PUKKELPOP 2009 :: En elders…, vrijdag 21 augustus

Pukkelpop, dag twee is er een van rondsjezen tussen de verschillende podia om toch maar geen lekkere brokken te missen. De Main Stage, de Marquee en The Shelter bieden we u apart, de rest vindt u hier overzichtelijk gebundeld.

Club

De Dertien

De uitgebreide verslagen van de dertien beste concerten leest u met één klik hieronder.

U was nog niet goed wakker en prefereerde nog wat te soezen. Dat trof: met Yuko heeft Chokri in de Club de perfecte doezelmuziek geprogrammeerd. Met gitarist Rolf Veresen als extra versterking, pakt de band echter uit met een heel wat potiger geluid dan we gewoon zijn. Nieuwer werk krijgt bij momenten zelfs een postrock-kantje dat wie dan toch wat wegglijdt naar dromenland weer ruw bij de les roept. Maar toch bleef het Yuko zoals Yuko moet zijn: met de sfeervolle schetsen van liedjes van Kristof Deneijs, het bizarre geluidenarsenaal — die koffiemolen doet het hem elke keer — van Lotte Depuyt en de steeds briljante drumster Karen . Mooi concert.

Ebony Bones! is een vermakelijk allegaartje van bizarre outfits en maakt danspunk op een kruising tussen Madness en The Rapture. Om hun sprankelende persoonlijkheden wat extra in de verf te zetten, gaan de groepsleden gehuld in diverse bizarre outfits die ze in Rio niet meer nodig hadden. We noteren een witte afro, een soort voodoo-masker, schreeuwerige bloesjes en een rits aanstekelijke grooves. Een stevig gevulde Clubtent springt enthousiast mee, maar na een kwartier blijkt toch dat springerige geinigheid en leuke grooves ook nog catchy songs nodig hebben om langer te kunnen boeien.

"Gelukkig is iedereen netjes op tijd begonnen, dus vandaag zullen er geen vliegende pianokrukjes te zien zijn", verwijst Patrick Wolf al vroeg in zijn set naar het incidentje van even terug op een Keulens festival. Het multi-instrumentale popwonder heeft dan ook een kort lontje, maar vandaag staat hij er allesbehalve vinnig op. Goed, "Tristan" wordt massaal meegebruld en ook het vurige "Hard Times" — fiedelpop met een vleugje elektronica — gaat er vlot in. Al bij al wordt het echter niet de overrompeling van twee jaar geleden. Puike versies van "Damaris" en "Vultures" uit het nieuwe The Bachelor stranden eerder op "degelijk" dan "uitzonderlijk". Hopelijk heeft het optreden in de Botanique volgende maand iets meer pit.

{image}Een tot de nok gevulde Club was op vrijdagavond duidelijk verlekkerd op een stevig feestje. Het tweekoppige Blood Red Shoes moest dan ook weinig moeite doen om de tent in vuur en vlam te zetten met hun hyperkinetische pseudo-punk. Aanstekelijk en amusant, maar ook puberaal en gratuit. Aan enthousiasme bij Laura-Mary Carter (op gitaar) en Steven Ansell (drums) geen gebrek, gezien hun verpletterende passage op Pukkelpop vorig jaar. Maar ook op dit soort lichtzinnig indie komt er sleet, en fris rook Blood Red Shoes vrijdag alvast niet meer. Tijd om te bedanken voor bewezen diensten.

Chateau

De band met de lelijkste groepsnaam? Gay Blades, muzikaal te situeren tussen Blood Red Shoes en The Black Box Revelation, brengen ons pure rock-’n-roll met vooral véél humor. Zanger/ gitarist Clark Westfield houdt tussen elk liedje een humoristisch intermezzo van één à twee minuten. "On three we are all going to shout: Fuck Metric!" Best wel leuk toch?

Sommige mannen zijn gezegend met een stem waar je onmogelijk wat mee kan mispeuteren. Stuart A. Staples (Tindersticks) is één van de gelukkigen, maar zo ook Bill Callahan, beter bekend als Smog. Met een ijzersterke set vol nieuw werk uit het onlangs uitgebrachte "Sometimes I Wish We Were An Eagle", geeft Callahan de Chateau een memorabele rondleiding doorheen zijn donkere en eigenzinnige universum. Callahan zingt zelfverzekerd, zelfs een tikkeltje laconiek, en brengt zijn intrigerende teksten — steeds perfect verstaanbaar — op een bijna speelse manier. Het resultaat is intiem en toch krachtig. Afsluitend trio "The Wind and the Dove", "Eid Ma Clack Shaw" en "Cold Blooded Old Times" brengen een quasi perfect optreden tot een hoogtepunt. Zonder meer indrukwekkend.

Met Crystal Antlers en Health haalde de Chateau op vrijdag de crème de la crème van de nieuwe generatie noise-rockers in huis. De muziek van Health proberen beschrijven, overstijgt het kunnen van uw dienaar, dus we stellen enkel vast dat deze vier jongelingen iets produceren dat tussen noise, punk en progrock moet liggen, en dat bovenal ongemeen hard is. Het ziet eruit als pure chaos: de drums worden ei zo na verwoest, terwijl gitaren lustig worden afgeranseld (er is geen ander woord voor); om van de trommelvliezen van menig luisteraar nog maar te zwijgen. Maar het geheel klinkt als perfect uitgekiende en tot in de puntjes georkestreerde noise. Terwijl menig genre genadeloos wordt verkracht, worden teergevoelige zieltjes de tent uit gespeeld. Jammer voor hen, want het sensationele en beestachtig goede Health was één van de absolute hoogtepunten van Pukkelpop 2009.

Eerlijk is eerlijk: we hadden Crystal Antlers op voorhand niet meteen als topper aangekruist. Daarvoor leek de groep ons te jong, te hip, te onvoorspelbaar. Volslagen onterecht, zo blijkt meteen, want Crystal Antlers is beslist door het heilige vuur bezeten. Het geschreeuw van zanger Jonny Bell, het opvallende orgel en de chaotisch over elkaar heen gestapelde gitaarriffs: het resulteerde in uitzonderlijk goed verteerbare en aanstekelijke progrock. De setlist kan nog dat tikkeltje meer variatie gebruiken, maar dat wordt ruimschoots goed gemaakt wanneer het beklijvende "A Thousand Eyes" de Chateau gewoonweg aan flarden scheurt. Dit is niet zomaar de zoveelste te vroeg bejubelde hype die even snel weer zal ten onder gaan als ze gekomen is. Deze mannen weten wat ze doen, en neem het van ons aan: ze doen dat goed!

Dancehall

In de dancehall staat Buraka Som Sistema, volgens trendwatchers en de schrijver van het pukkelpop-ABC de grote dance-revelatie van Pukkelpop 2009 te zijn. Welja, die kuduro is weer eens een ander ritme om hevig transpirerend van uit je dak te gaan en de heren en dames van Buraka Som Sistema doen hun uiterste best om er een stevig feest van te maken, maar zo revelerend is het nu ook weer niet. Voor deze man (toegegeven: met de dansvaardigheden van een kassei) klinkt het als het zoveelste drukdoende collectief dat "put your hands up", "go wild" en ook nog wat onverstaanbaars (tenzij je Portugees spreekt) over een opzwepend ritme schreeuwen. Volgend jaar mag een gelijkaardig collectief dat in een ander exotisch ritme en in een andere taal komen doen. U gaat dan weer gewoon uit uw dak en wij leggen ons dan kasseigewijs even in het zonnetje.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

2 × 5 =