Daughter :: ”Drummers hebben ook gevoelens”

Daughter is al lang niet meer de zoldervondst die het een jaar of vijf, zes geleden was. Vandaag is Daughter een volwaardige band die steeds dieper graaft om zichzelf niet te beperken. In de art-decolobby van het Brusselse hotel The Dominican praat het drietal honderduit over het nieuwe, tweede album Not To Dissapear, over de verschillende samenwerkingen op alle mogelijke vlakken die daar aan te pas kwamen en over wat er precies zo natuurlijk is aan afwassen in New York.

enola: If You Leave heeft jullie als band op de kaart gezet, wat doet deze nieuwe plaat voor jullie?
Elena Tonra (zang): Ik denk dat dat open ligt om zelf te interpreteren. Qua proces en totstandkoming was er veel meer onderlinge samenwerking, vanaf het begin al. Op de vorige plaat zijn veel nummers geschreven met alleen gitaar en zang en dat was dan een skeletstructuur die al vaststond en waar rond gebouwd werd. Nu ging het echt om samenwerken, verschillende ideeën uitwerken en experimenteren met klanken. Dit is dus onze meer experimentele plaat.
Remi Aguilella (drums): Het is een progressie van wat we op de eerste plaat gedaan hebben. Na de opname van de eerste plaat hebben we veel getourd. Het is interessant om te bedenken hoe die plaat zou geklonken hebben als we ze aan het eind van de tour hadden opgenomen. De nummers zijn gaandeweg veranderd: soms intenser, soms stiller.
Tonra: Het is in ieder geval een meer zelfzekere plaat dan de eerste. De eerste maakten we omdat we nu eenmaal moesten leren wat het is om een plaat te maken. Die ervaring hebben we gebruikt om te bepalen wat we wel en niet wilden doen deze keer.
Igor Haefeli (gitaar): Een verschil met vroeger is dat het ontstaan van de muziek en de teksten meer gecombineerd gebeurden dan voordien. Organischer. Het hangt natuurlijk ook van het nummer af, maar wat heel leuk was, is dat we onszelf alle tijd en ruimte gegeven hebben om het te laten gebeuren.

enola: De titels van beide albums, If You Leave en Not To Dissapear lijken aan elkaar verwant, is dat ook zo?
Tonra: Het is toeval, maar het valt inderdaad op dat ze iets met elkaar te maken hebben. We hebben er nooit over nagedacht in de zin dat het een voortzetting zou zijn. Puur thematisch misschien wel. Als we een titel kiezen, gaan we voor een stuk tekst dat representatief is voor de hele plaat. If You Leave komt uit het nummer “Shallows”, Not To Dissapear komt uit “New Ways”. Het is een tegenreactie op eenzaamheid: door te zeggen dat je niet weggaat.
Haefeli: Een albumtitel is belangrijk, maar het is altijd iets dat op het laatste moment gebeurt, de final touch. De werktitel was helemaal niet bepaald sprankelend, gewoon album nr. 2 (lacht).

enola: Igor, ik weet dat je graag bezig bent met structuren en klanken, was deze plaat een speeltuin in dat opzicht? De plaat klinkt in ieder geval meer gedetailleerd en gelaagd.
Haefeli: Ja, ik denk dat het dat voor iedereen wel was. Maar als ik persoonlijk mag antwoorden, zou ik zeggen dat er zeker meer ruimte was om nieuwe dingen te doen, zonder in de weg te staan van de zangpartij. Er zijn meer instrumentale stukken, of stukken waar de zang geen hoofdrol opeist. De plaat is er op gericht om verschillende kanten uit te gaan en meer te experimenteren, met synthesizers bijvoorbeeld. Ik heb ook mijn live gitaarsetup mee in de studio genomen. We werken graag met het contrast tussen de teksten en de muziek. Die twee zijn niet altijd gelinkt aan elkaar. Ik hou echter niet zo van het woord ‘speeltuin’, hoewel het er wel speelser aan toe ging. Dat vind ik niet respectvol ten opzichte van de songs.

enola: Not To Dissapear klinkt in ieder geval stedelijker. Als ik het met een stad moest vergelijken, zou ik Madrid zeggen; ik hoor er wel degelijk warmte in en het beschikt ook niet over een (te) dominante trekpleister.
Haefeli: Leuk dat je aan een stad denkt in verhouding met If You Leave, dat meer landschap-gebaseerd was. Deze plaat is inderdaad stedelijker: hoge gebouwen, een meer claustrofobisch gevoel. Ik ben het er ook mee eens dat het een zuidelijke stad is. Er is meer zon dan op If You Leave … op de Daughter manier, ik heb het niet over zomerhits (lacht).
Aguilella: Als ik me probeer in te beelden waar ik graag naar deze plaat zou luisteren, dan is dat misschien wel in Reykjavik, in de zomer. Het is klein genoeg om je er te voet door te bewegen. Het is prachtig. In de zomer zonnig, maar niet te warm. En misschien een beetje melancholisch, zoals Daughter.

enola: Melancholisch, inderdaad. Veel reviews zullen ook weer ongetwijfeld de woorden ’emotioneel’ en ‘triest’ gebruiken; ik hoor echter ook een stuwende energie die jullie door de meeste nummers jagen.
Tonra: Bedankt, dat is leuk om horen, want we hebben een reputatie van sad kids, die alleen maar trieste muziek maken …
Haefeli:Terwijl die veralgemening een beetje lui is.Tonra: Kwetsbare, eerlijke muziek maken is niet noodzakelijk iets negatief. Ik krijg het gevoel dat mensen vaak denken ‘komaan, kop op’, maar daar gaat het mij helemaal niet om. De dingen die ik schrijf zijn heel belangrijk voor mij. Ik zou er mee kunnen stoppen, maar dan probeer ik iemand te zijn die ik niet ben. Dat zou natuurlijk zinloos zijn. Dus ik ben blij dat er ook iemand hoop in hoort.
Haefeli: Trieste gedachten herkennen en er je vinger op kunnen leggen is heel bevrijdend. Je kunt woorden plakken op wat je effectief voelt, wat soms heel moeilijk is. Op dat vlak is onze muziek verheffend, daar streven we naar.

enola: Elena, jij krijgt vaak vragen over je teksten, waarom is dat, denk je?
Tonra: Ik denk dat ik veel weggeef in mijn teksten, maar niet alles. Dat lokt makkelijk vragen uit. “Wacht eens, over wie gaat dit dan? Waar was dit? Geef me een tijdstip en een plaats.”. Dat is menselijk, denk ik. Ik heb er al met veel mensen over gepraat en ik geef wel graag enkele details, maar bij andere dingen heb ik het gevoel dat ik met de tekst al gezegd heb wat ik moest zeggen. Op het eerste album was ik erg gesloten, als je me toen een vraag over de teksten stelde, zou ik er niet op ingegaan zijn. Op dit album ben ik iets opener, ik weet niet waarom dat juist is. Bij dit album is alles ook meer … ik probeer niks te verbergen in verschillende lagen of onder poëtische verwoordingen of metaforen, alles is meer rechttoe rechtaan. In If You Leave zat veel meer symboliek terwijl ik nu gewoon zeg hoe ik me voel.
Aguilella: Ik zou niet willen vragen waar een nummer over gaat, het laat geen ruimte meer voor verbeelding. Zelfs als bandlid: als een nummer me op een avond op een bepaalde manier raakt, dan zal ik het die avond ook op die manier spelen. Liever zo dan er me gewoon bij neerleggen en als een robot te spelen. Drummers hebben ook gevoelens (lacht).

enola: Iets anders, de opnames gebeurden in New York met Nicolas Vernhes (die eerder al werkte met The War On Drugs, Animal Collective en Deerhunter, jp), hoe was dat?
Tonra: Geweldig. Het was hard werken gedurende enkele intense maanden, bijna dagelijks de klok rond. We hebben zelf alles in demo’s gegoten gedurende een jaar, tot op het punt dat het materiaal af was en alleen nog goed moest opgenomen worden. Een heel intensieve periode , we waren op dat moment een beetje leeg. We spraken met Nicolas, via Skype want we hadden hem nooit eerder ontmoet (lacht) en hadden heel veel zin om met hem samen te werken. Hij heeft een studio in Greenpoint, Brooklyn en het deed echt deugd om eens op een nieuwe plaats te zijn, dat zorgde voor een energieboost. Het haalt je uit een sleur, in plaats van in Londen thuis te komen en de afwas te doen … terwijl je afwas doen in een Airbnb in New York al een avontuur lijkt (lacht).

enola: Wat was de bijdrage van Vernhes precies, als jullie al zo ver stonden en wisten hoe de plaat moest gaan klinken?
Tonra: de arrangementen, melodieën en teksten stonden min of meer vast, maar op het vlak van sound en opnametechnieken is er veel geëxperimenteerd. Hoe iets precies moest klinken, door een versterker of opgenomen op een taperecorder … Het eindstuk van “Fossa” bijvoorbeeld is helemaal geëvolueerd toen we in New York waren.
Haefeli: Als je aan een nummer werkt, is er altijd een punt waarop je denkt dat je klaar bent, maar een tijdje later besef je pas dat je er nog veel meer mee kunt doen. Het is ook vaak een kettingreactie: door een iets te veranderen moet er nog iets anders veranderen en dan nog iets anders … it’s a Django thing. “No Care” is misschien ons meest atypische nummer op de plaat. Aanvankelijk was het tempo en de energie lager. Ik had een cheezy drumloop gemaakt. Op een avond gooide Nicolas Remi in een aparte kamer en liet hem verschillende ritmische fills en wat nog allemaal inspelen. Dat heeft het nummer gedefinieerd tot wat het vandaag is. Het is ook een heel mooie inspirerende studio: houten plafond, bakstenen muren, alles in het wit. En er staat een verbluffende oude piano uit de 19de eeuw. Een mix van mooie vintage en nieuwe spullen, helemaal volgens onze mindset.

enola: De nieuwe singles en bijhorende video’s worden met mondjesmaten uitgebracht. Hoe belangrijk is de visuele link met jullie muziek?
Tonra: Heel belangrijk, zeker en vast. De manier waarop we onze muziek zien, al moet ik voor mezelf spreken want Igor is nog veel visueler dan ik, past echt bij de stijl van Jane en Iain (Jane Pollard en Iain Forsyth, een filmmakersduo uit Londen, jp). Ze hebben ook onze eerste video ooit gemaakt, voor “Still”. Ze vatten onze muziek op een visuele manier die wij niet kunnen, mijn brein werkt gewoon niet op die manier. Die goeie connectie was er al vanaf het begin. Het idee achter deze nieuwe video’s is dat ze een soort trilogie van kortfilms wilden maken. Ze wilden graag met hun vriend Stuart Evers samenwerken, een auteur. Hij heeft drie kortverhalen geschreven, gebaseerd op de songs, die op dat moment hun laatste mixronde ondergingen. Het was een aangename samenwerking: een auteur, twee filmmakers en drie muzikanten.

enola: Voor de albumcover klopten jullie dan weer aan bij de schilderes Sarah Shaw.
Haefeli:Klopt. Ik heb haar ontdekt via mijn vriendin. Toen we haar contacteerden kwamen we er achter dat ze onze muziek waardeert. Ze had dus geen bezwaren om ons het werk (“The World Is Spinning Around”, jp) te laten gebruiken. Het is een heel evocatief schilderij dat goed werkt als cover. Er is nog een tweede schilderij dat aan de binnenkant van de gatefold gebruikt wordt.
Tonra: Tot nu toe gebruikten we altijd een fotografische benadering, gaande van dwaze kinderfoto’s (van Elena Tonra zelf, jp) tot foto’s van de fotograaf Eliot Lee Hazel. Het is een progressie binnen steeds dezelfde sfeer, maar wel via een totaal verschillend medium. Als je dan het verhaal van de video’s in het achterhoofd hebt, weet je dat we ons goed geamuseerd hebben om met al die verschillende artiesten samen te werken (lacht).

enola: “Doing The Right Thing”, de eerste single, gaat over dementie en oud worden. Jullie zijn nog jong, is dat iets dat jullie nu al bezig houdt?
Tonra: Ik denk dat ik altijd al een vreemde fascinatie heb gehad voor schrijven over de dood. “Doing The Right Thing” gaat nu niet per se over de dood, maar het is iets dat komt. Soms als je nog jong bent, maar gelukkig meestal als je oud bent (lacht). Het onderwerp van “Doing The Right Thing” is iets heel persoonlijks voor me (Tonra’s grootmoeder lijdt aan Alzheimer, jp). Ik ben blij dat … dat nummer beslist heeft om uit mijn hoofd te vallen. Het beangstigende aan ouder worden is om mensen te verliezen, of ze niet meer te herkennen.
enola: Verandert dat je? Ga je dan lijstjes maken?
Tonra: Op een gekke maar gelukkige manier leven wij eigenlijk al een bucketlist-leven. Ik bedoel, sommige van de locaties waar we al opgetreden hebben … dat is fantastisch. Ik heb ook al een aantal ideeën over wie ik sommige spullen zal schenken. Daar denk ik soms over na en dan plan ik mijn eigen begrafenis. En als ik me bedenk wat ik ooit wilde bereiken … wel, zo slecht heb ik het er tot nu toe niet van afgebracht. Ik hoop niet dat ik volgende week al sterf, maar als het zo is … it’s been a bloody lovely time.

enola: Zo ver is het hopelijk nog niet, want binnenkort start de nieuwe tour ook weer (op 17 januari, jp). Jullie hebben die intensieve periode al eens meegemaakt, gaat het nog spannend zijn?
Haefeli: We hebben het nog niet allemaal gezien. De wereld is groot.
Aguilella: Het is ook heel leuk om naar sommige plaatsen terug te keren. We gaan voor de derde keer naar Japan, de tweede keer naar Tokyo. We zijn nu opnieuw in Brussel, sinds gisteren. Als je steden beter leert kennen, maar ook concertzalen en zelfs het publiek, kijk je er naar uit om er opnieuw te komen. We kijken er trouwens enorm naar uit om weer in de AB te spelen, dat was een geweldige ervaring vorige keer (2013, jp).
Tonra: Het spannendste is natuurlijk dat we nieuw materiaal hebben om te spelen. Zelfs de grootste nadelen wegen niet op tegen het feit dat we gewoon elke avond onze nummers mogen brengen. We hebben te lang binnen in het donker gezeten. Het zal deugd doen om terug buiten te komen …

enola: … om weer snel terug in donkere concertzalen te kruipen?
Tonra: om terug in een grot te kruipen, ja! (lacht).

Daughter sluit het Europese luik van haar tour af op 10 februari in de AB. Net als de show in Paradiso op 1 februari hangt er een ‘sold out’ bordje boven de deur.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

negentien − een =