Jorge Luis Borges :: Alle gedichten

Met Alle gedichten verschijnt eindelijk de noodzakelijke aanvulling op de tot nu toe slechts gedeeltelijk vertaalde poëtische output van Jorge Luis Borges. Deze Argentijn kan als een van de grootste dichters van de twintigste eeuw gelden. Vertalers Barber van de Pol en Maarten Steenmeijer verdienen de grootste achting voor hun enorme toewijding aan dit monumentale werk.

Jorge Luis Borges dankt zijn grote beroemdheid aan zijn kortverhalen. Het is hiervoor dat hij in 1961, samen met Samuel Beckett, de Prix Formentor won. Ondanks het feit dat de blinde bibliothecaris uit Buenos Aires nooit een roman heeft geschreven, is hij altijd een kandidaat geweest voor het winnen van de Nobelprijs, wat er omwille van de verkeerde politieke sympathieën nooit van gekomen is. Borges’ drie bekende verhalenbundels Wereldschandkroniek, Fantastische verhalen en De Aleph werden eerder al door Barber van de Pol vertaald en onder een kaft uitgegeven. De oneindige bibliotheek, de man die alles onthoudt, aardrijkskundige uitweidingen of een heel arsenaal aan wreedheden zijn slechts een paar typische motieven die terug te vinden zijn binnen de weergaloos gecomponeerde bedenksels die deze verhalen zijn.

Een exhaustieve verzameling van Borges’ gedichten vormt een ontzagwekkend oeuvre. Ruim tien jaar geleden was er al een vertaling verschenen door Robert Lemm van een 150-tal gedichten en nu hebben Barber van de Pol en Maarten Steenmeijer dat aantal dus na jaren werk meer dan verdubbeld tot ruim 400. Dit aantal omvat drie vroege dichtbundels en tien latere, vanaf zijn zestigste, waartoe de beste gedichten behoren. Veel van de gedichten bevatten net als de verhalen referaten aan grote schrijvers en filosofen. Maar Borges neemt nooit zomaar over, hij verwerkt op een weergaloze manier, fantaseert of improviseert op associatieve wijze verder tot er een complex en overstijgend, helder en tegelijk magisch eindproduct ontstaat. Dit is nooit geheel vrijblijvend, het leert iets over de menselijke existentie. De populariteit van Borges’ verhalen bewijst overigens dat ze ook aanspreken zonder enige voorkennis en voor de gedichten geldt hetzelfde. Een andere parallel tussen de verhalen en gedichten zijn de typische ornamenten die elk fragment zo universeel Borgesiaans kleuren. De hiertoe behorende klassieke elementen zijn het labyrint, de spiegel, de roos, de dolk, de tijger, de droom, eeuwigheid en vergetelheid.

Barber van de Pol en Maarten Steenmeijer vertaalden metrisch en rijmend, recht doend aan Borges’ vormvastheid, wat soms leidt tot omslachtigheid, maar meestal tot behoud van muzikaliteit wat ver opweegt tegen een sporadisch onhandige keuze. Ze zijn erin geslaagd hun eigen taal tot hetzelfde plastische vermogen te dwingen als Borges deed met het Spaans. Dat ze hun creatieve krachten hebben ingezet, waarschijnlijk met oneindig geduld en uithoudingsvermogen, voor de vaak ondankbare taak een monument van hoog niveau over te dragen, verdient niets dan lof. Het lijkt een bescheiden bezigheid, maar voor de niet-Spaanstalige lezer van Alle gedichten is het een godsgeschenk.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

6 + 11 =