Stars :: ”Een ‘Fuck you’ is niet welbespraakt, neen, maar ze doet wel deugd”

Waren we Stars wat uit het oog verloren? Dat lijkt wel zo, want sinds In Our Bedroom After The War, uit 2007, bracht het Canadese vijftal in alle luwte nog twee platen uit. Met het nieuwe No One Is Lost klopt de groep echter opnieuw nadrukkelijk op onze voordeur. Vroegen wij frontman Torquil Campbell dan maar meteenof die meer elektronische kant iets nieuws was.

Campbell: “Niet echt. Onze allereerste song, lang geleden, was zelfs volledig elektronisch, zonder ook maar één gitaar. Je kunt Set Yourself On Fire, onze bekendste plaat, dus zelfs als een buitenbeentje zien in ons werk. Ik heb altijd van dansmuziek gehouden, dus dat was altijd al deel van ons geluid.”
“Wat wel zo is, is dat we er beter in zijn geworden om die klanken goed te gebruiken. En dat we opnamen boven een nachtclub heeft ons zeker aangemoedigd om daar ook dieper op in te gaan. We voelden wat die dancebeats met een mens doen — hoe ze je optillen en opwinden — en dat fascineerde. Onze tempo’s waren altijd gematigd, en we wilden wel eens proberen om dat op te drijven, om zo songs te schrijven die je eerst fysiek raken voor ze je hersenen aan het werk zetten.”

enola: Om zeker te zijn dat we toch niet te vrolijk worden, moeten we de titel No One Is Lost echter wel lezen als een cynische kijk op het feit dat we gedoemd zijn om te sterven. Heb ik dat juist?
Campbell: “Hmm, ik weet niet of dat cynisch is. Als het gelogen was, dàn misschien. (lacht) Maar het klopt hé, hoe triest ook: we gaan er allemaal ooit aan. Ach, ons soort vlot verteerbare popmuziek werkt pas als we spanning creëren door daar teksten op te zetten die dat tegenspreken. Al mijn favoriete popsongs maken me blij en triest tegelijk. Voor mij is dit dus een hoopvolle plaat. We hebben de leeftijd bereikt dat we vaker worden uitgenodigd voor begrafenissen dan huwelijken; we zijn te oud om onszelf nog voor te liegen. Amy (Millan, toetsenist en zangeres, mvs) en ik hebben onze vaders zelfs al begraven. Dat wil niet zeggen dat we het leven niet plezant vinden, en verdomd graag in een groepje spelen, maar het vraagt wel dat we eerlijk zijn en accepteren dat er een moment komt dat je afscheid moet nemen van geliefden, hoe hartverscheurend dat ook is.”
“Moest de muziek dus voor een contrapunt zorgen? Goh. There’s different ways to skin a cat. Nick Cave heeft geweldige morbide songs geschreven waarbij de muziek en de tekst om ter donkerst zijn, maar zo werkt het bij ons niet. Ik denk dat veel mensen de humor in onze songs missen. Vrolijke nummers van een zwarte tekst voorzien is eigenlijk nogal grappig, niet? Om maar iets te zeggen: toen ik jong was vond iedereen The Smiths verschrikkelijk deprimerend en dat heb ik nooit begrepen: Morrissey is een van de grappigste zangers ooit, en dat maakte die groep zo gevaarlijk; dat er een humoristisch element was dat veel mensen misten, maar dat eigenlijk best subversief was. En ik vind niet dat je popgroepjes serieus moet nemen. Je moet je leven ernstig nemen, maar popmuziek? Jezus, je pakt vier akkoorden en speelt maar wat. Zo moeilijk is het niet.”

enola: Ik denk dat ik je daarop moet tegenspreken: net omdat het zo simpel is, is het zo moeilijk om goed te doen. En als ik je een compliment mag geven: in “Trap Door” doe je ‘t geweldig juist. Het had de single moeten zijn.
Campbell: “Ja hé, vond ik ook, en ik heb er voor gevochten. Maar ik vloek erin, en ze vertelden me ook dat het te lang was voor de radio. Da’s de muziekbusiness, my friend: een hoop meningen, en ze zijn niet allemaal juist.” (lacht)
“Maar je hebt gelijk hoor. Ik lieg als ik zeg dat het gemakkelijk is om zoiets te schrijven, maar wat ik bedoel is: er moet meer aan zijn dan je eerst denkt. Dat is waar het in popmuziek om gaat. Als een song zelf al rondtoetert hoe betekenisvol het is, dan zit het niet juist. De liedjes die je je leven lang blijft meedragen zijn net die, die zich aanpassen aan hoe jij je voelt op dat moment. En zo werkt “Trap Door” ook: als je boos bent is dat een verschrikkelijk kwaad nummer, ben je gelukkig dan ga je gewoon mee in dat ritme en dat aanstekelijke refrein en het werkt ook. Snap je?”

enola: Nogal: ik loop me al weken het hoofd te breken wat je nu in godsnaam probeert uit te drukken met die tekst.
Campbell: (lacht) “Wel, euh, dit is een van die teksten waarvan ik je niet echt kan vertellen wat mijn punt nu was. Ik denk dat ik me druk maakte om de exclusiviteit van bepaalde clubs en zo. Buiten staat er een rij aan te schuiven, maar je wéét dat er binnen geen hol te zien is. Het is niet meer dan een illusie, net zoals het idee van cool zijn. En als je zeventig jaar zult zijn, zal het geen zak meer uitmaken hoe cool je was toen je jong was. Niemand zal het zich nog herinneren: je tanden zullen uitvallen en je borsten hangen, en dat is het; zo is het leven.”
“We wachten allemaal op het moment dat dat valluik zich zal openen en we de vergetelheid intuimelen. En dan ben ik liever buiten die club, wetend dat het allemaal zo zal eindigen, dan dat ik daarbinnen met een glas champagne in de hand gebaar van krommenaas en denk dat ik er aan zal ontsnappen. Moest jij aan de huidige sociaaleconomische crisis denken? Ja, dat speelt zeker mee. Onszelf omringen met glimmende Apple-spulletjes, ons sufkijken op Netflix en doen alsof het hele verdomde systeem rond ons niet in elkaar aan het storten is, en denken dat we er de prijs niet voor moeten betalen is een behoorlijke zelfbegoocheling . Mensen moeten wakker worden en beseffen dat verlies bij het leven hoort en dat we onszelf geen weg uit de dood of tristesse kunnen kopen. We moeten samenzijn, da’s de enige manier. Ik weet dat het hippiedippie klinkt, maar daar heb je’t: soms hadden de hippies ook goeie ideeën.”

enola: Dat valluik is één beeld, die titel “In Our Bedroom After The War” een ander. Denk jij zo visueelof is dat zoeken en wroeten om zo’n dingen te verzinnen?
Campbell: “Eerlijk? Een song schrijven voelt vaak als een spelletje Sudoku. Het begin is gemakkelijk; niet meer dan een idee. Voor die laatste titel had ik het beeld voor me van iemand in Irak of Syrië die wakker wordt op een ochtend en beseft dat het gedaan is. Eindelijk hoort hij niet meer het geluid van bombardementen en geweervuur. En ik zag in dat we in ons leven voortdurend dat soort momenten meemaken. We gaan allemaal op gezette tijden door stormen — verwoestende ruzies, pijn, … — en het gaat over, en dan blijf je achter met jezelf en wat er nog overblijft van de vriendschap of de relatie die je had. Dat idee, en dat idee van die oorlog ben ik met elkaar gaan verbinden.”

enola: Waarom vind je dat belangrijk om dat politieke en pop te vermengen?
Campbell: “Omdat ze zo met elkaar verbonden zijn. Voor mij zijn die twee als koffie en melk; ze hebben elkaar nodig. Billy Bragg zong ooit in “Waiting For The Great Leap Forward”, een van de beste nummers over het schrijven van een song, hoe hij met een fanzineschrijver een interview doet. “Mixing pop and politics he asks me what the use is / I offer him embarrassment and my usual excuses”. Dat vat het voor mij samen; ik kan het ook niet goed uitleggen maar voor mij moet popmuziek, dat ding met hooks en refreinen, politiek zijn. En dat is het ook.”
“Toen Elvis voor het eerst zijn heupen schudde was dat een politieke daad. Als blanke maakte hij zo, op televisie, voor het oog van een blanke natie, zijn verknochtheid aan de zwarte cultuur duidelijk. En sinds dat moment gaan pop en politiek hand in hand, of dat zou toch moeten, in mijn ogen. Mensen duidelijk maken dat je kunt zeggen of doen wat je wil is wat mij betreft een van de eerste taken van een muzikant. Je mag ‘fuck you’ zeggen, en dat is niet echt welbespraakt, maar het voelt wel goed. En daar gaat pop over: mensen de macht geven hun waarheid te zeggen. Dat is op zich al opwindend, maar doe het met een goeie melodie en dat wordt nog groter.”

enola: Hoe werken jullie eigenlijk? Zijn jullie het soort band waar alles van nul samen wordt opgebouwd, of stappen jij en Amy met afgewerkte songs het repetitiehok binnen?
Campbell: “Dat laatste zeker niet. Meestal trekken de muzikanten van de band zich een paar weken terug om samen een hoop embryonale ideeën – een hook, een akkoordenpatroon,… — te verzinnen, die ze dan tussen Amy en ik verdelen. Daar gaan wij dan mee aan de slag, tot op een bepaald moment waarop alles weer samen gesmeten wordt. Dan werken we de songs samen af, en verzint Amy al eens een refrein van mij, of voeg ik nog iets toe aan het einde van een van haar nummers. Dat kan de betekenis van een song al eens radicaal omgooien, dus er volgt meestal discussie of dat nu een goed of een slecht idee was. Het is een behoorlijk democratisch proces, dus, want we rusten niet voor elk bandlid vrede heeft met een nummer en zijn mening heeft kunnen geven.”

enola: Ik las dat je met het slijten der jaren minder geneigd was ruzie te maken over een baslijn of zo. Maar vraagt de zoektocht naar perfectie niet net dat je dat wél doet? Tot het juist zit?
Campbell: “Oh absoluut, en we blijven die discussies hebben, maar het gaat er minder persoonlijk aan toe dan vroeger. We hebben geleerd om met elkaar te praten op een manier die zorgt dat de stekels niet worden opgezet. Elke mens schiet immers instinctief in de verdediging als zijn werk op de korrel wordt genomen, dus je moet wel een manier vinden om de ruzie over de grond van de zaak te houden. Het heeft ons vijftien jaar gekost, maar nu zijn we er eindelijk wel min of meer uit dat we allemaal om dezelfde reden in deze band zitten, en dus dat als iemand van ons kritiek heeft ze daar waarschijnlijk gelijk in hebben, zelfs al is dat moeilijk te accepteren. En ja, dat wil ook al eens zeggen dat ik mijn teksten drastisch moet inkorten omdat wéér eens een bandlid laat weten dat die ‘veel te veel woorden’ bevat.”

enola: Ondertussen is het tien jaar geleden dat jullie doorbraken met Set Yourself On Fire. Kun je je nog het moment herinneren dat het besef bij je doordrong dat er iets was veranderd?
Campbell: “Om eerlijk te zijn wilde ik dat ik dat toen beter had beseft. Onze beste vrienden zaten in Broken Social Scene en Metric, twee bands die ook net het grote succes ontdekten, terwijl ook Arcade Fire ontplofte, en ze waren allen meer succesvol dan ons. We zagen onszelf als mislukkelingen, zelfs al waren we op het hoogtepunt van onze populariteit. Nu is ons publiek wat stabieler, maar voelen we veel beter hoe miraculeus het eigenlijk is dat we hiervan kunnen leven en de wereld mogen rondtrekken. Hé, ik praat met iemand uit Europa over mijn muziek, hoe cool is dat niet? ”
“Maar als je me vraagt waar de omslag voor ons is begonnen, dan moet dat een tour met Death Cab For Cutie zijn geweest. Set Yourself On Fire was al even uit, kreeg best goeie reviews maar niet laaiend en verkocht relatief weinig; een paar honderd exemplaren per week in de Verenigde States, zoiets. Death Cab was op dat moment zelf enorm populair geworden met Plans, en nadat we zes weken lang elke avond een uur voor hen mochten openen, schoven er plots een tweeduizend exemplaren per week over de toonbank. Toen besefte ik dat we ons publiek hadden gevonden. Wat gek voelde, want we waren toen al drie platen ver en hadden het al lang niet meer verwacht. Toen zagen we ook in dat het écht wel neerkomt op: zorg dat je concerten verdomd goed zijn. Als ik jonge bands één advies zou moeten geven, dan wel dat: platen zijn maar platen, investeer in goeie concerten. Je hebt zo’n publiek maar een keer in het vizier en dus moet je heel goed mikken. En dat hebben wij gedaan.”

enola: Tijdens mijn research voor dit interview merkte ik hoe toegewijd jullie fans zijn. Wordt het soms niet akelig?
Campbell: (kreunt) “Oh man. We hebben één verschrikkelijk incident meegemaakt dat ik nooit zal vergeten: drie dagen voor we zouden optreden op een Amerikaanse universiteit zette een studente er op haar facebook ‘when there is nothing left to burn, you have to set yourself on fire’, ging naar buiten en zette zichzelf effectief in de fik. Dat was fucked up. Natuurlijk had ze voordien al mentale problemen, en was dat nummer verre van een oproep tot zelfmoord, maar het simpele feit dat iemand iets dat wij zo mooi bedoelden, zo verkeerd kon begrijpen was vreselijk. Het was een corruptie van alles wat wij wilden doen. Ik blijf maar denken aan hoe die ouders zich moeten voelen elke keer ze onze naam horen vallen.”
“Maar goed, dat is maar één voorval in vijftien jaar. Voor de rest ben ik nog altijd compleet omver geblazen als iemand zijn hemd optilt en een tattoo met een stuk tekst van me laat zien. Dat gebeurt voortdurend, en als iemand mijn vijftienjarige zelf dàt had kunnen voorspellen, dan had die ter plekke gezworen geen dag meer ongelukkig te zijn in zijn verdere leven. En ja, het is ook een beetje beangstigend, zoals alle devotie, maar hé; zo is het leven. Ook mijn enthousiasme voor dingen kan soms wat ongebalanceerd zijn. (lacht) En ik denk ook niet dat kunst iets goeds moet zijn. Het kan zowel helen als destructief zijn, is amoreel. Ik ben hier om te entertainen en verhalen te vertellen, wat jij daarmee doet is mijn zorg niet. Zie me als een drugdealer; ik verkoop ze, jij koopt ze en daarna wil ik niet weten wat je doet. Dat klinkt een beetje fout, maar ik denk dat mijn drugs mensen eerder door het leven helpen dan hen te kwetsen. Dus het lijkt me wel ok.”

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

negen − negen =