The Black Keys :: 15 november 2010, AB

Er wordt zelden bij stilgestaan maar ook wie in een bandje speelt, kan al eens een minder dagje op het werk meemaken. Alleen jammer als er dan 2.000 mensen op staan te kijken, zoals het geval was bij het middelmatige concert dat The Black Keys in de AB speelden.

Vreemd hoe de dingen lopen. Afgelopen zomer stonden The Black Keys op het heetste moment van de dag op de main stage van Rock Werchter. Onder een ongenadig brandende zon hield het duo zich sterk en speelde een set die tot de betere van de jongste editie van Werchter behoorde – niet dat de concurrentie dermate indrukwekkend was maar toch. Als de band daar overeind bleef dan kon een zaalconcert niet anders dan vuurwerk opleveren, dachten we toen. Niets bleek minder waar in de AB, alwaar The Black Keys het Europees luik van hun tournee op uitermate soffe wijze afrondden.

Nochtans had het er alle schijn van dat ze er ook deze keer knal op zouden zitten. Enkele jaren gelden al had de band bewezen de AB, toen nog in de kleinere Box, uit zijn hand te kunnen laten eten. In de tussenliggende tijd verschenen Attack & Release en Brothers, twee van de sterkste platen die Dan Auerbach en Patrick Carney tot nu toe afleverden.

Met hoeveel plezeier dat plaatwerk ook gedraaid werd, het is met een halve blik op de klok dat het concert in de AB uitgezeten wordt. Doordat de band voor de nummers op Brothers de duo-bezetting ontgroeid is, krijgen we een concert dat opgesplitst is: eerst Carney en Auerbach die zich aan een flinke ronde oud materiaal wagen, vervolgens de band met een extra bassist en orgelspeler om de nieuwe nummers te kunnen brengen.

Dat maakt dat het aanwezige publiek er een tijdlang wat onwennig bijstaat wanneer Carney en Auerbach zich een weg banen door het vroege werk van de band. Aanvankelijk lijkt dat te gebeuren met de handrem op, zoals een suffe uitvoering van “Girl Is On My Mind” doet vermoeden, maar na verloop van tijd wordt duidelijk dat beide heren een hermetische set aan het afwerken zijn.

Even lijkt het goed te komen wanneer “Strange Desire” als een zwoel onweer in slow motion door de zaal trekt, maar dat blijkt slechts een van de sporadische momenten van vervoering die The Black Keys in petto hebben. Ook wanneer bij de intro van “Everlasting Light” naast een bassist en toetsenist eveneens een gigantische glitterbal te voorschijn komt, lijkt even magie in de lucht te hangen.

Die momenten kunnen echter niet verhullen dat dit The Black Keys hun dagje niet is. Hoe indrukwekkend het af en toe ook wordt –“Strange Times” is een knal voor je kanis — de band slaagt er niet in hun greep op het het publiek vast te houden, iets dat in het verleden nochtans geen probleem leek te zijn. Jammer.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

18 + 3 =