El Guincho :: Alegranza

Het is nog steeds niet het eerste land waar we aan denken bij de woorden “bloeiende muziekscene”, maar Spanje heeft wel degelijk meer te bieden dan de familie Iglesias en flamenco. Met de laptopsamba van Alegranza pakt El Guincho zelfs uit met een behoorlijk origineel geluid.

Het heeft een tijd geduurd vooraleer El Guincho Alegranza in Europa kon uitbrengen. De Spanjaard pikt immers als de raven en zijn debuut zit dan ook vol kleine samples. De rechten daarop regelen gaat dan wel vlotjes als het één land betreft (en dus lag de plaat al eerder dit jaar in de Verenigde Staten in de winkel), om alles geregeld te krijgen voor de landenhoop op het oude continent was iets meer tijd nodig. Op de valreep van 2008 — altijd interessant voor de eindejaarslijstjes — is het dan toch gelukt.

U hebt de geruchten misschien al gelezen op gespecialiseerde blogs, en indien niet volgt hier nog eens de samenvatting: El Guincho, dat is één deel de onderwaterklanken van Panda Bear, twee delen tribale sambaritmes en een flinke geut Spaanse volksliedjes. Als tagline niet geweldig, en als omschrijving is het zeker maar het begin van de waarheid.

Maar al te vaak schiet Alegranza tussen die polen heen en weer met een aanstekelijkheid die vooral “Dans! Dans! Dans!” lijkt te schreeuwen. Zo drijft “Antillas” op dat ene gitaartje van Oriango & Kipchamba dat Vampire Weekend vergat te pikken, maar daaronder gaat een stoet aan percussionisten loos alsof het alle dagen carnaval is. Dat is het dan soms ook met Alegranza vers van de mat geplukt.

Nog feest: de uiterst meekweelbare “A-A-Aaa’s” van “Kalise” of het handgeklap en meerstemmig gezang van “Cuando Maravilla”: El Guincho draait er twee traditionals in de mixer, zet wat dubeffecten op de djembéklanken en laat het geheel draaien als een tol. De knoppendraaier is duidelijk op zijn best als hij al zijn invloeden in een wilde polonaise opjaagt, dwars doorheen de strandhut op Gran Canaria waar hij alles op zijn laptop bijeen knutselt. Ja, wij stellen ons soms de gékste dingen voor, zelfs al weten we eigenlijk wel dat de man ondertussen al lang in Barcelona resideert.

Hier ten huize spelen we ook wel eens het spelletje spot-de-sample, maar vergeet het dat u “Latin Esque” van Juan Esquivel herkent in “Fata Morgana”. Toch wordt dat nummer netjes vermeld in de liner notes van Alegranza. Juist is juist en wat dat betreft moeten we helaas meedelen dat Pablo Diaz-Reixa, zoals El Guincho bij de Spaanse autoriteiten nog steeds bekend staat, hier mekkert als een geit met aambeien.

Ook “Buenos Matrimonios Ahi Fuero” — een songtitel met een groot Boutros Boutros Ghali-gehalte — en “Costa Paraíso” laten het wat hangen, al is het live ongetwijfeld aardig huppelen op die laatste. Toch gaat Alegranza naar het einde toe wat slepen; de ritmes worden gelijkvormig, Diaz-Reixa lijkt maar één soort zanglijn te kennen en we hebben het allemaal al beter gehoord op de eerste helft van deze plaat. Niet dat “Prez Lagarto” een slecht nummer is, maar we kénnen het onderhand wel en het wordt wel erg duidelijk dat El Guincho slechts over een beperkt aantal trucjes beschikt.

Voor de betweters die stug blijven volhouden dat je het op internet beknopt moet houden en dat “de mensen niet meer graag lange teksten lezen” vatten we het nog even kort samen: een heel klein beetje fiesta, maar niet al te gek veel.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

9 − 5 =