Fly Pan Am :: Frontera

In 2004 besloot Fly Pan Am na nauwelijks drie, voornamelijk goed onthaalde albums, er zonder veel boe of ba de brui aan te geven. De band rond Roger-Tellier Craig, toenmalig gitarist bij Godspeed You! Black Emperor, trad in 2018 echter al even onverwacht opnieuw op, waarna niet alleen een nieuw album volgde (C’est ça, 2019) maar ook de ‘soundtrack’ Frontera.

Rond de eeuwwisseling gold (Le) Fly Pan Am nog als de vreemdste eend in de bijt van het label Constellation Records, dat in 1997 opgericht werd in het Canadese Montreal. Paradepaardje en vlaggenschip was zonder meer Godspeed You! Black Emperor, tevens een belangrijke vaandeldrager van het genre postrock. Zowat alle leden van die band, inclusief frontman Efrim Menuck, waren in meer dan een groep tezelfdertijd actief, maar Godspeed You! Black Emperor werd – al dan niet terecht – als het centrum gezien waarrond de andere bands cirkelden. Dat het merendeel ervan varianten op postrock in de brede zin bracht, speelde uiteraard een rol, zelfs wanneer ze meer puur geluid- of sfeergericht gingen.

Het meest uitgesproken daarin was zonder twijfel (Le) Fly Pan Am. Van bij de start combineerde de groep krautrock en musique concrete tot een intrigerend geheel dat zich niet zozeer richtte op explosieve uitbarstingen als wel op stuwende soundscapes en botsende klankpatronen. Toen Godspeed You! Black Emperor het in 2003 tijdelijk voor bekeken hield opdat de leden zich konden concentreren op hun eigen bands, zou paradoxaal genoeg net Menucks andere band, A Silver Mt. Zion (en zijn vele afleidingen) een resem nieuwe bands onder de aandacht brengen terwijl de oude een voor een van het toneel verdwenen. Ook voor Fly Pan Am viel het doek, waarna het rond alle leden opvallend stil werd.

In 2018 trad de groep echter onverwacht opnieuw op en bevestigde een jaar later met een nieuw album C’est ça dat het nog steeds zijn ondefinieerbare koers voer. Op basis van de plaat valt nauwelijks te geloven dat er ruim veertien jaar tussen dat album en N’écoutez-pas ligt, zozeer sluiten ze bij elkaar aan. Ook Frontera zoekt dezelfde paden op, zelfs al heeft het dan een heel andere inslag. Het is immers geen regulier studio-album maar een soundtrack geschreven voor een voorstelling van het hedendaagse dansgezelschap Animals in dinstinction. Hoe het zich verhoudt tot die voorstelling valt moeilijk op te maken, COVID-19 stak daar immers een stokje voor. Dat het album de dunne lijn bewandelt tussen de dienende rol waarvoor het geschreven is en de nood om ook op zichzelf te staan, is tussen de noten duidelijk hoorbaar.

Maar Fly Pan Am, dat zich nooit aan het cliché van de imaginaire soundtrack verbrand heeft, beseft dat een album als dit ook buiten de realiteit van de voorstelling een waarde dient te hebben. In die optiek klinkt Frontera niet zo anders dan de studioplaten en kan de plaat zelfs los van zijn ontstaansgeschiedenis geapprecieerd worden. Desondanks is het moeilijk om het album er meteen los van te koppelen, meer bepaald openingsnummer “Grid/Wall” blijft nog te veel steken op de achtergrond om echt te overtuigen. De beat is duidelijk Motorik (een pompend 4/4-ritme), maar het door gitaren gecreëerde klanktapijt dat er boven geweven wordt, blijft zichzelf herhalen zonder echt een trancegevoel op te roepen. Pas in de laatste minuten (de song haalt net geen acht minuten) wordt het interessant, waarmee meteen ook de overgang naar “Parkour” vlot ingezet wordt.

Die song gaat niet alleen met het ritme aan de haal, maar laat de gitaren ook veel ijziger klinken waardoor onmiddellijk een interessante spanningsboog opgebouwd wordt. Een echte uitbarsting blijft uiteraard uit, maar Fly Pan Am weet wel een interessante dynamiek tussen de instrumenten op te roepen die zich ongetwijfeld ook in een intrigerende dans vertaalt. Wanneer de groep naar het einde toe zelfs enig naar black metal knipogend gekrijs toevoegt, treedt een nieuwe dimensie op die de song een extra lading geeft. Na zoveel geweld is het niet verwonderlijk dat “Scanner” zich op het pad van de electro begeeft en hint naar paranoia, controle en gevoelens van onbehagen. Het is intrigerend te horen hoe de band het geweer van schouder verandert en die trend verder zet in “Sealing”.

De technologische dreiging en anonieme machineterreur krijgen hier immers een vervolg. Ditmaal is het vooral een combinatie van dreunende ritmes en mechanische klanken die het gevoel oproepen in een dystopische droom beland te zijn. Het is een aangenaam ontwaken met “Parkour 2” dat een heel andere richting inslaat dan zijn naamgenoot en kiest voor speelsere gitaren die ondersteund worden door een weliswaar ritmisch maar nooit dwingend aanvoelend drumritme. Doorheen het nummer ontstaat een melodisch spel dat nogmaals onderstreept hoe een uitbarsting of ontlading geen einddoel hoeft te zijn, soms is een eenvoudig wegdeemsteren even sterk. Dat werkt in het bijzonder omdat met “Body Pressure” opnieuw gekozen wordt voor een soundscape.

Ditmaal is er gelukkig niet zozeer sprake van dreiging of terreur, wanneer een ritme in de laatste minuut het overneemt, is er zelfs een soepele overgang naar “Fences”. Het voelt wat onlogisch aan om beide nummers van elkaar los te koppelen, zozeer vormen ze een geheel, met in de eerste helft een subtiel electropalet en in het tweede deel, via drums en gitaar, een al even geschakeerd klankenpatroon en sfeerbeeld. Dat het drumritme moeiteloos doorloopt in “Frontier” benadrukt nog meer hoezeer dit drieluik de facto één nummer is dat langzaam maar zeker transformeert. Het nummer of laatste luik is het meest uitgesproken krautrock van de drie met elementen van Faust en Can in de manier waarop de drum voorthobbelt terwijl de gitaren schuren en pulserende klanken de aandacht opeisen.

Frontera verraadt slechts nu en dan zijn oorsprong als compositie geschreven voor een dansproductie. Vooral wie bekend is met Fly Pan Ams eerdere werk zal opmerken hoe de band hier een meer rechttoe-rechtaan aanpak opneemt en de verschillende nummers onderscheidt veeleer dan binnen de songs zelf mozaïsch aan het werk te gaan. Het zorgt ervoor dat binnen Frontera de krautrock-aanpak overheerst. Een bezwaar kan dat nauwelijks genoemd worden, Fly Pan Am is nooit zomaar een doorslagje van geweest en heeft altijd een eigen stem gehad. Dat die op Frontera iets minder gevarieerd klinkt dan op de studio-albums is dan ook een opmerking in de marge. Want zo er een groep uit de Constellation-stal opnieuw naar voren mocht treden, dan is het deze wel.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

een × drie =