BEST OF: dEUS

Geef toe: meestal zijn ze je geld niet waard, die verzamelaars van je favoriete groep die je in de winkel vindt. De platenfirma denkt dat enkel singles in aanmerking komen en een artiest zelf is ook zelden goed geplaatst om eigen werk te beoordelen. Tijd dus dat het eens aan professionals wordt overgelaten, en wie beter dan een team kenners van enola om maandelijks de vijftien beste tracks van een artiest te selecteren. Deze maand: het beste van dEUS.

1. Bad Timing

Pocket Revolution, een plaat met slechte timing? Allesbehalve. De melodie van “Nothing Really Ends” was niets voor niets degene waarover de redactie het minst van mening verschilde. Aan het begin van de plaat staat “Bad Timing”, vol van sluimerende tristesse en dito frustratie. “Bad Timing” is een kaskraker van een openingsnummer met alle kwaliteiten en defecten van dEUS in één compacte (nu ja, zeven minuten durende) roes. Uw Digg-recensent had het destijds over de “strak gecomponeerde en rijk gearrangeerde, doch rommelig klinkende gitaarrock met snerpende vioolaccenten en enigszins manische zang” alsof hij de ziel van dEUS ontdekt had. De hakkelige verwoording ten spijt; het zou wel eens goed kunnen.
Hoogtepunt: 3’28”. “Well, time had come” als aankondiging van welke masochistische noten er nog zullen volgen.

2. Hotellounge

Veel dichter dan “Hotellounge” komt dEUS op Worst Case Scenario niet bij wat je een romantische popsong kan noemen. En toch is ook dit een parel met een flinke hoek af. Als geen ander wekt Tom Barman de sfeer op van zoete tristesse die een uitgeleefde hotelkamer in pakweg Vegas met zich meedraagt. “Hotellounge” is een flirt met de onzin van het bestaan op deze aardkloot. Een treffende metafoor voor de tijdsgeest, zo oprecht gebracht dat ze na al die jaren nauwelijks aan kracht hoeft in te boeten. “It’s my daily bread/ but I’m underfed”.
Hoogtepunt: Op 1’30” hoor je hem voor het eerst ook expliciet, de fameuze “hoek af”. Na welgeteld één grove uithaal op een belachelijk overstuurde gitaar komt het nummer terug tot rust. Die ene uithaal bevat alles wat dEUS in die periode uniek maakte.

3. Little Arithmetics

Als een verrassend onschuldig popliedje tussen de eclectische avant-garde die In A Bar Under The Sea heet, springt “Little Arithmetics” misschien niet meteen in het oog, maar is het wel een van de beste songs pur sang die dEUS rijk is. Het waanzinnig verslavende stemtimbre van de jonge Barman en een übercatchy refreintje resulteren in een parel die niet het meest gewaagde statement uit de carrière van de band is, maar volledig terecht tot het collectieve geheugen behoort.
Hoogtepunt: 2’46”. De even naïeve als aanstekelijke “pa-pa-pa-da-pa’s” die de swingende outro van het nummer inleiden.

4. Fell Off The Floor Man

Een van dEUS’ grappigste teksten ooit, een ongelooflijk funky drumlijn, een stuk of twintig breaks, schreeuwende gitaren, een rockend orgel,… Dit nummer heeft àlles, en het werkt. Het bewijs: het tweede deel van het refrein bestaat enkel en alleen uit “Rita Hay(worth)” en zelfs daar komt de band mee weg. Samen met “Theme From Turnpike” is “Fell Off The Floor Man” altijd het hoogtepunt van In A Bar Under The Sea geweest, maar waar het ene nummer opbouwt naar een climax, begeeft het andere zich ten allen tijde op het toppunt van eclecticisme. Fragmentarisch, maar toch dynamisch: “dancing with my socks on, oh man!”
Hoogtepunt: 3’09”. Stille falsetto’s beweren op weg te zijn om robijnen te gaan stelen, maar dat is buiten het spontane gitaargeweld van Barman en co gerekend. De hoge stemmen worden het zwijgen opgelegd om vervolgens na vier hobbels van de bas terug naar de knallende bridge te gaan.

5. Instant Street

“I’ll put on a movie, I’ll play something groovy, as a matter of service / And I’ll chuckle when you smile, as a matter of love.” Van een geweldige melancholische tekst, tot de heerlijke instrumentatie (die banjo!) en de explosieve outro omvat “‘Instant Street” zowat alles waar dEUS vanaf The Ideal Crash voor staat: briljant songschrijverschap, weliswaar met minder ruwe kantjes dan ten tijde van Stef Kamil Carlens en Rudy Trouvé, maar met minstens evenveel klasse. Een nummer dat nooit genoeg gedraaid kan worden.

Hoogtepunt: 3’40”. Waarschijnlijk de bekendste outro van het hele dEUS-oeuvre. Een hoekige gitaarmelodie van Craig Ward die de akoestische ballad omtovert tot het soort scheve rammelrock waarmee dEUS zo geweldig kan uitpakken. Live heden ten dage hét moment de gloire voor de onnavolgbare dansstijl van Mauro.

6. Everybody’s Weird

Iedereen is vreemd, dat kun je wel zeggen. Dat Barman een lichte slag van de molen heeft, hoeft niet te verbazen, en op The Ideal Crash laat hij dat meermaals zien. Geen van de nummers slaagt daar zo in als “Everybody’s Weird”, een ode aan gedeelde (alcoholische) geneugten en (tijdelijk) vertier. “Hyperkinetisch”, zo omschreef een voormalig recensent uit het Digg-tijdperk het eens. Anno 2014 geven we hem nog steeds gelijk.
Hoogtepunt: 2’22”. Met “I will kill you if I must, I will help you if I can” bereikt het nummer een climax en zijn stuiptrekkingen verzekerd. Pas dan hoor en voel je de echte destructieve wanhoop. Wereldklasse. En krankjorum.

7. Secret Hell

De soundtrack bij menig liefdesverdriet van de dertigers in de enolaredactie. Ingetogen, onsamenhangend, spannend, onvoorspelbaar, ongedurig en een beetje vals als de eerste diep snijdende puberliefdes (welja, toen was dat uiterst diep en existentieel en onoverkomelijk, mag het even?) Klaas Janzoons mag zijn viool ontstemder dan ooit laten snerpen en Rudy Trouvé tokkelt er in een andere onbestaande toonaard even vals een ongrijpbare melodie overheen. Maar het is de verdwazing en net in de hand gehouden chaos die doorheen alle stoorzenders, tape-effecten en melancholie heen zwermt, die het tot een onvergetelijke song maken. Eén die al bijna 25 jaar lang tot op het bot gaat.
Hoogtepunt: 2’54”. *papam* “You, you should be haunting me”: altijd weer een beetje instorten alsof we voor het eerst gedumpt zijn.

8. Right As Rain

Als Barman zijn verdriet en schuldgevoel verwerkt, dan doet hij dat huiveringwekkend mooi. “He died while I did a little dance”: de he is zijn vader, en veel autobiografischer dan dit wordt het waarschijnlijk niet in de dEUS-songcatalogus. Barman verschanst zich met zijn gitaar in een leeg café, en behalve wat griezelig achtergrondgeroezemoes is er niets dat de aandacht afleidt van de essentie: een nummer dat op het eerste gehoor zacht lijkt te kabbelen, maar met elk akkoord, iedere vinger die hoorbaar verzet wordt op de snaren, een stukje dieper in de ziel kerft.
Hoogtepunt: 2’40”. Barman kan het krakske in zijn stem maar moeilijk verbergen tijdens “He said pour me out some whiskey man / There’s something you should know”, de eenvoud van de gitaar biedt voorzichtig wat troost.

9. Serpentine

”Serpentine” vloeit zacht maar zeker als een rivier en net zoals Barman zijn we al snel “caught in the flow of sound”. Een nummer dat uitnodigt tot honderden akoestische versies van singer-songwriters wordt hier eerst heel subtiel begeleid, maar een tweede piano, bas en ook een vioolplukkende Klaas Janzoons blijven niet uit. Toch blijft de band nog bescheiden en ingetogen, waardoor de schoonheid van de ogenschijnlijke nonsenstekst naar boven komt. Bijgevolg gaan we zonder bedenkingen akkoord: “Let’s do it serpentine, anytime.”
Hoogtepunt: 1’08”. Na een korte pauze word het tweede refrein van “Serpentine” ingezet met “Is it bad that you’re good for me”, de brandende vraag die de rest van het nummer doet ontvlammen. Vanaf dit moment groeit de subtiele intensiteit steeds meer, tot alles eindelijk uitdooft met een pizzicato vioolsolo.

10. Zea

Toen dEUS nog heel groen achter de oren was, in 1993 meer bepaald, waagde Barman het om rijmelarij als “It’s true / That the girl you choose / Is the one that will screw the guy next to you” op zijn eerste EP te zetten. Met een stukje Captain Beefheart voor en na, dat dan weer wel, en gelukkig ook met een toen al onmiskenbare zin voor prachtige melodieën in de chaos. Het is allemaal nog een beetje onaf, maar toch hoor je in “Zea” de blauwdruk voor wat Worst Case Scenario later zou worden. Het nummer haalde die plaat niet — l’embarras du choix, waarschijnlijk – maar hoeft allesbehalve onder te doen voor zijn grotere broertjes “Via” en “Suds & Soda”.
Hoogtepunt: 2’08”. “Tell me wouldn’t it be cruel / If this wasn’t mutual / As usual”. De kracht van de vroege dEUS in een paar seconden: Janzoons loopt zich de benen van onder het lijf om met zijn viool de gitaar bij te houden, en de klaagzang van Carlens vormt de perfecte tegenpool voor de verbeten uithalen van Barman.

11. Suds & Soda

”Suds & Soda” is het Manneken Pis van de jaren negentig. dEUS scoorde een internationale hit met niets minder dan volkomen wartaal. Tegelijk is het nummer een perfecte vertaling van het vrijdagavondgevoel voor de rusteloze ninetieskinderen. Als een neurotische vlegel herhaalt Stef Kamil Carlens het woord maar liefst 159 keer – Rebecca Black is er niets bij. “Suds & Soda” is een wervelwind van begin tot eind. Eén en al dissonantie en tegelijk een harmonieuze synthese van onnoemelijk veel talent. “Suds & Soda” is niet een, maar hét icoon… Moeten er nog open deuren zijn?
Hoogtepunt: 4’19”. Barman en Carlens lijken uitgezongen, de muziek ebt weg… En dan barst het geheel uit in een knaller van een overstuurde outro. Een eenvoudige trucje, maar dEUS doet het met ongeziene overgave.

12. Slow

Misschien is Vantage Point als geheel wel de minste dEUS-plaat tot dusver, maar aan “Slow” ligt dat alleszins niet. Een heerlijk eclectisch nummer, dat begint met een moordende groove, vervelt door geile zang en uitmondt in een unheimische openingsdans op een huwelijk tussen dEUS en The Knife. Geen toeval, want Karin Dreijer Andersson trekt dit nummer naar zich toe van op de achtergrond zoals niemand anders dat had kunnen doen. Een zelfzekere piano zet enkele zoden aan de dijk met een paar welgemikte, al even onheilspellende aanslagen. Eerlijk? Dichterbij de perfectie is dEUS 2.0 misschien niet gekomen.
Hoogtepunt: 4’21”. Anderson voegt een dosis kille zwoelheid toe die dit nummer boven zowat elk maaiveld doet uitsteken.

13. Theme from Turnpike

dEUS op zijn vuilst en meest sexy: een vertraagde, diep brommende Mingussample en Tom Barman die er met een stevig vervormde diepe stem overheen bromt. Hier werd de basis voor Magnus gelegd (en legde Barman de lat ook ineens zo hoog dat hij er nog moeilijk over geraakt). Swingend als de fataliste femme die vanachter een lange gitzwarte lok en een wolk sigarettenrook ‘s ochtends vroeg in de hoek van het café jou en je beste vriend tegelijk staat te verleiden. We trappen er graag met open ogen in, elke keer weer.
Hoogtepunt: 2’31”. Stef Kamil Carlens zingt “No more loud music” alsof het een wel erg spannend en exotisch standje betreft.

14. Nothing Really Ends

Het nummer dat de eerste periode van dEUS afsloot: niet alleen de titel bleek profetisch, ook de muzikale stijl van dit nummer was een voorbode van wat Barman in het tweede dEUS-tijdperk zou gaan maken. Het blijft met zijn filmisch-melancholieke sfeer (denk aan een flauw belichte uithoek in een donkere, verregende stad) een van de prachtigste nummers die Barman (en een Belg tout court) tot dusver heeft geschreven. Vrouwenstemmen sussen, strijkers proberen een man en vrouw weer in elkaars armen te drijven — “Do I have a chance of doing that old dance with someone I’ve been pushing away.” Schuldbekentenis en spijt, verlangen en verlies. Een pas de deux op één tegel van het noodlot.
Hoogtepunt: 1’36”. Een vrouwenstem is Barmans schaduw in het licht van de straatlantaarns, strijkers die zwalpen tussen ontroerend en onheilspellend blinken dit nummer op tot tijdloze klasse. Een nummer dat een filmscript verdient.

15. Roses

dEUS doet naar eigen zeggen een Nirvana’tje. Tom Barman komt op tour in Duitsland een vakantieliefje van weleer tegen, maar zij gebaart van krommenaas vooraleer ze hem opnieuw begint te verleiden: “She treats me like her local god”, maar ook “this one’s yours and yours is self-obsessed”. Geen wonder dan dat ook de muziek lichtjes paranoïde wordt: de drums lijken voortdurend over die stalkerige baslijn te struikelen, terwijl de viool van Klaas Janzoons afwisselend pizzicato en licht-atonale uithalen en prachtige krullen laat horen, tot Barman zich helemaal opgejaagd voelt en dEUS in volle rockmodus schiet en er stampend vandoor gaat — op de hielen gezeten door Stef Kamil Carlens, die nog een laatste keer zijn ding komt doen. De finale, waarin vijf mensen het nummer elk een lichtjes verschillende richting lijken uit te trekken, is verpletterend.
Hoogtepunt: 3’47”. Carlens komt zich moeien en trekt het laken temidden de chaos meteen naar zich toe. Alles gaat bananas, maar hij weet met een stiekeme grijns dat zijn schelle falset boven alles uitstijgt.

Beluister deze Best Of ook op Spotify

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

zes − twee =