Brando




Aan het einde van de draaiperiode van ‘Apocalypse Now’, vroeg
Francis Ford Coppola aan Marlon Brando om heel even terug te komen
voor een extra shot: het beruchte profielbeeld van generaal Kurtz,
die stervend “the horror” fluistert. Coppola rekende er op
dat Brando uit sympathie wel een uurtje van z’n tijd zou willen
opgeven, maar dat was dan buiten de grillen van de acteur gerekend:
die rekende namelijk zonder blozen 75.000 dollar aan voor het extra
werk. “Ik verkoop het product Marlon Brando,” zei hij, “en dàt is
de gangbare prijs.” Wie of wat er verscholen zat onder dat product,
is nooit helemaal duidelijk geworden – Brando was een man van
extremen, die zijn regisseurs soms genadeloos uit kon kafferen,
maar wel op de barricades ging staan voor mensen die zwakker waren
dan hij: zwarten, indianen, andere benadeelde groepen. Gezegend met
een immens natuurlijk talent, leek hij zijn acteerwerk nooit
serieus te nemen. Hij was een raadsel (wie niet, trouwens?), en nu
hij alweer drie jaar onder de zoden ligt, zijn de pogingen om dat
raadsel op te lossen niet meer bij te houden. Een tell-all
biografie deed heel wat stof opwaaien (wist u al dat hij ooit een
blowjob heeft gekregen van Marlene Dietrich?) en nu is er
deze documentaire.

De structuur van de film is eenvoudig maar afdoende: een
chronologische navertelling van het leven van de acteur, met als
hoogtepunten zijn moeilijke relatie met zijn ouders (zijn moeder
was een alcoholiste, zijn vader een liefdeloze rotzak), zijn vroege
dagen op het toneel in New York, zijn doorbraak met ‘A Streetcar Named
Desire’
, zijn politiek en sociaal activisme in de jaren zestig,
de flops waar hij in meespeelde, zijn come-back in de
seventies en uiteindelijk zijn (semi) pensioen vanaf de
jaren tachtig. Dat hele verhaal wordt op traditionele wijze uit de
doeken gedaan: een indrukwekkende lijst a-list celebrities
geeft zijn eigen visie op Brando de man en de mythe,
aangevuld door clips uit Brando’s films en van interviews met de
man zelf. In opzet zou dit het soort van documentaire kunnen zijn
dat je aantreft als een extra op de betere dvd, met dan wel het
voordeel dat een lengte van ruim twee en een half uur de filmmakers
toelaat om behoorlijk diep in de verraderlijke fundamenten van
Brando’s leven te graven.

De reden waarom Brando wellicht altijd herinnerd zal worden als
een pionier onder de filmacteurs, is omdat hij de beruchte
method introduceerde in ‘A Streetcar Named
Desire’
. Zelfs Al Pacino, een andere beroemde aanhanger van
Stella Adlers acteermethode, heeft het moeilijk om uit te leggen
wat the method precies inhoudt. In principe komt het er op
neer dat je van binnenuit acteert, niet van buiten af. Waar acteurs
tot dan toe simpelweg een script lazen en de beste manier zochten
om de teksten te zeggen, gingen de method acteurs op zoek
naar de emotionele waarheid achter de woorden, en die probeerden ze
dan te spelen. Praktisch resultaat: Brando spatte van het scherm in
‘A Streetcar Named
Desire’
met een intensiteit die tot dan toe ongezien was. Heel
wat acteurs kunnen woede en frustratie spelen, maar Brando voelde
het écht. De interessante vraag is dan waar in zichzelf hij die
emoties ergens was gaan zoeken: in zijn jeugd? In de relatie met
zijn ouders? Of in een soort van fundamentele verlegenheid, in een
diepe faalangst die ervoor zorgde dat hij zichzelf eens zo sterk
wilde doen gelden in zijn werk?

In ieder geval, na die eerste periode van verschrikkelijk
intensief werk, leek Brando zijn interesse te verliezen – hij wilde
zoveel mogelijk verdienen en van bil gaan, en daar hielden zijn
motivaties dan ook bij op. Een aantal van de geïnterviewden
bevestigt dat tussen de middag de trailer van de heer Brando
regelmatig op z’n wielen stond te schommelen, hoewel er netjes
gezwegen wordt over de homoseksuele experimenten waar hij zich naar
verluidt óók mee zou hebben beziggehouden. Acteren was geen doel op
zichzelf, geen passie waar hij voldoening uit kon putten. Het was
een middel om iets anders te bereiken – rijkdom, onafhankelijkheid
en de mogelijkheid om tegen niemand nog dank u te moeten zeggen, of
niemand anders z’n regels te moeten volgen dan de zijne.

Dat ver doorgedreven nonconformisme wordt door de film
aangehaald als Brando’s voornaamste karaktertrek: wat het ook was
dat de meute deed, Brando deed precies het tegenovergestelde, met
als voornaamste voorbeelden zijn activisme voor zwarten (“I am
a white man trying to dig!”)
en voor indianen. Op het
oscargala van 1973 stuurde hij Sacheen Little Feather het podium op
om zijn prijs voor ‘The Godfather’ in zijn
naam te weigeren, uit protest tegen de behandeling van indianen in
Wounded Knee. John Wayne stond achter de coulissen en moest door
twee of drie man worden tegengehouden om Little Feather niet
hoogstpersoonlijk van het podium af te sleuren. Dat soort van
stunts maken deel uit van de mythologie van een man die duidelijk
een groot hart had, maar ook erg vaak anderen het slachtoffer
maakte van zijn overtuigingen.

Als film is ‘Brando’ een onderhoudend overzicht van het leven en
carrière van de man, hoewel hij zich nooit écht weet te
onderscheiden van zoveel andere documentaires die rechtstreeks op
dvd verschijnen. De methodes zijn vertrouwd en de toon is er één
voortdurende bewondering. Zijn kleinere kantjes, zoals de manier
waarop hij de productie van ‘Mutiny on the Bounty’ saboteerde,
worden snel-snel afgehandeld en blijken in de visie van deze film
uiteindelijk toch niet zijn fout te zijn geweest. Ook de
familietragedies waarmee hij in de laatste jaren van zijn leven af
te rekenen kreeg (zijn zoon werd ervan beschuldigd de vriend van
zijn zus te hebben vermoord), passeren bliksemsnel de revue en
worden nergens gelinkt aan het vroegere leven van Brando. Het is
altijd moeilijk om een evenwicht te vinden tussen een kritische
documentaire en simpele dirt digging, maar je doet het
ingewikkeld karakter van een notoir moeilijk mens ook geen plezier
door dat soort verhalen onder het tapijt te vegen.

Hoe dan ook, ‘Brando’ is een boeiende introductie tot de man en
zijn werk, die zijn lengte makkelijk kan dragen en in ieder geval
een algemeen overzicht weet te geven dat er mag zijn. En daarna is
het tijd om het boek te lezen, natuurlijk. Ja, die Marlene Dietrich
toch…

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

zeven + 4 =