Buddha Collapsed out of Shame




81 min.
/
Iran /2007

Hanah Makhmalbaf is een vroegbloeier. Pas 19 lentes telt deze
meid en nu al reist ze de wereld rond om op filmfestivals haar
eerste langspeelfilm ‘Buddha Collapsed out of Shame’ voor te
stellen. Op mijn 19de kriebelde ik hooguit wat nonsensgedichtjes op
de achterflap van mijn cursussen, terwijl Hanah zo maar eventjes de
wereldproblematiek aanpakt en politiek bewuste thema’s creatief
interpreteert. Iedereen heeft wel zo’n lijstje met dromen die
hij/zij ergens tussen nu en ‘nog vóór ik sterf’ hoopt te bereiken.
Het is echter weinig mensen gegund om op je 19de al effectief te
kunnen zeggen dat je iets bereikt hebt, iets tastbaars op je naam
hebt staan. En met ‘Buddha’ is Hanah niet eens aan haar proefstuk
toe: op haar negende maakte ze haar eerste kortfilm ‘The Day My
Aunt Was Ill’, die ze op het filmfestival van Locarno mocht
voorstellen en op haar veertiende draaide ze een documentaire over
vrouwen in Afghanistan. Van een vliegende start gesproken. Eén
excuus heeft ze wel: filmmaken zit haar in de genen. Het talent
kreeg ze met de spermatozoïden van papa mee, de Iraanse regisseur
Mohsen Makhmalbaf (‘Kandahar’), haar zus Samira (‘At 5 in the
Afternoon’) is eveneens cineaste en haar moeder schrijft
scenario’s, waaronder dat van ‘Buddha’. Naast jong en vroegrijp op
creatief vlak, heeft Hanah Makhamalbaf nog iets belangrijkers om
verbaasd over te zijn: ze heeft een verdraaid mooi filmpje
gemaakt.

Onder het bewind van de Taliban werden in een klein Afghaans
dorp twee immens grote boeddhabeelden, die duizenden jaren geleden
uit de rotsen werden gehouwen, met dynamiet opgeblazen. Het is
tegen deze leegte die de verdwenen standbeelden in het landschap
hebben achtergelaten dat ‘Buddha’ zich afspeelt. De Taliban zijn
ondertussen verjaagd, maar de gruwel van het geweld staat nog vers
in het geheugen van de overlevenden gegrift. In één van de
rotswoningen leeft Baktay, een meisje van zes. Baktay wil dolgraag
naar school. Wanneer ze haar buurjongen het alfabet hoort opzeggen
en grappige verhaaltjes luidop hoort lezen, is ze vastbesloten om
dit ook allemaal te leren. Om naar school te kunnen, heeft ze een
schriftje nodig en een pen, maar Baktay heeft geen geld. Dat blijkt
trouwens niet de enige hindernis die ze moet overwinnen om haar
doel te bereiken: op weg naar school kruist ze een groep jongens
die ‘taliban’ en ‘Amerikaantje’ aan het spelen zijn en in Baktay
het ideale stenigingsslachtoffer gevonden hebben…

Bij ons worden ouders ongerust als hun kinderen te veel
gewelddadige videospelletjes spelen. Monsters die tegen elkaar
vechten tot er niets meer van overblijft, carjackers die
voetgangers van de weg maaien, bloederige schietspelletjes…
Voorlopig is de relatie tussen geweld en computerspellen nog niet
wetenschappelijk bewezen en leert een kind door zijn opvoeding
gemakkelijk het onderscheid maken tussen virtueel geweld en hoe je
je in het echt moet gedragen. In Afghanistan hebben ouders nét iets
meer recht van spreken. Hun kinderen hebben op de harde manier
geleerd wat geweld is: de kinderen hebben vaak met hun eigen ogen
gezien hoe familieleden werden gemarteld, onthoofd of verkracht.
Onderhuidse littekens die niet meer te genezen vallen.

Kinderen hebben de neiging om het gedrag van volwassenen te
kopiëren. Als dat een universum is waarin geweld een gewoonte
geworden is, dan zitten we uiteraard met een probleem. De jongens
in de film nemen duidelijk de patronen over die ze gezien hebben.
Ze hebben een heel oorlogssysteem ontwikkeld, iedereen kent zijn
taak, iedereen kent zijn plaats. Met papieren vliegertjes voeren ze
luchtaanvallen uit. Het ‘groepje Amerikanen’ vuurt met geweren op
de vijand en het groepje ‘taliban’ wil Baktay stenigen. De
slechteriken (meisjes die lipstick dragen, zijn onkuis!) krijgen
papieren zakken over hun hoofd met gaatjes in voor hun ogen en
mond. Er is één duidelijke leider, die de anderen gedwee volgen.
Alle jongens gaan heftig op in hun spel. Het is als de minder
onschuldige versie van cowboy en indiaantje spelen, ze beperken
zich niet tot de pif poef paf, maar ze nemen er bij wijze van
spreken ook het scalperen bij. Opvallend is ook hoe onvermurwbaar
streng ze zijn: Baktay mag niet naar huis vooraleer ze
doodvalt.

Qua scenario moet je niet meer verwachten dan wat de korte
inhoud belooft. Er zijn geen bijzondere verwikkelingen, het is maar
een sober verhaal zonder al te veel gebeurtenissen: een dag uit het
leven van Baktay. De kracht van de film ligt in het hele concept
ervan en dat is sterk genoeg om de film te dragen. Baktay staat
symbool voor Afghanistan: ze is ongeletterd, arm, maar ook
vastberaden en uiterst leergierig. Het Boeddhabeeld uit de titel
verwijst dan weer als een metafoor naar de standbeelden die getuige
zijn geweest van het gruwelijke geweld. Uit schaamte en verdriet
zijn ze vanzelf geëxplodeerd of stukgevallen. Gebroken in duizend
stukken door de snijdende stemmen van pijn en verdriet, blind
geworden onder al het bloederige leed, ontploft van machteloosheid
bij het zien van alle onschuldige slachtoffers.

Makhmalbaf gebruikt geen schoktherapie om haar standpunt
duidelijk te maken. Het knappe eraan is dat ze dat ook niet nodig
heeft. Ze zet onder het beeld van de spelende kinderen sporadisch
een donkere muziekpassage, die het geheel een dreigende bijklank
geeft. Meer doet ze niet. Het maakt je als kijker voldoende bewust
dat er maar één jongetje een steen moet gooien om de situatie te
laten escaleren. Het gegeven dat er iets mis had kunnen lopen, met
die dreiging alleen al zegt Makhmalbaf genoeg. Wat moet er van deze
kinderen worden? Zullen ze ooit nog normaal en onbezonnen spelen?
Wat zullen ze doen als ze groot zijn? Ze zijn de toekomst, maar ze
zeulen hun verleden als een anker achter zich aan.

“The rulers hand arms to 18-year olds to kill each other and
make a better world. In such a world, I am thankful that my father
only handed me a camera”.
En daar zijn wij ook blij om, want
met een camera kan Hanah wel degelijk overweg. Knappe in het
zonlicht badende close-ups van Baktay en het buurjongetje in de
modder, de kleine mensen in hun kleurige gewaden in contrast met de
overweldigende kracht die het bruine rotslandschap uitstraalt –
Hanah weet haar verhaal op een groot scherm perfect tot zijn recht
laten komen. Ze heeft oog voor detail, ze heeft beslist uit alle
opnames de mooiste beelden gehaald. ‘Buddha Collapsed out of Shame’
is een prachtige metafoor voor de blijvende invloed van het
verleden op het heden. Een sterk concept dat Makhmalbaf visueel
prachtig naar filmtaal vertaalt.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

acht + zeventien =