Het studiodagboek van Barely Autumn :: Deel 2: maïs- & muizenpret

Barely Autumn, de band rond zanger/muzikant Nico Kennes (Mosquito, Illuminine), werkt momenteel – in complete isolatie te midden van de Ardense bossen – aan haar debuutplaat. Op Enola verneem je op gezette tijden hoe het hen daar vergaat.

Uren werden dagen, dagen werden nachten, en plots zaten we zowaar halverwege de opnames. Hoogtijd om nog eens update het wereldwijde web in te sturen. Als bij wonder was de voltallige ritmesectie erin geslaagd hun grillen en grollen te condenseren tot een strakke 48 uur. Reden genoeg om hen zondagavond – na een dag vol deadlines, fresh pots en Excel-stress van de drummer – uiteindelijk de gitzwarte Waalse nacht tegemoet te sturen.

Enkele cymbaal-overdubs, veel te veel Mexican Peppers-chips en wat rode wijn later, volgden knopjesman Wouter en ikzelf dat goede voorbeeld, zij het vanuit onze respectievelijke slaapzakken.

Dag 3

Le lendemain leerde ik dat je met maïsolie niet alleen groenten kan stoven. Het werkt kennelijk ook prima om je tronie in te smeren. “Mega-goed voor de huid”, zo bleek. Gekke Wouter! En zo waren de twee enige overgebleven heerschappen in de studio er eentje die dagcrème op z’n kalende knikker kapt en eentje die rondsloft in zijn grijze joggingbroek en bompa-sloefen. Rock and – fucking – roll, bitches!

Anyway. Tussendoor werd er ook nog wat aan ‘muziek’ gedaan. Je weet wel, die overgesubsidieerde commerciële kunstvorm die ongeveer vijftien jaar achterop hinkt. Op dag drie registreerden we de gitaargeluidsgolven voor de nummers die hoogstwaarschijnlijk “All My Heroes Are Dead”, “Leave This Place” en “Songs (I Like to Listen to)” zullen gaan heten.

Het inspelen van zo’n takes duurt door de band genomen niet zo lang. Het kiezen van de juiste versterker en gitaar, en het afregelen van de pre-amps en compressoren – daarentegen – stelde ons geduld al meermaals op de proef. Nu ja: het belang daarvan valt moeilijk te onderschatten. Daarom zitten we uiteindelijk in “de studio”. Benieuwd naar hoe dat uiteindelijk zal gaan klinken.

Dag 4

Maar eerst: nóg meer opnemen, natuurlijk. De vierde dag werd alweer op gang getrokken door een overheerlijk ontbijt van mr. Vlaeminck (ergens in de verte hoor ik hem denken: “maar je moet niet op de gang trekken, zoiets doe je in je slaapkamer”). Hoe dan ook, een tip bij je zoektocht naar een geschikte producer: check even of hij kan koken. Je zal het je niet beklagen.

Na het verorberen van al dat lekkers volgden nog drie andere nummers – zowel akoestisch als elektrisch. Vervolgens luisterden we nog eens naar de allereerste zangtakes, die we de dag ervoor in het holst van de nacht hadden opgenomen. Dat had ons toen een uur of vijf gekost, maar het was de moeite waard geweest, zo bleek. Vet!

Toch kwam er een beetje smet op die verder volstrekt gemoedelijke vierde opnamedag. Voor mij, omdat de videomaker die normaliter ging komen filmen op het allerlaatste nippertje had afgezegd. Voor Wouter, omdat we plotseling wel érg onaangekondigd bezoek kregen van… Joske de muis! Daar zat hij dan, verscholen achter een kakigroen pedaalkoffertje. Zich compleet onbewust van waarom die gekke man met z’n blauwe kap zijn aanwezigheid niet helemaal op prijs stelde: trippelend van links naar rechts, zoekend, tot hij uiteindelijk een gangetje vond onderaan de trap. En hup, weg was ie.

Tot tien minuten later zijn zwangere vrouwtje ten tonele verscheen! Daar zij iets minder mobiel bleek te zijn, trok ik mijn stoute schoenen aan (a.k.a. mijn sloefen) om haar – middels een snijplankje en een vergiet – weer aan de vrije natuur toe te vertrouwen. Geen idee of dat een goed idee is: zwangere muizen in de vrieskou naar buiten kieperen. En anders: sorry, Natuurpunt!

Maar eind goed, al goed: alweer een productieve tweedaagse. Benieuwd naar wat nog komen gaat!

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

veertien − tien =