Martha Wainwright :: Sans Fusils, Ni Souliers, A Paris

Van alle Wainwrights dragen we vooral Martha een warm hart toe. Ze is geen lollige relativeerd(st)er zoals haar vader Loudon of een wel eens een brug te ver gaande travestiet zoals haar broer Rufus. Toch is ze net als beiden born with the gift of a golden voice en daarom kan ze zich een plaat vol nummers van Edith Piaf moeiteloos eigen maken.

Het ondertussen reeds derde album van Wainwright is een eerbetoon geworden aan de Franse zangeres Piaf. Wainwright heeft haar levensgrote bewondering voor de chanteuse nooit onder stoelen of banken gestoken: hier al eens een vermelding in een interview, daar al eens een gecoverd nummer tijdens een optreden. Uiteindelijk is er dan Sans fusils, Ni Souliers, A Paris gekomen, als een soort formele bevestiging van dat ontzag.

Vijftien nummers werden geplukt uit drie optredens in New York die niet enkel een eigen interpretatie van Wainwright lijken te zijn. Eigenlijk doet ze wat haar broer Rufus een paar jaar geleden deed met Rufus Does Judy At Carnegie Hall: jezelf een zodanig groot lef aanmeten dat je je handen durft vuil te maken aan het werk van een van je grootste helden om zo mogelijk hetzelfde niveau als die laatste te halen. Dat is veel meer dan zomaar een favoriet deuntje meezingen onder de douche of wanneer een neef weer eens een spelletje Singstar meebrengt naar een familiefeest. Maar het blijkt bij gelijkaardige pogingen ook minder, en dat kan voor sommigen een hekel punt zijn.

Hoewel het dus inderdaad een hachelijke onderneming blijft, slaagt Wainwright wonderwel in haar opzet van coveren. Daar kunnen verschillende aspecten de oorzaak van zijn. Zo is de hele plaat een volledige liveregistratie, wat de indruk wekt van weinig bemoeienis en meer spontaneïteit. Het is daarnaast ook geen sobere weergave geworden. Het opvallendst zal wel de vaak opzwellende muziek zijn die de Parijse sfeer moet aandikken, bijvoorbeeld op de schaarse momenten dat Wainwrights accent het wat laat afweten. Op die manier moet in opener "La Foule" aan het Franse accent even gewend worden, maar gaandeweg dekt het samenspel van piano en accordeon die minieme onvolkomenheden subtiel in.

Uiteindelijk laat ze zich tijdens nummers als "Une Enfant" en "L’Accordéoniste" door geen enkele taalbarrière meer tegenhouden. Op dezelfde manier toont "Les Grognards" hoe haar stem de strijd aangaat met het stembereik van Piaf zelf, maar blijkens het zachtere "C’est à Hambourg" hoeven de ramen niet altijd in hun kozijnen te daveren. Wat daarnaast ook zorgt voor het welslagen van deze plaat, is Wainwrights keuze van nummers. Het toont nog maar eens haar bewondering door niet de voor de hand liggende nummers als "Non Je Ne Regrette Rien" of "La Vie En Rose" te kiezen.

Piaf kende een leven vol kommer en kwel en haar ongenaakbaarheid uitte ze door zich aan haar zangtalenten vast te klampen. Ongetwijfeld blijft Wainwrights bewondering niet beperkt tot haar muzikale carrière. Bijzonder aan deze plaat is dan ook dat het als aanzet kan dienen om het werk van Piaf (beter) te leren kennen, gezien Piaf zelf een oude rot is die vroeg of laat dreigt vergeten te worden. Op geen enkele manier echter wordt de drang gecreëerd de originele nummers terug op te smijten. Op deze plaat blijft hoe dan ook de stempel van Wainwright gedrukt, en wie daar niet tegen kan, laat dit album bij voorbaat best terzijde.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

18 − vier =