelijke duwtje in
de rug en de rest is, zoals dat heet, geschiedenis. We hoeven daar
dan ook niet op terug te komen.
Met dat groepje van Sarah en Gert gaat het tegenwoordig niet meer
zo goed. Het is te zeggen, K’s Choice is officieel “zowat gesplit”
sinds 2002, er wordt niet uitgesloten dat men “ooit nog wel eens”
samen “iets” gaat doen. Op elkaars soloplaten spelen, bijvoorbeeld,
was één van die dingen die nog op de wishlist stonden van onze
Kempenzoon en -dochter.
Tussen droom en daad staan echter wetten in de weg en (in dit geval
vooral) praktische bezwaren. Dat is naar verluidt de reden waarom
er op deze mini-solo-cd geen ex-leden van K’s Choice (zelfs onze
Gert niet!) te horen zijn. Ons Sarah woont nu immers in God’s
country
, en daar fiets je natuurlijk niet zomaar even naartoe
om enkele noten in te spelen. Gelukkig waren er een paar
Amerikaanse meneren die maar al te graag hun diensten aanboden om
haar te helpen bij haar soloproject.
Ik heb deze mini-cd een 2 op 5 gegeven. Dat lijkt op het eerste
gezicht niet veel, maar… Ten eerste gaat het hier natuurlijk maar
om een mini-cd (als iemand op zijn examen slechts de helft van zijn
blad invult, dan krijgt die toch ook geen 100%, ook al is die
ingevulde helft helemaal correct?). Ten tweede ben ik nooit een fan
geweest van K’s Choice (eerder integendeel), ook al is Gert één van
de sympathiekste en meest bescheiden muzikanten die er op deze
aardkloot rondlopen.
De plaat opent met ‘Go’, een leuk uptempo nummer, dat door de echte
K’s Choice-fans ongetwijfeld met open armen zal ontvangen worden.
Een raszuivere Bettensiaanse strofe, een catchy refrein dat
de song opentrekt zoals een meisje-van-plezier de gulp van een
oververhitte pastoor; met andere woorden, een nummer waarnaar menig
radiomaker geregeld zal teruggrijpen om een programma van een
streepje muziek te voorzien. Nummer twee, de iets ruigere single
‘Fine’, mag er – hoewel iets minder Choiceaans en ondanks het net
iets te hoge testosterongehalte van de gitaren – ook best wezen.
Met ‘Grey’, een ballad die door de fans hoogstwaarschijnlijk zal
worden uitgeroepen tot het schoonste liedje van de laatste jaren,
had ik het dan weer wat moeilijker. Ook ‘Follow Me’ leek me –
ondanks het iets hogere tempo alweer – een beetje te licht om boven
de middelmaat uit te stijgen (bemerk de contradictie in deze zin).
Afsluiter ‘Don’t Stop’ vond ik dan weer wel een leuk nummer, hoewel
ik echt geen boodschap had aan de belerende tekst. (Maar soit,
let the music do the talking, nietwaar?)
Slotsom: ik ben erin geslaagd een Bettensplaat uit te zitten zonder
me mateloos te ergeren, integendeel. Natuurlijk moet het echte
grote werk nog komen, naar verluidt tegen het einde van het jaar.
Deze mini-cd is niet meer dan een teaser. Daarom hechten we
aan deze plaat evenveel betekenis als aan een oefeninterland van
onze Rode Duivels. De fans zullen met dit schijfje echter opgetogen
zijn, daar ben ik haast zeker van. Wij van onze kant waren even
tevreden geweest met een paar ijzersterke singles, die ons moeten
warm maken voor die eerste echte, volwaardige soloplaat.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

12 − vijf =