Unknown Mortal Orchestra :: 13 november 2013, AB

Wat oorspronkelijk niet meer was dan een ietwat anoniem undergroundproject van de Nieuw-Zeelandse Amerikaan Ruban Nielson, blijkt een paar jaar later goed voor een uitverkochte AB Club.

Unknown Mortal Orchestra’s beide platen werden dan ook steevast op goeie kritieken ontvangen. En terecht. Vooral op II klinkt de band, dankzij een heerlijk gecompresseerd vintage-geluid, als een vergeten lo-fi psych-rockbandje uit de jaren zestig, dat het meer dan waard is om eindelijk ontdekt te worden. Warme sizzly hooks en catchy Beatle-esque melodieën die Nielson paradoxaal genoeg met een zeker gevoel voor soul uit zijn strot ramt.

Schrikken was het tijdens hun passage op Pukkelpop de voorbije zomer: live gaat UMO resoluut voor vette garagerock met ontspoorde fuzz-solo’s en een smerige sound die herinneringen oproept aan White Stripes en consorten. De geluidsmix was toen echter een aanslag op het trommelvlies, wat het optreden allesbehalve genietbaar maakte. Gelukkig is de AB Club een prima zaal en zat het geluid vanaf de eerste subtiele fingerpicks in opener “Secret Xtians” behoorlijk goed. De versie van “From the Sun” die daarop volgde, maakte met een moddervette gitaarsolo duidelijk dat ook nu weer afgeweken zou worden van het albumgeluid.

Nielson kan dan ook een ferm potje gitaar spelen en trekt daarmee de aandacht grotendeels naar zich toe (los van de geweldige drumsolo die Riley Geare op een gegeven moment uit zijn botten sloeg). Van technische riffs en vernuftige akkoordenprogressies tot badass rauwe bluessolo’s die de geest van Hendrix even in de zaal brengen, de man werd duidelijk geïnspireerd door de fraaie collectie Belgische bieren (hoewel, wie heeft hem Delirium Tremens aangepraat?) die hem vergezelde op het podium. Toch werpt de terechte vraag zich op of een afwijkende solo in letterlijk elk nummer niet wat van het goede te veel is; het brak de nummers uiteen en haalde hier en daar de vaart uit de set.

Met het drieluik “Though Ballune”, “How Can You Luv Me” en “Strangers Are Strange” had de band ook voor ouder werk voldoende aandacht, maar het hoogtepunt van de set was zonder twijfel de perfect gedoseerde afsluiter “No Need For a Leader”. In de bisronde schakelde UMO een versnelling terug met “So Good At Being In Trouble” en een akoestische versie van “Swim And Sleep (Like A Shark)” — voor de liefhebber een obligaat momentje om zijn/haar iPhone de lucht in te zwieren. Helaas pindakaas, omdat Unknown Mortal Orchestra op het podium gewoon een liveband wil zijn, stellen we met pijn in het hart vast dat dergelijke meer ingetogen nummers niet werken, terwijl die zich op in het studiowerk net onderscheiden van de rest.

Een mens zou dan denken dat het er op zit voor vanavond, en dat uitsmijter “FFunny FFriends” eigenlijk overbodig is. Dergelijke woorden konden gelukkig ingeslikt worden tijdens de laatste en tevens verreweg meest allesverwoestende gitaarsolo van de avond, die geen figuurlijke spaander heel liet van het podium en waarmee Nielson en zijn makkers uit de losse pols nog even in de verf zetten waar het hen vanavond om te doen was.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

achttien + negen =