Pirates of the Caribbean :: On Stranger Tides




Enkele jaren geleden vielen de ‘Pirates of the Caribbean’-films
nogal hevig ten prooi aan wat je het “Matrix-fenomeen” zou kunnen
noemen: een plezierig origineel dat dankzij zijn commerciële succes
meteen twee sequels tegelijk krijgt, die dan dik tegenvallen. ‘Dead
Man’s Chest’ en ‘At World’s End’ waren overgecompliceerde,
opgezwollen avonturenfilms waarin de charme en humor van de eerste
prent overboord werden gesmeten om plaats te maken voor steeds
uitzinniger en onzinniger actiescènes. Tegen de tijd dat ‘At
World’s End’ zich naar zijn aftiteling gesleept had (met onderweg
een torenhoge heks die uit elkaar valt in een tros krabben, een
zeeslag in een draaikolk en tientallen mini-Jack Sparrows), hadden
we het écht wel gehad met de hele serie. Op dat moment geloofden we
nog dat we Captain Jack voor de laatste keer adieu konden zeggen,
maar onderschat nooit in welke mate superproducent Jerry
Bruckheimer zijn franchises blijft uitmelken. We hielden
ons hart dan ook vast voor ‘Pirates of the Caribbean: On Stranger
Tides’, maar eerlijk is eerlijk: het valt mee. Relatief gezien dan
toch. De frisse pret van ‘Curse of the Black Pearl’ weet regisseur
Rob Marshall niet te evenaren, maar hij scoort sowieso een stuk
beter dan de twee vorige sequels.

‘On Stranger Tides’ maakt een eerste goede wending door de
warrige plotelementen van ‘Dead Man’s Chest’ en ‘At World’s End’
definitief te laten rusten en simpelweg een volledig nieuw verhaal
op gang te brengen. Ditmaal gaat het over een race naar de Bron van
de Eeuwige jeugd, tussen de Spaanse Armada (vertegenwoordigd door
enkele latin lovers met een lispelende tongval die me deed
vermoeden dat ze elk moment ‘El Tango de Roxanne’ konden beginnen
zingen), de Britse vloot, die zowaar kapitein Barbossa (Geoffrey
Rush) heeft gerekruteerd, de boosaardige kapitein Blackbeard (Ian
McShane) en uiteraard de onnavolgbare Captain Jack (Johnny Depp).
Veel meer dan dat is het eigenlijk niet: al die partijen willen als
eerste aan de bron geraken om eeuwig te leven (op z’n minst
waanzinnig oud te worden). En voor het zover is, krijgen we een
shitload aan zwaardgevechten, confrontaties met
zeemeerminnen, muiterijen, achtervolgingen en ga zo maar door.

Natuurlijk zou je groot gelijk hebben als je dat verhaaltje
nogal aan de anoxerische kant vindt, maar scenaristen Ted Elliott
en Terry Rossio (die ook de vorige delen penden), hebben ditmaal
tenminste een duidelijke, oertraditionele queestestructuur in hun
script gestopt. Er is een helder afgebakend doel waar alle
personages gelijktijdig op afstevenen – we weten altijd wat ze
uiteindelijk willen bereiken, en dat geeft de film zijn stuwkracht.
Denk even terug aan de plot van Pirates 2 en 3: wat was daar het
doel? Het had van alles te maken met Davy Jones’s locker,
en een hart in een kist, en muntstukken, en de vader van Orlando
Bloom en weet ik veel wat nog allemaal. Die films misten
focus, waardoor je het na een tijdje gewoon opgaf nog te
volgen, en het visuele bombast dan maar over je heen liet waaien.
Het verhaal van ‘On Stranger Tides’ is dan wel summier –
uiteindelijk blijft het toch maar een excuus om zoveel mogelijk
piratenactie te accommoderen – maar het is op zijn minst duidelijk
en samenhangend. Het is tekenend voor het gemiddelde niveau van de
Amerikaanse blockbuster dat simpele coherentie al een compliment
is, maar ja.

Wat je er echter niét van kunt zeggen, is dat die plot sterk
genoeg is om bijna 140 minuten mee te vullen. ‘On Stranger Tides’
duurt zo’n half uur te lang, waarbij vooral het segment aan boord
van Blackbeards schip de indruk geeft onnodig uitgerekt te worden,
met een grootse muiterijscène die op narratief vlak eigenlijk
weinig bijdraagt. Het doel ervan is om een dialoog uit te lokken
tussen Jack en Blackbeard, maar aan dat punt kan je ook raken
zonder er eerst tien minuten overbodig wapengekletter tussen te
proppen. Eens de actie zich daarna verplaatst naar het eiland waar
de Bron van de Eeuwige Jeugd zich bevindt, komt het tempo er weer
in.

De makers proberen ook de humor van het eerste deel, ‘Curse of
the Black Pearl’, opnieuw tot leven te wekken, met matig succes. Ik
geef graag toe dat ik als een puber heb zitten gniffelen bij Jack
Sparrow’s one liner: “I support the missionary’s
position!”,
maar net zo goed zijn er heel wat gags die dood in
het water vallen. Herinner ik me ‘Curse of the Black Pearl’ nu
verkeerd, of bezat die film toch echt een snedigheid in zijn
dialogen, die daarna definitief verloren is gegaan? Wat de actie
betreft, schroeft Rob Marshall het bombast van de vorige twee films
enigszins terug (nóg grotesker dan ‘At World’s End’ konden ze het
ook moeilijk maken), maar bon, laat het duidelijk zijn:
wie een intiem drama verwacht, is aan het verkeerde adres. ‘On
Stranger Tides’ bevat nog steeds een overload aan
actiescènes en Hans Zimmer-ta-da-da-dadaaa!-muziek; zij
het dan een iets meer verteerbare overload dan
voordien.

Johnny Depp voert alweer zijn vertrouwde nummertje op als Jack
Sparrow. Geen wonder dat hij zoveel plezier beleeft aan deze films:
hij zit continu op de mooiste locaties ter wereld en na al die tijd
kan het hem echt niet veel moeite meer kosten om zijn Captain
Jack-typetje van stal te halen. Zijn vertolking blijft amusant,
maar het is ook niet meer dan dat: een typetje, dat desnoods nog
honderd films kan meegaan zonder ooit te veranderen. Penelope Cruz
is de love interest van dienst (terwijl ik er nochtans van
overtuigd was dat Jack Sparrow gay was), en speelt haar
rol naar behoren, zonder echt memorabel te zijn. Geoffrey Rush
overacteert weer alsof zijn leven er van afhangt, terwijl Ian
McShane toch een beetje kleurloos lijkt als slechterik van
dienst.

Kortom: ‘On Stranger Tides’ is niet de gevreesde ramp geworden.
Beter dan twee en drie, maar te lang en niet snedig genoeg om het
niveau van deel één te halen. Zoals te verwachten viel, wordt de
film ook in 3D uitgebracht, en die is echt voortreffelijk. Oké, het
beeld wordt er een slag te duister door, het wordt moeilijker om de
shotcomposities te doorgronden (zeker in combinatie met de snelle
actiemontages), een deel van het publiek (waaronder ondergetekende)
zal er per definitie stekende koppijn van krijgen en ik heb gemerkt
dat die brilletjes je perifeer zicht belemmeren, waardoor je jezelf
op een vreemde manier geïsoleerd gaat voelen van de rest van de
filmzaal. Maar voor de rest: lang leve 3D!

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

twee × twee =