Psalm Zero :: The Drain

Voordat we het over de muziek hebben: deze hoes is zonder twijfel een van de lelijkste die we dit jaar zullen moeten aanschouwen. Om het over de muziek te hebben:The Drain van Psalm Zero is een verfrissend waagstuk in experimentele metal en is gelukkig een pak beter dan zijn eigen hoesfoto.

Psalm Zero is een collaboratie die op het eerste zicht een beetje ongewoon aandoet. De ene helft van het duo is Charlie Looker, bekend van zijn eigenzinnig werk bij avant-garde math rockers Extra Life en bij het zo mogelijk nog verder out there noise-experiment Zs. De andere helft, Andrew Hock, verdiende zijn strepen in een geheel andere coté van het muzikale spectrum. Hock is de snarendrijver/brulaap bij het fantastische Castevet, een van de meesters van de vooruitgangsgezinde Amerikaanse black metal (check gerust hun geraffineerde mokerslag Obsian uit 2013).

Gezien de reputatie van deze heren zou je verwachten dat The Drain een aartsmoeilijke en ontoegankelijke bedoening is geworden. Wel, eerlijk gezegd valt dat nog enigszins mee. Het eindresultaat is verrassend genoeg toegankelijker dan al wat beide heren tot nu toe hebben uitgebracht. Het is een originele mix van zwaar beukende metalriffs, geprogrammeerde drums en synths en de contrasterende zangstemmen van Looker en Hock. Een vleugje post punk, een stevige dosis sludge metal en wat industrial en ‘80s pop er bovenop, zoiets moet ongeveer het recept van Psalm Zero zijn. Geschikt voor avontuurlijke liefhebbers van The Cure tot Neurosis en werkelijk alles daartussen.

De riffs op The Drain zijn alvast van stevige kwaliteit. Opener en titelnummer begint met een uit de kluiten gewassen sloophamer van een riff die zo de vergelijking doorstaat met een van de mastodonten van Neurosis. Wat verder opvalt is het gigantische contrast tussen de zangstijlen van beide mannen. Looker is zowaar beïnvloed door muziek uit de middeleeuwen en de vroege renaissance, en dat vertaalt zich in bevreemdende, kerkelijk aandoende zanglijnen die hij op een unieke manier door de gitaarpartijen heen weeft. Neem nu “In The Dead”, waar Looker zingt op een manier zoals er werkelijk nog nooit gezongen is op een metalplaat. Het contrast met de donderende oerbrul die Andrew Hock hanteert kan moeilijk groter zijn. Het geeft de nummers een intrigerend sfeertje mee dat met weinig anders te vergelijken is.

De songs op deze plaat zijn intens, dramatisch en groots. “Chaos Body”, met die oerbrul van Hock in een hoofdrol, is een intense brok lawaai. Het nummer teert op een aangehouden climax, terwijl men de digitale drums laat hameren dat het een lieve lust is. Halverwege wordt plaats gemaakt voor een verwoestende opbouw, waar Hock zijn stembanden tot het uiterste teistert. Een nummer dat een stevige muur opricht om er dan recht doorheen te knallen. “Undoing” is ook zo’n intense bedoening, met hetzelfde procedé: een spervuur aan riffs en afwisselende zanglijnen, en dan een grootse dramatische opbouw. “Meanwhile” is een melodieus crescendo dat de plaat afsluit en waar Psalm Zero het randje van de kitsch opzoekt, en er maar net niet over gaat. Die blazers en de feeërieke keyboards hadden nu wel niet gehoefd.

The Drain is een intrigerende kijk op metal van twee muzikanten die zich duidelijk geen zak aantrekken van conventies en volledig uitgaan van eigen creatieve sterkte. In de gaten houden: als deze heren beslissen verder te gaan met deze samenwerking, gaat er nog heel wat leuks mee te beleven zijn.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

elf + negentien =