Horses On Fire :: “Pop kan ook heel cool zijn”

Twee jaar na zijn titelloze debuut heeft rockband Horses On Fire een nieuwe plaat uit. Of is het popband? Any Kind Of Storm klinkt opvallend poppy, maar rockt bij momenten stevig door. Het is ook een plaat die bloed, zweet en tranen heeft gekost. Voor de preproductie zat zanger-gitarist Michélé De Feudis zes maanden lang van ‘s ochtends tot ‘s avonds bij producer Stéphane Misseghers (dEUS, Soulwax). “Hij heeft ons bij momenten serieus op de rooster gelegd”, klink het.

Het rockende viertal — met naast De Feudis ook gitarist Thijs De Cloedt, drummer en broer van Alessandro en bassist Anthony Statius in zijn gelederen — debuteerde in 2012 met een titelloze plaat, geproducet door Ian “Wallace Vanborn” Clement. Dat sterke debuut leverde hun concerten op in binnen- en buitenland, in het voorprogramma van Rival Sons, Mark Lanegan en Band Of Skulls, en zelfs in ‘De Wereld Draait Door’. “Onze eerste plaat was nog een zoektocht, een verzameling van wat de eerste drie, vier jaar gedaan hadden. We waren nog niet rijp genoeg voor een plaat zoals we die nu gemaakt hebben”, blikt De Feudis terug. “De meeste nummers liggen in dezelfde lijn. Voor de nieuwe plaat hebben we eerst superveel materiaal geschreven: we hadden zo’n 45 nummers; op een bepaald moment zelfs bijna twee platen.”

enola: Kozen jullie dan bewust voor een poppy, meer gevarieerde plaat?
De Feudis: “We hadden eerst Ian Davenport, die met Band Of Skulls gewerkt heeft, gecontacteerd, maar we wilden geen gewone rocknummers. We zochten iemand die onze pijnpunten kon blootleggen. Zo zijn we bij Stéphane terechtgekomen. Met hem hebben we 45 ideeën teruggebracht naar vijftien nummers. Die werden ten slotte tot tien nummers herleid. De echte opnames vonden plaats in de Jet Studio in Brussel en de Audiotheque Studio in Gent. Daarna heb ik alles nog eens ingezongen bij Stéphane. Een totaalproces van negen maanden dus.”

enola: Heeft hij van jullie ook betere muzikanten gemaakt?
De Feudis: “We zaten al in de goede richting hoor, maar hij heeft ons een andere richting uitgestuurd. Je moet jezelf uitdagen, anders maak je altijd dezelfde muziek. Onze zwaktes waren refreinen en dynamiek. De opbouw in de nummers kon beter: we hebben échte songs leren schrijven. Riffgebaseerde nummers konden wij redelijk rap uit onze mouw schudden.”
“Stéphane las zelfs mijn teksten. Bij dEUS werkt hij met Tom Barman, een erg goede tekstschrijver. De teksten op de vorige plaat waren ook veel donkerder — het was dan ook een moeilijke periode voor mij — en persoonlijker. Nu zijn ze ook persoonlijk, maar iedereen kan er zich wel in herkennen. Ik moest de teksten wel positiever maken. “Houdini” is een mooi voorbeeld van hoe hard Stéphane hamerde op teksten. Dit nummer gaat onrechtstreeks over de film The Man From Beyond, over een man die na 100 jaar ontwaakt uit het ijs en dan op zoek gaat naar zijn geliefde. Hij vindt haar, maar beseft niet dat het gaat om de kleindochter van zijn gestorven geliefde.”

enola: Waarom passeren zoveel gastartiesten de revue op de plaat?
De Feudis: “Omdat we dat wijs vinden. Stephane zei op een gegeven moment: “Supersonic Libertine” is echt iets voor Steven Janssens (de Gentse gitarist bij onder meer Mark Lanegan en Daan). Hij is dan ook verantwoordelijk voor de rock-out-with-your-cock-outsolo. Voor de drums in “Red Fire” moesten we een heel goede percussionist hebben: Amel Serra Garcia (Gabriel Rios, Zita Swoon, El Tattoo del Tigre). De drum klinkt bijna als een machine (bootst drumgeluid na). We doen het niet voor de namen, ze moeten in het nummer passen.”

enola: “Supersonic Libertine” is pas met een knal binnenkomen.
De Feudis: “We zijn grote fans van klassieke rock-‘n-roll en dat hoor je duidelijk in het nummer. De titel verwijst naar een persoon die steeds over zijn grenzen gaat, maar toch die ene persoon nodig heeft om in balans te blijven. Maar misschien gaat het gewoon over te veel uitgaan. De ideale opener in ieder geval.

enola: De piano en het melodisch riffje maken voor mij van “Looking Up The Trees” het opvallendste nummer van de plaat.
De Feudis: “Stéphane zei dat we onze comfortzone moesten verlaten en dat hebben we ook gedaan. Dat nummer vind ik daar een mooi voorbeeld van. We wilden niet per se op de radio komen, maar het is gewoonweg geen riff based song meer. Want als we aan het jammen zijn, vervallen we nogal snel in bluesy rock-‘n-roll en harde riffs. In veel demo’s zat een Britse sound: dat wilden we op de plaat. Bij “Looking Up The Trees” zitten we in de lijn van Oasis, maar zelfs ook Queen. “Killer Queen” heeft ons voor dit nummer geïnspireerd.”

Er zijn ook twee ijzersterke popsingles: “Going Out Loud” en “Hollywood Gathering”.
De Feudis: “Bij die nummers wilden we meer iets zoals The Vaccines of The Strokes doen. We dachten: ‘er bestaat ook pop die cool kan zijn.’ (begint automatisch te vertellen) “Battle Royale” is dan weer geïnspireerd op Kasabian en Adam & The Ants. Dat is zeer old school, maar die laatste heeft ook een soortgelijke drum fill, vooral het nummer “Stand And Deliver”. Toegankelijke harde rock, maar met een hoek af: dat willen we ook in de toekomst doen. Ook “Houdini” doet denken aan Britse bands als Kasabian, Oasis en Blur.”

enola: Het laatste nummer gaat dan weer de intieme kant op. Wilden jullie emotioneel afsluiten ?
De Feudis: “Ik wou dat eerst niet op de plaat, wegens té poppy. Ik wilde geen knuffelrock maken, maar samen met Stéphane hebben we er een Beatlesachtige — ken je het nummer “I Want You (She’s So Heavy)”? — song van gemaakt. Maar Band Of Skulls kan dat ook hoor: een nummer rustig beginnen en het dan met een onverwachte wending laten uitbarsten.”

enola: Jullie hadden live al op heel wat plaatsen en met heel wat bands gespeeld. Hoor je Horses On Fire liever wat meer op de radio?
De Feudis: “Radio heb je nodig om aan optredens te geraken. Maar er verschijnen nu zo veel goede platen. Het is soms moeilijk om erboven uit te steken. Iedereen doet keihard zijn best om zijn plaat in de kijker te zetten. Maar er zijn nog altijd mensen die ook bij optredens nieuwe bands ontdekken of via Facebook. Toch is dat medium ook zo vluchtig: als ik een single post op Facebook, wordt die bijvoorbeeld tien keer geshared, maar geen tien minuten later zie ik een foto van een baby.”
“Voor alle duidelijkheid: onze eerste doelstelling blijft onszelf amuseren. We hebben zelfs al op de Waddeneilanden gespeeld: twee uur op de ferry om in een café te gaan spelen. Zo moet dat zijn. Sommige mensen gaan graag op café, wij gaan optredens spelen.”

enola: Even terug naar de oorsprong: is Horses On Fire nu echt begonnen dankzij Kabouter Wesley?
De Feudis: “Dat is een misverstand. Kabouter Wesley trok automatisch meer ogen open dan de naam Horses On Fire. Ik heb Thijs leren kennen aan het KASK in Gent toen we Animatiefilm studeerden. Hij zat een jaar hoger, in hetzelfde jaar als Jonas Geirnaert. Maar om een lang verhaal kort te maken: hij had een eigen bedrijfje met een klasgenoot dat kortfilms maakte. Op een gegeven moment vroegen ze of ik mee filmpjes voor Kabouter Wesley wilde maken. Thijs had nadien op MySpace gezien dat ik een goede frontman zou zijn en een goede stem had, en wilde een band starten. Ik heb er dan mijn broer Alessandro bijgehaald en hij op zijn beurt Anthony, de bassist. De rest is geschiedenis.”

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

twintig − 5 =