Anderson :: It Runs In The Family

Toen het Nederlandse duo Anderson in 2005 zijn eerste album We Radio Anderson uitbracht, ging de release in ons land vrij onopgemerkt voorbij. Op hun nieuwe worp wordt de bescheiden indietronica van hun debuut verruimd met zwaardere beats en synthesizers die lonken naar het beste, maar ook het foutste van de jaren tachtig. Benieuwd of ze nu wel gehoord worden…

It Runs In The Family steekt mooi van wal met “Michael* Running On The Asphalt”. Na een rustige intro met een keyboard dat doet denken aan The Album Leaf valt een aanstekelijke synthesizer in, samen met stuiterende beats. Meteen is duidelijk dat Anderson voor zijn tweede worp een ander geluid ambieerde. De referenties naar The Notwist, The Go Find en The Postal Service zijn er nog steeds, maar worden verruimd met keyboardgeluiden waar The Pet Shop Boys jaloers op zouden zijn. Het mag allemaal wat extraverter en in sommige nummers, zoals “Trevor Benson* On The Dancefloor”, wordt er bijna expliciet naar de dansvloer gelonkt.

Het album is volledig opgebouwd rond de fictieve familie Benson. Deze bestaat uit tien uit elkaar gegroeide verwanten die verspreid over de wereld wonen. Ieder liedje is geïnspireerd op één van de familieleden en draagt zijn of haar naam in de titel. Zo wordt in het tweede lied Trevor Benson bezongen, die duidelijk het fuifbeest van de familie is. Op de dansvloer waagt hij zich al eens graag aan een moonwalk en hij is ook een volleerde ijdeltuit: “He gives his hair that special treatment. He’s got the wax and the cheap shampoo”. Andere hoogtepunten van het album zijn het vlotte “Cameron* The Center Of Your Universe” en het zweverige, door een droge beat ondersteunde “Silvester* My Company”. “Richard* Mister Gravity” begint veelbelovend met een vrolijk gitaarrifje en enkele geprogrammeerde handclaps. Daarna verliest het nummer jammer genoeg een beetje zijn richting.

De blije keyboardmelodieën en vele heldere synthesizergeluidjes maken van It Runs In The Family een vrolijke en zonnige plaat. Opvallend is de zeer nauwgezette productie: over ieder geluidje en bliepje lijkt er uren te zijn nagedacht in de studio. Hoewel er zo een mooi uitgebalanceerd geluid ontstaat, klinkt het geheel soms iets te glad en te vlot. De keyboards mogen gerust een beetje vettiger, de stem iets ruwer, de beats iets vuiler en de occasionele gitaren iets harder. Zo verwijst het refrein van “Catherine* And The Unexpected Guest” iets te zeer naar de overproducete pop uit het decennium van de nekmat en fluo legging. Het volgende nummer “Sylvester* My Company” weet dit gelukkig te vermijden met een donkerder geluid en een beklijvende outro waar de stem mooi in stukjes gehakt wordt en vervolgens geloopt wordt. Afsluiter “Lewis* Bulletproof Vest” brengt met een slide gitaar erbij een rustig einde, maar is als song iets te zwak om niet naar het slaapverwekkende te neigen.

Ondanks enkele groeipijnen levert Anderson met zijn tweede album het bewijs dat hij een blijver is. It Runs In The Family is dan misschien geen wereldschokkend meesterwerk geworden, maar uw lente en zomer opvrolijken zal het plaatje wel degelijk kunnen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

10 + zeven =