Woven Hand :: Mosaic

Na de split van Sixteen Horsepower in 2005 keert zanger David
Eugene Edwards terug met het vierde album van zijn andere project,
Woven Hand. Hun vorige plaat, ‘Consider the Birds’ (2004), was een
schot in de roos, een sinistere schets van de verdorven mens. Als
zoon van een Amerikaanse predikant kreeg Edwards een
diepchristelijke opvoeding en die heeft de man blijkbaar zwaar
getekend. Ook op de nieuwe plaat presenteert hij een wereld vol
zondaars die het laatste oordeel trachten te ontvluchten. Woven
Hand behoudt de invloeden van gospel en folk van Sixteen
Horsepower, maar durft wat verder te gaan in het experiment.
‘Mosaic’ kiest bovendien een introverter pad, waardoor het
materiaal iets zwaarder op de maag komt te liggen. Maar de betere
muziekliefhebber laat zich hierdoor natuurlijk niet kisten.

Na een obscure intrumental komt de plaat wat traag op gang: ‘Winter
Shaker’ klinkt te bombastisch en op ‘Twig’ haalt Edwards de
predikant in zich net iets te prominent naar boven. Vanaf
‘Whistling Girl’ komt alles dan toch op zijn pootjes terecht: de
toon van een protestsong en de bijbelse referenties (“It falls
to us from this holy hill
“) moet je er bijnemen, maar luister
vooral naar de magistrale tweede helft van het nummer en de
prachtige outro. Dit niveau wordt voor het merendeel van het
verdere verloop aangehouden. Edwards wordt ook avontuurlijker
naarmate de plaat vordert: ‘Dirty Blue’ brengt bijvoorbeeld iets
venijnigere folk met een instrumentatie in meerdere lagen. De
heerlijk obscure murder ballad ‘Deerskin Doll’ loopt voorbij
enkele opklaringen, maar ontvlucht toch nooit resoluut de
duisternis. Het geflirt met genre-overlappingen brengt ook de
nodige afwisseling op de plaat zonder het eigen karakter uit het
oog te verliezen: ‘Elktooth’ baseert zich ook op een hardere
elektrische gitaarrif en drumpartijen en ‘Bible and Bird’, een
lichtvoetig instrumentaal alt. country tussendoortje brengt wat
luchtige variatie te midden van het grimmiger werk. Het afsluitende
experiment ‘Little Raven’ stelt als song weinig voor, maar geeft
‘Mosaic’ wél een gitzwart staartje.

Op ‘Mosaic’ zet Woven Hand het experiment door en wordt het obscure
verder geëxploreerd. De stem van Edwards klinkt dieper dan op het
vorige werk, waardoor hij hier en daar naar het zwaardere materiaal
van Nick Cave toe neigt. Door dit lage vocale register aan te
houden, komt zijn vocals hier en daar wat geforceerd over, een
kwaal waar het vorige album niet onder te lijden had.
Desalniettemin is ook deze vierdeling van Woven Hand het ontdekken
waard, want na een valse start wordt enkel pure kwaliteit
aangeboden.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

17 − 2 =