Hot Chip :: ”Wat wij nodig hebben, is iemand die onze muziek goed kan opnemen”

"Hun beste plaat", juichten sommige recensenten over het nieuwe One Life Stand, maar zelf hielden we het bij een ontgoocheld "Misschien wel de sof van het jaar". En toch willen we u het optreden van Hot Chip op Pukkelpop aanraden, want live bouwen de heren een feestje dat moeilijk geëvenaard wordt. Net voor de heren een volgelopen AB inpakten, sprak goddeau met frontman Alexis Taylor.

enola: One Life Stand moet zowat de mooiste metafoor voor het huwelijk zijn die Pater Versteylen nooit bedacht, Alexis.
Taylor: "Pater who? Connais pas, monsieur. ’t Is geen plaat over mijn relatie, als je dat soms denkt. Eerder een over getrouwd zijn, over mijn gevoelens daarover. Het is een plaat over in een relatie zitten. Dat kan cheesy zijn, maar het is nu eenmaal het belangrijkste in mijn wereld op dit moment. Daarom probeer ik er zinnige dingen over te zeggen, ook wel in een poging uit te vinden waar ik sta in deze wereld. Dat mag groots en ernstig klinken, maar daar gaat het wel om. Als ik geen songs schrijf, probeer ik ook maar gewoon mijn leven te leiden, maar als ik songs schrijf dan gaat het eerder over de grote vragen als ’wat gebeurt er?’, ’waar pas ik in dit verhaal’."

enola: Er zijn heel wat popsongs over de bliksemschicht van het verliefd worden, maar dit moet een van de weinige platen zijn die gaan over wat kan volgen: de rustige vastheid van een goeie relatie.
Taylor: "Ja, maar niet op een verheerlijkende manier. Als je goed naar de teksten luistert, zul je horen dat ze gaan over begrijpen wat het is om in een relatie te zitten. Ik ga zeker niet stomweg beweren dat het fantastisch is om een lief te hebben. Het is namelijk niet zo gemakkelijk, en het vraagt heel wat toewijding om het te doen blijven duren. Je probeert goed te zijn voor iemand die je bijna verafgoodt, terwijl je worstelt met je eigen problemen. Neem nu "Hand Me Down Your Love". Zelfs de titel zegt het al bijna: ik heb je nodig, geef je liefde van ergens boven me aan mij. Het stelt vragen als ’waarom kan ik niet zo schitteren? Waarom kan ik niet de juiste beslissingen nemen als jij, maakte ik foute keuzes en jij niet?’"

enola: Het gevolg van zoveel liefde is dat jullie een behoorlijk trage plaat hebben gemaakt.
Taylor: (verveeld) "Maar we hebben helemaal geen plaat vol slows geschreven. Op "Slush" na, heeft elk nummer ongeveer 120 à 130 beats per minuut. Dat zijn houseritmes! Die verkeerde indruk is ontstaan omdat de plaat iets minder in your face en hard klinkt als Made In The Dark; het is allemaal wel wat zachter en subtieler, dat wel. Maar eigenlijk telt One Life Stand minder trage songs dan onze vorige plaat, waar we heel veel afwisseling tussen traag en hard hadden. Nu hebben we maar één echte plakker, maar het algemene gevoel is wat afgeronder."

enola: Bij de release van Made In The Dark sprak ik met Al (Doyle, bassist, mvs) die me vertelde dat jullie wegwilden van de dancetents op festivals. Was dat een werkpunt op de agenda toen jullie aan deze plaat begonnen?
Taylor: "Zeker niet voor mij. Het maakt ook niet uit wat ik of Joe (Godard, toetsenist en medesongschrijver van Hot Chip, mvs) of Al apart vinden; we schrijven onze songs samen, dus als je alles samengooit, verandert het toch in iets anders dan je bedoelde. Er zijn momenten geweest dat ik een song schreef die niets met dansmuziek te maken had — gewoon een zanglijn — en Joe er een idee bijtrok, waardoor het helemaal ergens anders uitkwam. Ik denk niet in termen van dansmuziek of niet. Ik denk in termen van songs, en dan producen we het."
"Soms vertrekken we wel bij de productie, vanuit een instrumentaal stuk, bijvoorbeeld. Zo is "One Life Stand" ontstaan. In mijn hoofd was dat een electropopsong uit de eighties. Ik kon me zo voorstellen dat die op een maxisingle zou geperst zijn in de jaren tachtig. En ik vind de tekst van het refrein perfect kloppen bij die muziek, zelfs al zijn er mensen die het vinden botsen dat ik zo’n melancholische liefdesverklaring over een dansnummer zing. Het draait zo uit; het is niet het resultaat van een gerichte zoektocht. Het is een natuurlijk gevolg van onze werkwijze."

enola: Jullie hebben het album opnieuw zelf geproducet. Hebben jullie bepaalde referentieplaten de studio binnengebracht; "de drums moeten zo klinken, die gitaar moet zoals in dat nummer klinken,…"?
Taylor: "Eigenlijk minder bij deze plaat dan bij de vorige. Om een of andere reden hebben we deze keer meer onze eigen beslissingen genomen, zonder ons te baseren op wat iemand anders al had gedaan. Nu, er zijn wel van die referentiepunten geweest hoor. Voor een eerste schets van "Thieves In The Night" had Joe Sylvester, een discoartiest uit de seventies in gedachten. Hij wilde dat de rest van de groep daar naar zou luisteren om te zien hoe die track verder moest. Lang heeft dat niet geduurd, want het nummer is vrij snel drastisch veranderd. Het heeft qua groove en muziek zelfs een tijd heel erg als Jonathan Richman And The Modern Lovers geklonken. Dat was niet de bedoeling; het eindigde gewoon zo rockend. Dat werkte niet, vonden we, en we hebben al die rockelementen weggehaald, andere drums gebruikt, tot het iets anders werd."
"Daarom hebben we ook twee drummers gebruikt: de ene dag Charles Hayward, de andere Leo Taylor. Op "Thieves" hebben we uiteindelijk de gitaar en Charles’ partij geschrapt — hij speelt wel meer op de plaat — en voor Leo gekozen. Die speelt nooit hetzelfde maar verandert voortdurend iets in zijn ritmes. Een richtlijn voor dat nummer was ook de productie van Giorgio Moroder op "Number One Song In Heaven" van Sparks. Niet dat we dat kopieerden; ’t was gewoon iets in ons achterhoofd."

enola: Ik heb het gevoel dat jullie op deze plaat jullie palet weer verbreed hebben. Zijn er nog genres die je bewust eens zou willen proberen?
Taylor: "Goh, ’t is niet alsof we bewust genregebaseerde muziek maken. Op deze tour ben ik enorm veel naar oude countrymuziek aan het luisteren, maar ik denk niet dat we ooit zelf een countrysong gaan opnemen. Misschien beïnvloed het ons echter ooit op zo’n subtiele manier dat we het zelf niet eens meer merken. Om maar iets te zeggen: er is geen enkel moment dat ik niet aan Will Oldhams muziek denk, maar ik ga nooit muziek maken die op de zijne lijkt. En toch hij is mijn favoriete songschrijver, en fascineert hij me in alles wat hij doet. Niet alleen de songs, maar ook zijn voorkomen, hoe hij op het podium staat,.. ik bewonder hem."

enola: Wat trekt je zo aan in hem? De manier waarop hij zo expliciet geen ster wil zijn?
Taylor: "Ik heb hem nooit als een non-ster beschouwd, maar ik begrijp wat je bedoelt. Wat ik zo bewonder, is dat hij het soort muzikant is die zelf beslist, en soms pervers en tegendraads is. Ik vind het intrigerend om hem bezig te zien, omdat je nooit weet welke versie van een song hij gaat spelen; ’t is altijd puntje-van-je-stoel bij hem. Hij schept er plezier in om zichzelf op het podium opnieuw uit te vinden. En daarnaast heeft hij ook gewoon een aantal songs geschreven op die vroege Palaceplaten die op papier niet zouden mogen werken — zijn stem kraakt, alles lijkt uit elkaar te vallen — maar er zit zoveel in. Ik leg zijn platen heel vaak opnieuw op. Ik vind ze heel rijk, net als Dylan en The Beatles."
"We hebben afgelopen lente een remix van "I Feel Better" gemaakt waarop hij zingt. Toen ik hem onze versie stuurde met de vraag of hij er iets op wilde doen, wist ik niet wat het zou worden, maar ik verwachtte een harmonie of zo. Hij zond het terug met iets vol nieuwe melodieën en tegenmelodieën, soms zelfs in een andere tijd; alsof hij de gaten in onze muziek heeft gevuld. Als ik het nu live zing, heb ik zijn melodie in mijn hoofd, en het beïnvloedt me. Net zoals de samenwerking met Robert Wyatt op die EP met hem "Made In The Dark" heeft veranderd. We merken dat er live altijd iemand is die probeert het Robert Wyattdeel te doen. Ze hebben het nummer veranderd. Muzikanten die dat kunnen, zijn zo indrukwekkend."

enola: Waarom zond je hem net "I Feel Better"?
Taylor: "In de strofes die Joe voor het nummer schreef, kon ik om één of andere reden zo zijn woorden horen. En ik dacht dat het wat kon worden; zijn stem op een dansnummer. Ik wist dat hij ook van pop houdt, van R Kelly, net als wij. Dus ik heb het er op gewaagd het hem te zenden. Het zou nog cooler zijn om hem mee te laten zingen op een nummer als "Slush", maar dit was interessanter denk ik."

enola: Heb je nog van die samenwerkingen in gedachten?
Taylor: "We hebben op dit moment geen ijzers meer in het vuur, maar ik wil zeker nog samenwerken met mensen. We hebben het laatste jaar al heel wat gedaan. We werkten op Glastonbury in 2008 met Wiley samen, met Robert Wyatt en we deden die Vampire Weekendcover met Peter Gabriel. En op deze plaat werkten we dus samen met Charles Hayward. Ik wil gerust nog meer samenwerkingen doen, maar misschien is het even goed geweest en moeten we ons nu weer even terugplooien op onszelf."

enola: Of met iemand anders als producer samenwerken?
Taylor: "De naam die ik daarvoor in gedachten had, is Calvin Johnson van Dub Narcotic Soundsystem. Hij heeft onlangs ook Chain & The Gang geproducet en het geluid van hun plaat is geweldig. Het klinkt als een vroege Funkadelicplaat. Ik kan me voorstellen dat hij ons zou producen op een manier die kan werken. Dat zou niet lukken met iemand geweldig als Brian Eno, die zoveel eigen ideeën met zich meebrengt. Wat wij nodig hebben, is iemand die onze muziek goed kan opnemen. Zoals Steve Albini. Al weet ik niet of die interesse zou hebben in onze sound."
"Ik neem een risico met dit te zeggen, want voor je ’t weet mogen we hier elk volgend interview op antwoorden, maar ik denk dat Joe volgende keer meer een rockplaat wil maken, iets vrijer en minder geprogrammeerd. Er zitten nu al zulke elementen in onze optredens. We hebben voor de BBC een opname van "Over & Over" gemaakt die daar bij aansloot. Ze vroegen ons om het even welke van onze songs volledig onherkenbaar te brengen. We hebben Charles Hayward gevraagd als drummer en John Coxon van Spiritualized als gitarist en speelden het nummer op halve snelheid, als zware funkrock. Dat soort dingen doen ons wel eens overwegen in die richting verder te zoeken."

enola: Tot slot een roddel die ik in een twijfelachtige Engelse krant vond: jullie zouden graag songs willen schrijven voor Susanne Boyle?
Taylor: "Dat wil ik niet doen. Ik vind dat ze een goeie stem heeft, maar songs voor haar schrijven is niet echt mijn grootste besogne."

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

twee × 5 =