The Hoax





Stanley Tucci, Julie Delpy
e.a.

Nooit gedacht dat Richard Gere mij ooit nog zou verrassen, maar
na al die jaren te staan zwabberen in romantische prullen, schiet
de Tibetstrijder toch nog eens onverwacht uit zijn indommelhoekje.
Voor ‘The Hoax’, het ongelooflijke maar waar gebeurde avontuur van
superliegebeest Clifford Irving, meet Gere zich een verfrissende
against type-rol aan. De zilveren vos liet zijn glanzende
manen bruin lakken en hij krijgt voor de verandering eens iets meer
te doen dan bevallige deernes rond zijn vinger draaien. De
smeulende charmes en de vlotte babbels zijn nog steeds aanwezig,
maar deze keer worden ze ingeschakeld om het hachje van een
obsessieve bedrieger te redden. Dat is al eens wat anders dan
reclame maken voor Ferrero Rocher-pralines.

Gere kruipt dus in de huid van Clifford Irving, een gefrusteerde
auteur die begin jaren zeventig zonder uitgeverscontract en dus ook
zonder geld zit. Wanneer de inspiratie maar niet wil komen, beslist
Irving om een gokje te wagen. Hij trekt naar McGraw-Hill, een
gereputeerde uitgeverij in New York, en zegt hen dat hij het
belangrijkste boek van de twintigste eeuw gaat schrijven: de
exclusieve biografie van de excentrieke miljardair en kluizenaar
Howard Hughes. Bij McGraw-Hill zijn ze zo overdonderd door de
gedachte van een potentiële überbestseller (‘dit gaat beter
verkopen dan de Bijbel’), dat ze Irving, tot zijn eigen verbazing,
geloven. Samen met zijn trouwe vriend Dick Susskind (een geestige
Alfred Molina) en zijn Europese vrouw (Marcia Gay Harden met een
dubieus accentje) begint Irving aan de nepbiografie van een man die
hij nog nooit in zijn leven ontmoet heeft. Als een
meester-manipulator bluft en sjoemelt hij zich uit elke benarde
situatie om de hongerige uitgevers toch maar in de waan te laten
dat het allemaal officieel en echt is.

‘Ik heb er niks mee te maken en de film heeft nog veel minder
met mij te maken’, aldus de echte Cliff Irving. Alsof hij zich moet
zijn schamen over de manier waarop de makers van ‘The Hoax’ zijn
zwendelpraktijken in een tragikomische biografie goten. Tuurlijk
springt men wat losjes om met de details van het echte verhaal en
wordt er een beetje creatief gefantaseerd (Gere verkleed als Howard
Hughes met een potloodsnorretje en pilootjecker, really?),
maar Hallström laat zich tenminste niet leiden door de dwingende en
saaie regeltjes van het beruchte ‘biopic’-genre. Door de
intrigerende karakterschets van Irving (en op een clevere,
indirecte manier toch ook wel een beetje van Howard Huges) te
koppelen aan een spannende plot (hoelang houdt Irving stand?),
wordt een vlot verteld verhaaltje gecreëerd dat voorzien is van
voldoende diepgang met opvallende donkere kantjes.

Eigenlijk valt ‘The Hoax’ nog het meest van al te vergelijken
met die andere dramedies omtrent sympathieke bedriegers,
‘Matchstick Men’
en ‘Catch Me If You
Can’
. Ook hier krijgen we aanvankelijk een zonnig, speels en
ondeugend relaas (geheime dossiers in de broek verstoppen, gniffel)
van een charismatische charlatan die keer op keer de dans
ontspringt, om dan uiteindelijk te struikelen over zijn innerlijke
demonen. Het verhaal van Cliff Irving is een interessant gegeven
dat pas écht fascinerend wordt als je verder dan de feiten begint
te denken. Wat doe je als je steeds verder geraakt met je leugens,
wat gebeurt er als je zo in de ban geraakt van je eigen verzinsels
dat de grens tussen waarheid en fictie steeds vager begint te
worden? Het is die extra dimensie die van ‘The Hoax’ een meer
intrigerende kijkervaring maken – of die dimensie ook in het hoofd
van de echte Irving aanwezig was, doet daarbij weinig ter zake.

Regisseur Hallström begon ooit sterk met het wondermooie ‘My
Life as a Dog’, maar werd de laatste jaren een beetje gereduceerd
tot werkslaafje van het Oscar bait-producerende Miramax.
Met ‘The Hoax’ levert hij wellicht zijn beste film sinds ‘What’s
Eating Gilbert Grape?’. ‘The Hoax’ rolt aan een behoorlijk tempo
vooruit en de onvermijdelijke toonwisseling van luchtig amusement
naar koortsachtige paranoïa valt gebalanceerd uit. Net zoals zijn
hoofdpersonage manipuleert de Zweed op uitgekiende wijze de kijker
doorheen de smoezen en trucjes van Cliff Irving (die hem toevallig
tot de corrupte daden van Nixon leiden). De grijnsfactor bij de
‘The Hoax’ ligt (althans in het eerste deel) bijzonder hoog en het
is een plezier om Irving steeds opnieuw op het nippertje door de
mazen van het net te zien glippen. Je kunt bijna niet anders dan
sympathie voelen voor deze antiheld met de overijverige
verbeelding. Komt daar nog bij dat Hallström handig inspeelt op de
mythevorming rond weirdo Howard Huges (de anekdote met de
gedroogde pruim!) en dit naadloos verwerkt in het verhaal van
Irving. Thematisch klikt het, plotgewijs glijdt het lekker en ook
de personages Irving en Hughes passen bij elkaar. Als je dat kan
verwezenlijken, dan mag er gerust een loopje genomen worden met de
precieze feiten.

Maar de grootste troef blijft toch wel Gere zelf, die met zijn
gladde charisma perfect de obsessieve en arrogante trekken van
Irving weet te kanaliseren. Het is niet zozeer dat Gere zoveel
anders acteert dan gewoonlijk, hij krijgt gewoon een veel
interessanter personage in de schoot geworpen en is daar blijkbaar
bijzonder dankbaar voor. Hij slaagt er niet alleen in om Irving
geloofwaardig neer te zetten als een getroebleerde man die zijn
eigen leugens begint te geloven, maar bij momenten ben je zo
geboeid door zijn spel, dat je als kijker effectief z’n verzinsels
begint te geloven. De lepe vogel. Ook Alfred Molina is een plezier
om bezig te zien als de zenuwachtige maar loyale sidekick
van Irving. Gere en Molina (precies Jommeke en Filiberke in een
jongensachtig avontuurtje bij momenten) zijn een overtuigend duo en
hun aanstekelijke wisselwerking werpt z’n vruchten af. Enkel de
rollen van de meisjes vallen wat dunnetjes uit. Hope Davis doet het
nog behoorlijk, maar Marcia Gay Harden krijgt weinig om handen en
haar vals klinkende Euro-accent werkt ook niet in haar voordeel.
Julie Delpy krijgt dan weer een ondankbaar en schaars gekleed
(tepels ahoy!) rolletje dat nauwelijks ruimte heeft om iets te
betekenen.

Niettemin, een fijn filmpje, deze ‘The Hoax’. Bij momenten
gezapig luchtig, als vrijblijvend entertainment, maar al even
succesvol als het onder de oppervlakte schraapt om een bitter en
cynisch portret van een obsessieve leugenaar bloot te leggen. Maar
de grootste verdienste ligt erin om die twee extreme werelden op
een samenhangende en ongeforceerde wijze met elkaar te verzoenen.
En ja, ik zal het nog één keer zeggen. Richard Gere is geweldig
goed op dreef. Net zoals deze film, ongelooflijk maar waar.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

acht + 4 =