Elsa Y Fred




108 min. / Spanje – Argentinië
/2005

‘I’m king of the world!’ Wie heeft er nu nog niet op de
voorsteven van een schip of dobberbootje zich een arm ontwricht bij
het imiteren van de Titanicscène? Een filmscène kan er op groot
scherm zo geweldig magisch uitzien dat je ze gewoon moét naspelen.
Als het geregend heeft, dan kan ik het niet laten om mijn benen te
strekken tot een ‘Singing in the Rain’-plensdansje en bij het eten
van een hamburger hoort gewoon een ‘Good will Hunting’-kus (als er
tenminste een gewillige Will in de buurt is). Maar soms zijn die
ultieme filmfantasietjes iets moeilijker uit te voeren: het
sensationele gevoel meemaken om met iemand te vrijen, terwijl je in
het hoofd van John Malkovich zit (Being John Malkovich), wordt
bijvoorbeeld al tricky en de sexy kronkelingen tijdens de
aftiteling van Barbarella (die in de lucht haar ruimtepak uittrekt)
vragen om een niet te winnen strijd tegen de zwaartekracht. Bij de
meeste beroemde filmscènes kom je er met een beetje fantasie wel
uit, maar soms valt je droomscène gewoon absoluut niet na te spelen
zonder die ene belangrijke accessoire erbij… zoals een
Trevifontein bijvoorbeeld.

De Argentijnse grootmoeder Elsa uit ‘Elsa y Fred’ droomt al van
toen ze nog het jonge, voluptueuze evenbeeld van Anita Ekberg was
om naar Rome te gaan en dopend en wadend in de Trevifontein haar
peroonlijke romantische remake van Fellini’s ‘La Dolce Vita’ te
beleven. Maar haar ex-man heeft haar er nooit naartoe willen nemen
en nu is ze zo oud dat zelfs de stoerste botoxspuit van faalangst
zou flauwvallen. Elsa is gelukkig geen dametje dat bij de pakken
blijft zitten. Eenzaam is ze niet en ze is niet het type dat de
hele dag voor haar raam zit te wachten op de gebeurtenis van de dag
(een man valt van zijn fiets! De postbode vergist zich van
brievenbus!) of tot haar klok het uur aantikt en het vogeltje eruit
komt piepen. Elsa maakt nog helse ritjes in haar wagen en bij het
zien van haar roze mobieltje zou je denken dat ze op een Freaky
Friday als puber gevangen werd gezet in een bommalichaam. Wanneer
in het appartement naast haar de weduwnaar Fred komt wonen, staat
ze dan ook als eerste aan zijn deur voor een babbeltje, met een
cognac in de hand.

Maar karakters zijn gemaakt om te botsen en Elsa en Fred konden
niet méér verschillen van elkaar. Elsa is een levenslustige,
ondeugende, pathetische leugenaar, specialiste in het van een mug
een olifant maken (en terug), en de waarheid naar haar hand zetten.
Fred is el contrario: een bescheiden, eerlijke
hypochonder, die constant vreest dat zijn bloeddruk tot in de hemel
zal stijgen (en terug). De ene heeft te veel leven in zich, de
andere te weinig en bij elkaar vinden ze verrassend genoeg het
juiste evenwicht.

Het klinkt allemaal als een pletwals van een romantische komedie
genre ‘Kate &
Leopold’
– zo’n &-teken suggereert meestal al genoeg- én dat
is het ook. De film heeft alle benodigdheden van dienst: twee
opposites die elkaar afstoten en aantrekken, een obstakel
voor hun geluk (de kinderen), grappige omstandigheden waaruit
situatiehumor wordt gepuurd en een duidelijk doel waarop wordt
afgestevend. Er is maar één verschil. In de hoofdrol geen knappe
jongeman met perfecte kaaklijn en een moordgriet met benen tot
onder haar schouders. Elsa en Fred zijn boven de zeventig en de
onderkinnen durven al eens een eigen leven te gaan leiden. En nee,
het resultaat zijn geen confituurpotjes die à la Lieven Debrauwer
de vogeltjesdans doen. Elsa en Fred leunen meer aan bij de fuck
you
-generatie van na ‘Vidange Perdue’: de
zestigplussers die géén zin hebben om door hun kinderen de les
gespeld te worden en zich liever nog eens goed willen amuseren.
Vooral Elsa is een enorm charmant en geestig personage. Haar
binnensmondse commentaar is scherp en haar rijkunsten een giller
(met haar gsm in de hand: ‘Ik moet neerleggen, want ik ga een
ongeluk hebben’, waarna ze twee volle seconden later tegen haar
voorbuur botst). De actrice met de foxy naam China
Zorrilla speelt haar rol voortreffelijk, en bewijst dat ervaring
blijkbaar àlles met de jaren gemakkelijker maakt.

Na het grappige onderdeel, helt het verhaal in z’n laatste helft
meer naar het ‘romantische’ (al blijft de komedie nooit volledig
achterwege): de twee zijn vastberaden om elkaar gelukkig te maken.
Als je niet alles wilt weten, spring je maar over naar de
conclusie. Wat de film namelijk zo leuk maakt, is de verwerking van
‘La Dolce Vita’ in het verhaal. Toen regisseur Carnevale de film op
z’n veertiende voor de eerste keer zag, wist hij al dat hij er ooit
een ode aan zou brengen. Hij begint er al bij de aftiteling mee,
toont de opspuitende waterstralen van de fontein, terwijl de namen
van de acteurs op het scherm verschijnen. Natuurlijk geraakt Elsa
in haar droomfontein. Ik begrijp dat alleen al de gedachte dat een
oud koppel de scène uit ‘La Dolce Vita’ naspeelt, compleet fout
klinkt, maar het werkt verrassend genoeg zelfs ontroerend. Elsa,
die haar tovermoment tot in de kleinste puntjes perfect wil hebben
en de regisseur die zijn remake tot in de kleinste puntjes
verzorgt, het is een geslaagde combinatie. De waterval stopt op het
juiste moment met ruisen, het beeld wordt sepia… Het is alsof
Marcello & Sylvia de scène zelf nog eens op hun oude dag zijn
gaan naspelen.

Al bij al is ‘Elsa y Fred’ natuurlijk niet bijster origineel:
het verhaal is eenvoudig en wordt ook lijnrecht en vrij
voorspelbaar uitgewerkt. Het schuifelt allemaal iets trager vooruit
dan bij de doorsnee rom-com, maar je vervelen zit er niet in. ‘Elsa
y Fred’ is eigenlijk de ultieme feelgoodmovie – het is namelijk het
langverwachte vervolg op de gewone romantische komedies: het samen
oud worden. Welke gedachte is er nu troostender dan dat je op je
77ste nog de ware liefde kan vinden en dat je zelfs dan
nog je mooiste dromen kan verwezenlijken? Er is nog hoop,
vrienden.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

3 × 1 =