Adoration




Van de vele eigenschappen die je hem als regisseur kunt
toedichten – ontoegankelijk, etherisch, poëtisch,
intellectualistisch, you name it – is er één die maar al
te vaak over het hoofd wordt gezien wanneer er wordt geschreven
over Atom Egoyan, en dat is zijn neiging om genres volledig naar
zijn hand te zetten. De Canadees-Armeense regisseur, één van de
poster boys van de brainy art-house cinema, maar weinig
gekend daarbuiten, is na ‘The Sweet Hereafter’ begonnen aan een
soort van (uiteraard zeer kleinschalig) offensief om één na één al
de traditionele filmgenres te voorzien van een sfeervolle
make-over. ‘Felicia’s Journey’ (wellicht zijn meest onderschatte
prent) was een soort van serial killer thriller, met de
nadruk op “soort van”. ‘Ararat’ (zijn minst geziene film) was een
historisch drama, maar niet echt, en ‘Where the Truth Lies’ (zijn
meest toegankelijke) een variant op de film noir. Nu is er
‘Adoration’, en ik veronderstel dat je dit Egoyans interpretatie
van een coming of age-drama zou kunnen noemen. Maar dan
wel één op zijn Egoyans, wat inhoudt dat de zwaarwichtige thema’s,
symbolen, in elkaar overvloeiende tijdlijnen en narratieve
misleidingen je rond je oren vliegen.

Het verhaal draait rond Simon (Devon Bostick) een tiener die van
Sabine, zijn lerares Frans (Arsinée Khanjian), een vertaalopdracht
krijgt: hij moet een artikel in het Engels overzetten rond een
Palestijnse man die zijn zwangere vrouw met een bom op een
vliegtuig richting Israel wilde zetten (buiten haar medeweten, wel
te verstaan). Simon neemt die vertaalopdracht nogal persoonlijk, en
herschrijft het verhaal: in zijn versie is hij het ongeboren kind,
samen met zijn moeder op het laatste nippertje van de dood gered
door een achterdochtige beambte op de luchthaven. Sabine vindt zijn
herinterpretatie zo fascinerend dat ze hem aanmoedigt er een
theatermonoloog van te maken. Bij wijze van test presenteert Simon
zijn verhaal als non-fictie aan zijn klasgenoten, maar de gevolgen
daarvan zijn niet te overzien: via het internet verspreidt het
verhaal van Simons terroristische vader zich als een lopend
vuurtje.

Dat alles is slechts het eerste niveau van een veelgelaagde
vertelling: de reden waarom Simon het verhaal zo’n bizarre draai
gaf, is immers omdat zijn eigen ouders stierven in een
auto-ongeluk. Zijn grootvader houdt vol dat zijn vader opzettelijk
op een aankomende vrachtwagen inreed. Egoyan gebruikt al die
verhaalelementen om een film te construeren die zich afspeelt op
verschillende niveau’s van realiteit en tijd: we zien het fictieve
verhaal dat Simon verzon, we zien zijn huidige relatie met zijn oom
Tom (Scott Speedman), bij wie hij inwoont, we krijgen flash-backs
naar de reële situatie tussen zijn ouders en ga zo maar door. Wie
vertrouwd is met de vorige films van Egoyan, zal er niet van
opkijken dat ook ‘Adoration’ weer een zorgvuldig geconstrueerde
puzzel is van gebeurtenissen in heden en verleden, reëel en
ingebeeld. De grote prestatie van Egoyan, die ook consequent is
voor zijn oeuvre, is dat hij aan de éne kant moeilijke,
intellectuele cinema weet te maken over bloedserieuze thema’s, maar
dat hij anderzijds niet vervalt in hermetisme. Je moet er telkens
wel je kopje bijhouden, maar als je daar toe bereid bent, krijg je
ook telkens sfeervolle, boeiende drama’s, met intrigerende
personages in ruil. Egoyan maakt zijn films niet complex enkel
omdat hij de artistiekeling wil spelen, maar wel omdat hij een (of
meerdere thema’s) wil uitbenen, en het publiek krijgt altijd meer
dan genoeg gelegenheid om deel uit te maken van de rit.

In ‘Adoration’ snijdt Egoyan alweer enkele pertinente thema’s
aan, waarvan de belangrijkste waarschijnlijk dat van identiteit is.
Als puber is Simon op zoek naar wie hij werkelijk is, maar het
gebrek aan ouders maakt die zoektocht extreem moeilijk. Door zich
het bomverhaal eigen te maken, verzint hij een identiteit voor
zichzelf, een achtergrond waar hij in realiteit nooit zeker van kan
zijn. Hij definieert zichzelf, en ook al klopt die definitie niet,
het voelt wel goed aan om ze te hebben. Die zoektocht naar
identiteit speelt zich overigens nadrukkelijk af in het
internet-tijdperk: het verhaal van Simon wordt wijd verspreid op
het net en lokt allerhande mensen naar een chatbox, waar alle
gebruikers vervolgens hun eigen frustraties, angsten en trauma’s op
hem projecteren. Overlevenden van auto-ongelukken, filosofisch
aangelegde studenten, skinheads die het wel cool vinden dat Simons
vader een paar honderd joden wou doen ontploffen en zelfs een
holocaust-overlevende doen allemaal hun verhaal tegen Simon,
verbonden als ze zich voelen door hun slachtofferrol. Ook voor hen
is dat een manier om identiteit te bepalen, veronderstel ik. Wie
ben ik? Ik ben een slachtoffer van (vul hier een trauma naar keuze
in).

Daaraan gekoppeld heeft Egoyan het ook over vooroordelen
(specifiek tegenover moslims) in de post-9/11 maatschappij: Simons
oom Tom (op zich al een raciaal geladen naam) vindt dat iedereen
zich best bij z’n eigen cultuur houdt, en het centrale drama van de
film (de dood van Simons ouders) wordt rechtstreeks gelinkt aan het
racisme van zijn grootvader. Egoyan wilt de zinloosheid van alle
vooroordelen aantonen, niet door van zijn film een gepreveld
gebedje voor verdraagzaamheid te maken, maar juist door te tonen
hoe alle personages hun eigen identiteit bepalen: Simon doet het
door de gaten in zijn verleden op te vullen met een fictief verhaal
tot hij er zelf in gelooft, zijn internet-correspondenten doen het
door zichzelf in hun slachtofferrol te casten. Identiteit staat
niet vast: je kunt jezelf maken en gedeeltelijk ben je ook wat
anderen in je zien. Hoe futiel is het dan om vooroordelen te hebben
tegenover een ander, als er niet eens een vaste, onveranderlijke
persoonlijkheid bestaat om van te houden of te haten?

Dat klinkt allemaal heel hoogdravend (en het is overigens nog
maar het topje van de ijsberg die deze complexe film is), maar wat
Egoyan boven het niveau van zomaar een intellectuele navelstaarder
verheft, is zijn vermogen om dat soort van thema’s te verpakken in
een pakkend drama, dat iedereen perfect kan volgen en dat je
achterlaat met een bevredigende cinema-ervaring. Niemand hoeft hier
buiten te lopen, zoals een beetje het geval was bij het recente
‘Unspoken’, met de vraag: What the hell was that? Oké, af
en toe legt de regisseur zijn symbolen er wat al te dik bovenop (de
ouders van Simon stierven in een auto-ongeluk, en zijn oom rijdt
voor de kost met een takelwagen, aha!), een belangrijke plotwending
rond het personage van Arsinée Khanjian werkt niet en bepaalde
dialogen aan het einde van de film zijn net iets te pompeus. Als je
zo hoog mikt als Egoyan, dan is de kans groot dat je hier en daar
je doel voorbij schiet. Maar de regisseur schiet veel vaker raak
dan mis.

Daarbij wordt hij geholpen door een sfeervolle, naturalistische
belichting die het isolement van de personages benadrukt, en sterke
vertolkingen van de hoofdrolspelers. Scott Speedman is vooral
bekend van weinig memorabele werkjes zoals de ‘Underworld’-reeks,
maar geeft hier een knappe, understated vertolking die een
ruwe intelligentie suggereert die door omstandigheden veel te
weinig gebruikt wordt in het dagelijks leven van het personage.
Arsinée Khanjian is weinig te zien behalve in het werk van haar
echtgenoot Egoyan, maar zet een doorleefde Sabine neer; een vrouw
die weigert zich te verontschuldigen voor daden die nochtans
gevolgen hebben die ze nooit had kunnen overzien. Davon Bostick
rondt het trio hoofdfiguren sterk af, met een ingehouden, maar
onderhuids sterk emotionele Simon.

‘Adoration’ kan zich net niet meten met Egoyans beste werk, maar
het blijft stimulerende, eindeloos fascinerende cinema die absoluut
meer dan één visie vereist. Iedereen die niet vies is van een
beetje denkwerk in de bioscoop, weet dus waar naartoe.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

13 + zeventien =