Becoming Jane




Ongeveer een jaar geleden ving ik rond de kerstperiode een
stukje op van een gesprek tussen twee vrouwelijke collega’s. Eén
van hen was naar de romantische komedie ‘The Holiday’ gaan
kijken, en toen de ander vroeg hoe de film was meegevallen, luidde
het antwoord: “Schitterend, maar je moet je man vooral thuis
laten.” Da’s een logica waar je maar moeilijk tegen in kunt gaan,
veronderstel ik – als vijftig jaar naarstige strijd voor de
vrouwenliberatie al niets anders heeft opgeleverd, dan is het wel
het recht om a) fuck me-botjes te dragen zonder dat iemand
daar iets op aan te merken heeft; en om b) af en toe ongegeneerd
naar een romantische zwijmelfilm te gaan kijken. Zo eentje waarvoor
de bioscoopuitbaters eigenlijk nog best een dekentje en een doosje
Mon Chéri’s zouden voorzien, gewoon om de ervaring af te maken. Om
het nu goeie cinema te noemen, zou dan weer te ver gaan. ‘Becoming
Jane’ is dan wel geen mierzoete romkom zoals ‘The Holiday’, maar past
niettemin perfect in het rijtje women’s delight.
Gedwarsboomde liefde, mooie kostuums uit de achttiende eeuw,
prachtige sets, genoeg romantische clichés om een half seizoen van
de gemiddelde soap te vullen én, alsof dat allemaal nog niet genoeg
is, niemand minder dan Jane Austen als getroubleerde heldin van het
hele gebeuren. Een goede film? Schitterend, als je een vrouw bent
die haar man heeft thuis gelaten.

Het verhaal speelt zich af in 1795. De 20-jarige Jane Austen
(Anne Hathaway) woont bij haar ouders in Hampshire en probeert
zichzelf te ontwikkelen als schrijfster, wat haaks staat op de
sociale verwachtingen van jonge vrouwen in die tijd. De Austens
hebben het niet breed en Jane wordt verondersteld om te trouwen met
de oersaaie Mr. Wisley (Laurence Fox), een jonge man die de enige
erfgenaam is van de spitante en steenrijke Lady Gresham (Maggie
Smith). Zelf voelt Jane daar maar weinig voor, zeker wanneer ze
kennismaakt met Tom LeFroy (James McAvoy), een arme maar
avontuurlijke advocaat-in-wording. Jane moet kiezen tussen de
verplichtingen aan haar familie en haar gevoelens.

Regisseur Julian Jarrold heeft van ‘Becoming Jane’ een stukje
speculatieve fictie gemaakt dat zich op een bepaalde manier laat
vergelijken met ‘Shakespeare In Love’: hij neemt elementen uit het
leven van een bekende literaire figuur en boetseert daar een
(grotendeels) verzonnen verhaaltje rond, met flink wat knipoogjes
naar het werk van de schrijver in kwestie. Alleen is ‘Becoming
Jane’ geen komedie, zodat we ook bespaard blijven van de nogal
flauwe anachronismen waarmee de makers van die onverklaarbare
oscarwinnaar lollig wilden doen. (Shakespeare die naar een
psychiater gaat om te zeuren dat hij geen inspiratie meer heeft –
“My quill is broken!” Lacheuuuh!) Naar verluidt was Jane
Austen inderdaad verliefd op Tom LeFroy, wat in hoge mate not
done
was volgens de sociale mores van die tijd. Hoe die
relatie precies verliep en wat er allemaal tussen die twee gebeurd
is, is natuurlijk een open vraag, die door Jarrold en zijn
scenaristen wordt ingevuld met nogal voor de hand liggende
plotwendingen en thema’s.

Net zoals de meeste verfilmingen van Austens romans, besteedt
‘Becoming Jane’ veel aandacht aan de onderdanige positie waarin
vrouwen in die tijd moesten leven. “Als een vrouw al intellectuele
gedachten heeft,” horen we aan het begin van de film, “dan moet ze
die stil houden. Ze mag een gevoel voor humor hebben, maar niet
snedig zijn.” Met andere woorden: tussen haar twee oren mag alles
draaien zoals het wilt, zolang de mannen van deze wereld er verder
maar geen last van hebben. Huwelijken zijn zakentransacties – zoals
Jane’s moeder haar toebijt: “Affectie is wenselijk, maar geld is
absoluut noodzakelijk.” En zo ging dat toen. De enige echte
vrijheid die vrouwen hadden, was hun fantasie, wat meteen een
verklaring biedt waarom de romankunst in z’n vroege jaren zo
gedomineerd werd door vrouwen. Er waren heel wat vrouwelijke
auteurs in de achttiende en negentiende eeuw, en de boeken werden
ook voornamelijk door vrouwen gelezen. Mannen hadden destijds wel
betere dingen te doen, zoals man zijn en ten oorlog trekken en nog
van die dingen – fictie was frivoliteit en dus iets voor vrouwen.
Jarrold weet die thema’s mooi aan elkaar te linken: de status van
vrouwen in de Britse samenleving, en de manier waarop dat invloed
uitoefende op de ontwikkeling van de roman. (Dus dames: wees blij
dat wij mannen jullie zo lang onder knoet hebben gehouden, anders
zou Jane Austen misschien nooit zijn gaan schrijven. Male
domination rules!)

Het verhaaltje waar die ideeën aan worden opgehangen, is
afdoende zonder ooit ergens buiten de lijn der verwachtingen te
treden. Verrassingen zijn er hier niet terug te vinden en Jarrold
legt in zijn enscenering alweer de nadruk op dezelfde elementen
waar ook Ang Lee in zijn verfilming van ‘Sense and Sensibility’ en
Joe Wright in zijn ‘Pride and Prejudice’ al
zo op hamerden: de nabijheid van iemand die je graag ziet, terwijl
het decorum je niet toelaat om er op te handelen. In scène na scène
zien we Jane en Tom tegenover elkaar staan met nauwelijks verholen
lust in hun ogen, maar ze kunnen elkaar niet eens aanraken. Dat
concept van de gefrustreerde geliefden werkt wel tot op bepaalde
hoogte, maar het is een cliché. We verwachten vanaf de eerste
minuut dat soort dingen te zien te krijgen en onze verwachtingen
worden nergens teleurgesteld of overtroffen. ‘Becoming Jane’ gaat
over precies dezelfde thema’s en vertrouwt op precies dezelfde
verhaalconventies als eender welke verfilming van Jane Austens
romans. En die verfilmingen hebben we onderhand wel stilletjesaan
gezien, denk ik.

Dat is vooral een probleem omdat het centrale koppel niet echt
vuurwerk oplevert. Anne Hathaway probeert na een bijrol in ‘Brokeback Mountain’
haar move naar volwassen films definitief te maken.
Klaarblijkelijk heeft ze ergens opgevangen dat je gemakkelijk al
eens een prijs wint als je een accent gebruikt in een rol, en haar
Britse tongval komt opvallend natuurlijk over. Alleen jammer dat ze
er op geen enkel moment overtuigend achttiende-eeuws uitziet. Ik
kon me nooit van de indruk ontdoen dat ze onder haar rokken een
jeansbroek aan had. Dat is geen kwestie van accent, maar van
présence. Om dit soort rollen tot een goed einde te brengen, heb je
een zekere bagage nodig die Hathaway niet heeft. Haar tegenspeler
James McAvoy (die verleden jaar nog in ‘The Last King of
Scotland’
zat), is redelijk, maar spat ook nergens van het
scherm. In de bijrollen lopen Julie Walters en vooral James
Cromwell een beetje verloren als Jane’s ouders.

‘Becoming Jane’ zal ongetwijfeld heel wat mensen aanspreken,
juist omdat het allemaal zo vertrouwd is. Het is ‘Pride and Prejudice’
all over again, maar dan met een flets koppel in de
hoofdrollen – dezelfde plotmechanismen, dezelfde thema’s. Het is
onderhoudend en bepaalde ideeën worden nog wel knap aan de man
gebracht, maar het is en blijft meer van hetzelfde.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

3 × 4 =