Batman Returns

Als ‘Batman’
een blockbuster in een Tim Burtonverpakking was, dan is ‘Batman
Returns’ een Tim Burtonfilm in een Tim Burtonverpakking, afgewerkt
met een blockbusterstrik. Na het wereldwijde monstersucces van de
eerste ‘Batman’
en zijn véél persoonlijkere ‘Edward Scissorhands’ was buitenbeentje
Burton één van de hot shots in Hollywood. Tijdens de
productie van ‘Batman’ moest hij zijn
uitzinnige kronkels nog onder controle houden, maar voor de
onvermijdelijke sequel (waar hij aarzelend voor tekende) mocht hij
zich, met de zegen van Warner Bros, volledig uitleven. Het
resultaat was een dark en moody blockbuster die
het torenhoge succes van zijn voorganger niet kon evenaren, maar
wel een interessantere filmervaring in de plaats gaf. ‘Batman
Returns’ is poëtischer, sfeervoller, donkerder, sexier,
spectaculairder, gelaagder en visueel nog verbluffender. Het is de
essentiële Burtoneske mainstreamfilm waarin de fantasierijke visie
van het warhoofd de commerciële beperkingen van het comic-bookgenre
oversteeg. En niet onbelangrijk, de foute deuntjes van Prince waren
voorgoed verleden tijd.

We bevinden ons nog altijd in het grimmige maar deze keer
kerstgezellige Gotham City dat er een paar art-decohoogstandjes
heeft bijgekregen sinds de Joker van de kathedraal tuimelde. Batman
(Michael Keatons lippen stralen al iets meer vertrouwen uit) is nog
steeds de vleermuisvigilante die de straten veilig probeert te
houden en Bruce Wayne is nog altijd de saaiste miljonair van ‘t
stad. Maar het gaat niet goed met Gotham. Witteboordscrimineel Max
Schreck (Christopher Walken met een hilarisch Beethovenkapsel en
nog hilarischere Wolfmanwenkbrauwen) wil de macht grijpen en de
grootstad word geteisterd door een gevaarlijke circusbende. Nog
meer volk en problemen voor Batman, want de mysterieuze Pinguïn
(een onherkenbare Danny DeVito) palmt Gotham in als
burgemeesterkandidaat en er klautert iets sensueel maar gevaarlijk
over daken dat luistert naar de naam Catwoman (Michelle Pfeiffer
zorgt voor staande ovaties in de broek). Een aantrekkelijke
bondgenoot of een misleidende vijand? Eén ding is zeker, Batman wil
er wel gerust een glaasje melk mee gaan drinken.

‘En nu gaan we ons eens amuseren’ moet Tim Burton gedacht hebben
toen hij terugkeerde naar zijn Gotham City, dat zich heeft
vastgevroren in het ijs. Het publiek was vertrouwd met de
sprookjesachtige interpretatie van het Batmanuniversum, Michael
Keaton werd op handen gedragen door de fans en de obligate
tempovertragende introductie van de franchise was achter de rug. Er
heerste vertrouwen bij de studio en Burton, die zo goed als
volledige creatieve controle had over het project, kon met een
relaxte hand beginnen vissen in zijn donkere droomwereld dat meer
dan ooit op een gotische snow globe begon te lijken (ook
met de actiescènes kon hij beter overweg, getuige daarvan een
strakke set-piece met een op hol geslagen Batmobile). Waar Burtons
visuele stijl nog enigzins werd teruggehouden door de risico’s
verbonden aan de eerste ‘Batman’, die evengoed
grandioos had kunnen floppen, gaat ‘Batman Returns’ verder op
hetzelfde elan door de fundamenten van het gecreërde universum
verder uit te diepen , zonder te vluchten in een goedkope kopie van
het succesvolle origineel. En Burton, die kon eindelijk zijn
Burtonblockbuster pur sang maken.

Vanaf de beklijvende openingscène, die overvloeit in een al even
indrukwekkende begingeneriek, voel je het aan de tippen van je
verkleumde tenen, dit wordt een échte Burtonfilm. Het
achtergrondverhaal van de Pinguïn (met een cameo van Paul ‘Pee-wee’
Reubens) zet onmiddelijk op sublieme wijze de Burtoneske toon,
waarin plaats is voor barokke romantiek, zwarte humor en een
sprookjesachtige omgeving, gevuld met poëtisch naar beneden
dwarrelende sneeuw. En dan is die feërieke muziek van een steeds
beter wordende Danny Elfman daar, die de evocatie naar het
kippenvelstadium brengt door het herkenbare Batmanthema af te
wisselen met bloedmooie en in melancholie badende treurklanken.
Daarnaast krijgt de neo-expressionistische architectuur nog meer
aandacht dan in de eerste film en lijken de mythische personages
(deze keer consequent ingevuld met een diermotief) zich perfect
thuis te voelen in deze surrealistische habitat. Alle visuele
elementen die ‘Batman’ zo uniek en
anders maakten, worden in ‘Batman Returns’ magistraal
gefinetuned tot een meeslepend visueel festijn. Over de
plot, nog altijd even rommelig behandeld als bij de eerste ‘Batman’, zullen we maar
zwijgen.

Net zoals bij ‘Batman’ stelen de
perfect gecaste slechteriken de show, hoe goed Michael Keaton ook
mag zijn als de duistere wraakengel die nog meer naar de
achtergrond verschuift dan in de eerste film. Het is ondenkbaar om
je iemand anders dan Danny DeVito voor te stellen die op zo’n
overtuigende wijze onder de naar de Duitse expressionistische
horror knipogende make-up te kruipen van Pinguïn, een groteske
creatie die zich meer dan dertig jaar lang verscholen hield in de
riolen. Een uitzinnige DeVito gromt, kwijlt en schrokt rauwe vis
naar binnen, maar krijgt ook een tragische backstory mee
die het personage een zekere kwetsbaarheid meegeeft. Minder
charismatisch dan Nicholson als The Joker, maar op zijn eigen
manier even memorabel (zijn rubberen eendje, geweldig), ook al
wordt hij nooit écht creepy of angstaanjagend. Maar het is Michelle
Pfeiffer als de van goed naar kwaad krollende Catwoman die alle
aandacht naar zich toe trekt met een zinnenprikkelend sensuele
vertolking. Haar personage is niet alleen het meest complexe, maar
wordt ook knap verwerkt in de thematiek van de gespleten
persoonlijkheid en vlotjes uitgespeeld tegenover Batman (het
gevecht op de daken is cool, intens en sexy). En ze is natuurlijk
bloedheet in dat strakke lederen pakje, dat vooral. Een dosis seks
op kattenpootjes die we vooral te danken hebben aan Warren Beatty’s
libido, dat het niet kon laten Annette Bening zwanger te maken,
waardoor die laatste in extremis moest passen voor de felbegeerde
rol. Tot slot loopt Christopher Walken een beetje verloren als de
slechterik die er wat te veel aan is (zo goed als afwezig in het
middenstuk), maar Walken blijft per definitie een coole gozer
natuurlijk. Durf maar eens iets anders beweren.

Na al die jaren is het bijna onbegrijpelijk dat ‘Batman Returns’
relatief lauw werd ontvangen door de critici en het publiek. Het
was zogezegd te donker en te familieonvriendelijk (McDonalds trok
zich terug uit een promocampagne) en zorgde ervoor dat Burton het
derde deel moest doorgeven aan kitschspecialist Joel Schumacher,
die met veel fluorescerende filters, zero sfeer en een compilatie
van MTV-pop-en rocksongs (Jewel op de soundtrack, the
horror!
) de franchise in een bijna fataal aflopende coma liet
belanden. Nolan mag dan nog Batman met een geslaagde, nieuwe visie
hebben teruggebracht, dan nog blijft ‘Batman Returns’ de beste,
meest fascinerende en mooiste Batmanfilm tot op heden. Net zoals
Catwoman één van de meest begeerde natte dromen van elke
zelfrespecterende filmnerd zal blijven. Miauwkes.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

acht + 12 =