Sarah Meuleman :: De vondeling

In welke mate kunnen we op onze zintuigen en ons geheugen vertrouwen? Waar houdt de waarheid op en begint de leugen? In welke mate maken beiden deel uit van eenzelfde verhaal en wie heeft het recht zich dat verhaal toe te eigenen en eigen te maken? Het zijn maar enkele van de vragen die al dan niet rechtstreeks aan bod komen in Sarah Meulemans tweede roman De vondeling waarbij Robin, een jonge vrouw terug keert naar het (zomer)eiland van haar jeugd in de hoop enkele antwoorden te vinden.

Meuleman die, hoewel geboren in Oostende en opgegroeid in Gent, vooral in Nederland carrière maakte als journaliste debuteerde in 2015 met De zes levens van Sophie dat een jaar later in een remix opnieuw verscheen als Wat ik je niet vertel en in 2018 onder de titel Find Me Gone in de VS, Canada en het Verenigd Koninkrijk. De roman gaat over twee jeugdvriendinnen die alles delen tot een van hen op twaalfjarige leeftijd spoorloos verdwijnt, waarna via tijdssprongen en terugblikken gaandeweg de hele toedracht ontrafeld wordt. Die manier van vertellen en verhalen lijkt een van de favoriete technieken/uitgangspunten van Meulemans mysteries te zijn. Ook in De Vondeling maakt ze immers gebruik van sprongen naar het heden, verleden en toekomst om haar verhaal te vertellen.

In 1968 vindt de achtjarige Robin op het strand van de Britse Isles of Scilly een dode baby, gewikkeld in doeken. Aanvankelijk denkt ze aan een pop maar zodra de gruwelijke ontdekking tot haar doordringt, laat ze het kind achter om hulp te zoeken. Wanneer ze terugkeert met Winni (haar moeder) is de baby echter verdwenen en besluit haar moeder dat het niet meer dan een waanvoorstelling was van een fantasierijk kind. Robin zelf twijfelt er echter niet aan en zal terwijl ze opgroeit blijvende visioenen en nachtmerries overhouden aan het gebeuren. Wanneer Winni overlijdt, laat ze haar alleen een foto achter, met op de achterkant de cryptische boodschap “het spijt me, zorg dat je haar vindt”. Het zijn de laatste woorden van haar moeder, een vrijgevochten vrouw die met haar dochter in een commune leefde en jaren geleden al alle contact met haar enige kind was kwijtgeraakt.

Door de foto overtuigd dat het geen inbeelding was, keert Robin terug naar de eilandengroep waar ze als kind zo vaak verbleef. Het eiland is echter een gesloten gemeenschap van vissers die behoudens in het toeristische seizoen geen buitenstaanders duldt. Hoewel Robin zich met het eiland verbonden voelt, wordt ze door de eilandbewoners zelf als een vreemde beschouwd ook al herinnert iedereen zich haar en haar moeder (die van het eiland afkomstig is). Op de stugge en zwijgzame taxidermist Faber na, bekijkt het eiland haar haast vijandig, zelfs met haar vroegere jeugdvriendin Tess (ethnisch half-Chinees en dus ook ten dele een buitenstaander) verlopen de contacten soms stroef, al besluit Tess wel Robin te helpen in haar zoektocht naar de waarheid.

De grootste schok krijgt Robin echter wanneer ze in contact komt met Vera, de zus van Winni en de tante die ze nooit gekend heeft. Samen met Richard woont ze in een modernistisch huis op het kleine eiland Gugh, en tracht ze de band met Robin aan te halen. Die laatste heeft echter een ongemakkelijk gevoel bij de familie die ze nooit gekend heeft en gaandeweg ontdekt ze dat zij, net zoals de rest van het dorp, meer weten over wat er zoveel jaren geleden gebeurd is en dat geheim voor Robin verborgen houden. Uiteraard ontrafelft het verhaal zich steeds verder inclusief enkele verrassende wendingen maar toch is het Meuleman niet louter om de onthulling te doen, als wel om de manier waarop verhalen ontstaan en verteld worden.

Het verhaal van Robin komt de lezer dan ook niet rechtstreeks te weten maar via de dertigjarige bejaardenkapster/schoonheidsspecialiste Rebecca, die in 2035 in New York tracht een eigen zaak uit te bouwen in het moderne rusthuis Mimosa. Op een dag maakt ze kennis met een excentrieke oude vrouw die nooit haar verduisterde kamer verlaat, en zich omringd weet met allerlei opgezette dieren. Geïntrigeerd door de jonge vrouw besluit ze haar een verhaal te vertellen over hoe een klein meisje op een eiland een dode baby vond en twintig jaar later besloot te achterhalen wat er werkelijk gebeurd was. Geboeid door het verhaal ontstaat er een vriendschap tussen de vrouwen waarbij Rebecca langzaam maar zeker zich uit haar beknellende en veilige leventje (inclusief vastgelopen relatie) wringt terwijl de oude vrouw, waarvan Rebecca vermoedt dat het Robin is, eindelijk haar kamer (en verleden) durft te verlaten. Na de dood van de oude vrouw besluit Rebecca om Isles of Scilly zelf te bezoeken, niet alleen in de hoop te achterhalen in hoeverre het verhaal van de oude vrouw waar was maar ook om zichzelf opnieuw te vinden.

De manier waarop Meuleman heden, verleden en toekomst in elkaar laat ingrijpen, toont duidelijk aan hoezeer ze haar verhaal en verteltechniek beheerst. De interacties tussen de oude vrouw en Rebecca onderbreken het verhaal van Robin telkens op de juiste momenten zonder dat er echt sprake is van cliffhangers. In essentie is de band die tussen beide vrouwen ontstaat en de beslissing van Rebecca om haar eigen leven meer in eigen handen te nemen evenzeer relevant binnen de roman en ontwikkelt deze verhaallijn zich parallel aan de ontrafeling van het mysterie. Voor Meuleman vormt het geheim van de dode baby die er al dan niet was, dan ook niet de essentie van haar roman. Veeleer is het een achtergrond die duidelijk maakt hoezeer gebeurtenissen tot een verhaal kunnen leiden dat los staat van feiten en verteller. In die optiek vormt de gesloten gemeenschap evenzeer een belangrijke rol.

Het knappe aan de roman is dat hoewel de eilandbewoners, inclusief Tess en Faber, maar een ondergeschikte rol spelen, zij ook een belangrijk onderdeel uitmaken van het verhaal waarbij gaandeweg steeds duidelijker wordt dat ook zij meer weten of vermoeden dan ze laten uitschijnen. Of er al dan niet een dode baby op het strand lag, mag voor Robin zelf dan wel belangrijk zijn, voor het verhaal is het dat veel minder. De interacties tussen de verschillende personages zelf lijken vaak relevanter te zijn dan de personages en hun individuele levens. Zelfs Rebecca en Robin, die als de twee hoofdpersonages beschouwd mogen worden, krijgen niet echt een diepgaande analyse mee maar spelen evenzeer hun rol binnen het grotere geheel van de vraag naar wat waarheid en wat verzinsel is, en de mate waarin het onderscheid tussen beide er echt toe doet.

Met nauwelijks twee romans onder de arm toont Sarah Meuleman zich als een begenadigd schrijver en verhalenverteller die op een vlot leesbare manier bepaalde vragen en ideeën naar voren brengt zonder zich in hoogdravendheid te verliezen. Hoewel ze duidelijk thema’s uit de grote literatuur aanhaalt, is het geenszins haar bedoeling dergelijke romans te brengen. Dat kan alvast afgeleid worden uit haar taalgebruik en de manier waarop ze haar verhaal vertelt. Of het haar ambitie is in de toekomst wel dat pad te bewandelen, valt moeilijk af te leiden uit de beperkte output maar is momenteel ook geen relevante vraag. De vondeling is immers meer dan lezenswaardig genoeg en rechtvaardigt vooralsnog een derde roman van deze nog jonge auteur.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

5 × vier =