Het studiodagboek van Barely Autumn :: Deel 4: magische drankjes en schilderijen

Barely Autumn, de band rond zanger/muzikant Nico Kennes (Mosquito, Illuminine), werkt momenteel – in complete isolatie te midden van de Ardense bossen – aan haar debuutplaat. Op enola verneem je op gezette tijden hoe het hen daar vergaat. Vandaag: het slot.

Dag 8

De achtste dag beloofde een belangrijke te worden. Want na een weekje bier verkopen, kon drummer Bram Vandermotte de gang weer vervoegen. Maar eerst dienden er nog heel wat zangtakes worden opgenomen. En dus begon ik de dag met mijn “magische” potion: zwarte tee met verse gember, acacia-honing en een schijfje citroen. Lap, weeral een trapje of drie, vier gedaald op de stairway to rock-&-rollheaven.

Zoals gebruikelijk duurde het desondanks even voor mijn stem “op temperatuur” was. En zo was het al snel weer tijd om een laat middagmaal te verorberen, terwijl we nog maar één vocal hadden kunnen bolwerken. Niettemin weerklonk in de wandelgangen een vrolijk “Ronny got shnizzle in the nizzle” bij monde van onze Woudio (de productionele nickname-machine was niet meer te stoppen). Het ging om een vrije interpretatie van één van de Barely Autumn-nummers op de plaat.

Uiteindelijk slaagden we er toch in onze planning min of meer te benaderen, zodat we ons des avonds rijkelijk konden amuseren met percussie en unheimliche geluidjes. Het feit dat Bram was binnengestrompeld met bruine rum en twee flessen rode wijn heeft mogelijks in zekere zin aan die uncanniness bijgedragen.

Dag 9

De volgende ochtend was de vermoeidheid zo mogelijk weliswaar nog groter dan de kater. En dat terwijl ik toch nog van twee nummers de zanglijnen moest inzingen, alvorens groovemaster Gil onze rang opnieuw zou vervoegen. Maar eerst mochten we nog iemand anders verwelkomen: de heer genaamd Wally een – sinds onze kindertijd bevriende – schilder annex tekenaar kwam Barely Autumn gebruiken als muze.

De vruchten daarvan zijn momenteel nog niet voor publicatie vatbaar, en zullen dat misschien nooit worden? Maar één ding is zeker: waar Wally is, is chillheid. En zo was ons nest al goed opgewarmd – aan de elektrische vuurtjes zal het niet gelegen hebben – toen de bassist zijn glorieuze intrede maakte.

Wat volgde was een amalgaam van totaal overstuurde synths en kapotte fuzz-gitaren. Bij Barely Autumn, vraagt u? Ja, bij Barely Autumn, godverdomme. De laatste dag mocht alles naar de kl*ten.

That’s a wrap

Enkele uren later fonkelden de dauwdruppeltjes alweer op de bevroren grassprieten. En dat beeld werd aromatisch begeleid door de odeur van een versgebakken omelet. Zo, onze magen zaten vol en onze hoofden waren leeg. Nog enkele finishing touches om vervolgens alle tracks nog een laatste keer te beluisteren en daarna volledig los te laten.

Onze studiotijd zat er dus al bijna op. Onvoorstelbaar hoe je iets zo intens kan beleven en het tegelijk niet helemaal kunt vatten, op de één of andere manier. Op de vraag waarmee we aan dit project – en aan dit dagboek – begonnen, namelijk wat een muzikant vandaag nog in een opnamestudio te zoeken heeft, hebben we vooralsnog geen sluitend antwoord. Maar één ding is zeker: voor Barely Autumn voelde dit juist aan. Meer nog: het had niet anders gekund. En als we die redenering doortrekken, geldt er eigenlijk maar één gouden regel: doe gewoon jouw fucking goesting! Volg je gevoel, om het iets mooier te formuleren.

Muziek – en bij uitbreiding kunst in het algemeen – is iets heel delicaats. Dus doe vooral niets waar je jezelf niet goed bij voelt. Als er al iets is dat ik dezer dagen geleerd heb, dan is het wel dát. En dat je niet op de gang moet trekken, natuurlijk.

Uhg!

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

vijftien + 11 =