Jarvis Cocker




AB, Brussel, 6 juni 2009

Jarvis
Cocker is natuurlijk een van dé Cool Britannia-iconen bij uitstek,
maar laat dat geen reden zijn om enige bijdrage van de man de man
in de 21e eeuw op voorhand af te schrijven. Niet alleen
is hij nog steeds in staat meer dan behoorlijke plaatjes uit zijn
mouw te schudden, het is bovenal nog altijd feest wanneer de
boomlange Brit het podium betreedt en het publiek deelgenoot maakt
van zijn onverslijtbare charisma.

Jarvis werd voorgegaan door The Legendary Tiger
Man
, een eenkoppige Portugese ‘band’ die in de wereld van
de rhythm ‘n blues naar verluidt op een stevige reputatie kan
terugvallen. Ook in de AB wist de tijgerman een uiterst aangenaam
bluesgeluid de zaal in te sturen, maar op een echte legende was het
wachten tot meneer Cocker van achter de coulissen verscheen.

Jarvis is de laatste tijd een beetje baardiger dan
gewoonlijk, maar voor de rest lijkt hij nog steeds als twee
druppels water op de wulpse en immer stijlvolle dandy die in de
jaren negentig met Pulp een prima alternatief vormde voor wie toch
maar niet kon of wilde kiezen tussen de kemphanen van Oasis en
Blur. Het uitgebreide kusjesgooien en de aanstellerige poses bij
zijn opkomst bewezen meteen dat hij het charmeren nog bijlange niet
verleerd is, getuige ook de vele verzuchtingen in het publiek als
reactie op deze uitbundige entree.

De rode draad doorheen de avond was Jarvis’ nieuwe plaat ‘Further
Complications’, die het wat ons betreft niet helemaal kan halen bij
zijn voorganger ‘Jarvis‘, maar live een opvallend goede beurt
maakte en zich plots wel kon meten met dat knappe solodebuut. Het
eerste bommetje dat ontplofte was ‘Angela’, een nummer over een
vrouw die een beetje doet denken aan oude bekende ‘Deborah’ uit
Pulps successingle ‘Disco 2000’. Meteen daarna volgde het rockende
‘Further Complications’ waarin Jarvis de kans kreeg tot het
ontketenen van nog meer van zijn bekende spasmen. Het is duidelijk
van waar Alan Donohue van The Rakes de mosterd heeft gehaald voor
zijn bekende eh, choreografieën.

Iets rustiger werd het met het epische ‘Slush’ en de verleidelijke
ballades ‘Never Said I Was Deep’ (een leuze die Jarvis naar eigen
zeggen later op zijn grafsteen wil zien staan) en ‘Leftovers’.
Jarvis maakte duchtig gebruik van deze sensuele momenten om het
gelukkige publiek op de eerste rijen toe te zingen en
vanzelfsprekend in geen tijd rond zijn vinger te winden.
Ondergetekende heeft alvast mooi gedroomd achteraf.

Daarna ging het er weer wat steviger aan toe met beukende versies
van ‘Homewrecker!’ en het aan Johnny Rotten refererende ‘Caucausian
Blues’. Vooraleer Jarvis een eerste keer adieu zei, gooide hij er
nog een uitmuntende uitvoering van het klassieke ‘Black Magic’
bovenop.

Cocker keerde nog tweemaal terug en werd telkens bedolven onder het
applaus en de bewonderende blikken. Weinig verrassend, want de
excentrieke Brit zette de boel compleet op stelten met uitzinnige
versies van onder meer ‘Fat Children’ en hitsingle ‘Don’t Let Him
Waste Your Time’. Met de langdradige en monotone afsluiter ‘You’re
In My Eyes (Discosong)’ was de eerste, laatste en ook enige
tegenvaller van de avond een feit. Ach ja, ook bij echte helden kan
de boog niet altijd gespannen staan.

Een held is wel het minste dat we Jarvis Cocker ook vandaag nog
altijd mogen noemen. Je kan er om treuren dat de zanger het vertikt
om oude Pulpsongs te spelen, maar anderzijds is net dat misschien
wel zijn grootste sterkte. Natuurlijk vinden we echo’s terug van
het Pulpgeluid in Jarvis’ solowerk, maar wie op zoek is naar
momenten waarop de man zich verlaagt tot het kopiëren of
karikaturiseren van zichzelf, komt bedrogen uit. Jarvis is nog
steeds een gedreven en vooruitstrevende muzikant, wat zich ook
vertaalt in een liveshow vol adrenaline.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

zestien − twaalf =