Jenny Hval :: Innocence Is Kinky

“Ik kende ze al voor ze bekend waren”: zonder twijfel een van de meest onuitstaanbare uitspraken die je kan doen in een gesprek over muziek, maar wie zichzelf muziekfreak noemt zal toch toegeven dat hij/zij zich al geregeld schuldig heeft gemaakt aan deze onhebbelijkheid. Bij deze dan ook een bekentenis: telkens wanneer wij iets lezen over Jenny Hvals recent gehypete nieuwste plaat Innocence Is Kinky maken wij ons intern schuldig aan een “ha, wij waren al fan bij de vorige plaat!”-gedachte.

Viscera was dan ook een uitstekend album, dat wijselijk elk genre-idioom schuwde en zich ook tekstueel als radicaal eigenzinnig presenteerde. Wie die plaat echter nog te toegankelijk vond, en Hval graag nog prominenter wil horen kermen over haar ietwat atypische seksuele belevingswereld boven een minder eenvormige klankwereld, kan terecht bij opvolger Innocence Is Kinky, waarop Hval nog veel uitdrukkelijker voor een avant-garde imago kiest. Dat van die seksuele beleving mag u trouwens letterlijk nemen, want was dat op vorige platen vaak nog omfloerst in poëtische mijmeringen, dan komt het thema hier soms erg rauw en in-your-face naar voren. De plaat opent zelfs in titeltrack “Innocence Is Kinky” met een weinig verhullende beschrijving van het geniepige porno-kijken van Hval ’s avonds laat, en eindigt in “The Seer” met de zich herhalende zinsnede “my body is the end”.

Muzikaal is het verschil met voorgaand werk ook meteen duidelijk: geen meanderende, atmosferische stroom van muziek, maar zwoele bas en keyboards die een catchy gitaarriff ondersteunen. “I Called” en “I Got No Strings”, neigen dan weer sterk naar de lawaairock van Velvet Underground, terwijl “Oslo Oedipus” zich aanvankelijk als een jodelend (jawel!) ambient stemtapijt profileert om later tot een slam poetry-stuk te muteren. Ook PJ Harvey’s invloed is nog steeds sterk aanwezig (niet toevallig is John Parish hier producer van dienst), vooral dan in het galmende “Amphibious, Androgynous”.

Tussen alle muzikale diversiteit staan Hvals stemcapriolen wel nog absoluut centraal, waardoor de plaat toch meteen herkenbaar is. Nu eens speelt ze haar stemgeluid uit op vrij traditionele wijze, zoals in het schommelende bijna-folkdeuntje “Mephisto In The Water”, waarin ze haar stem ook geregeld overdubt en zo tot hemelse koortjes komt. Op andere momenten ondergraaft ze de typische schoonheid van haar stemgeluid door opzettelijk vals te gaan zingen of uithalen te doen die je niet zou verwachten op de muzikale begeleiding. Postmoderne deconstructie van het traditionele vrouwelijke stemidioom: Hval zou er ongetwijfeld hele feministische verhandelingen over kunnen schrijven (als ze dat niet al gedaan heeft), maar ze zet het ook tastbaar om in de praktijk met deze plaat.

Innocence Is Kinky is dus zonder twijfel een interessant album, dat ook vrij origineel kan genoemd worden, maar is het ook een goeie plaat? Het antwoord is er een van “ja, maar”. Op vele vlakken is dit immers een uitstekende plaat, en songs als het donkere “Death Of The Author” en het meditatieve “The Seer” behoren tot het beste dat Hval al schreef. De plaat doet wijselijk niet het trucje van zijn voorganger na, door lustig te experimenteren, maar tegelijkertijd is het net die experimenteerdrift die soms zorgt voor een zekere stuurloosheid en een gevoel dat de plaat meer een collectie songs is dan een samenhangend geheel (alle productiegaven van Parish ten spijt). “Give Me That Sound” bijvoorbeeld, een korte noisy interlude lijkt zo bijvoorbeeld meer een Brechtiaans vervreemdingseffect dan een echt goeie muzikale keuze, al kan dat natuurlijk volledig bewust geweest zijn.

Sowieso is Innocence Is Kinky wel een plaat die een boeiende inkijk geeft in Hvals artistieke omzwervingen en haar zoektocht naar de sound die haar conceptuele en vocale voorkeuren het meeste eer aan doen. Wat ons betreft zat ze met Viscera iets meer op het juiste spoor, maar een opmerkelijke artiest blijft ze zonder twijfel en de bescheiden doorbraak met deze plaat is haar dan ook absoluut gegund. Maar wij kenden ze dus al voor de hype, het is maar dat u het weet en ons de nodige hipster street cred toekent.

Jenny Hval staat 17 november op Crossing Border in de Arenbergschouwburg.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

5 × vier =