Ron Sexsmith :: Time Being

Maak kennis met Ron Sexsmith, de man met de nasale stem en de blik van een geslagen hond, die al meer dan tien jaar betere Paul McCartney-albums maakt dan de concurrentie (inclusief Paul McCartney). Voor de ongeduldige fans: het is business as usual. Dus: op naar de platenwinkel!

Van Sexsmith wordt wel eens beweerd dat hij een "artist’s artist" is. Dit omdat een verbazend hoog aantal artiesten — zowel mannelijk (Elvis Costello! John Hiatt! Radiohead! Macca zelf!) als vrouwelijk (Lucinda Williams, Feist, Sheryl Crow, Elton John) — on the record vermeldden fan te zijn van ’s mans werk of het gecoverd hebben. Als je zijn productiviteit (acht albums sinds 1995) en de kwaliteit ervan (ze zijn allemaal te situeren tussen "goed" en " redelijk geweldig") in beschouwing neemt, dan is het volstrekt onbegrijpelijk dat Sexsmith intussen nog niet wordt beschouwd als de standaard waar de andere artiesten zich aan mogen meten, of voor uitverkochte zalen en eBay-oorlogen zorgt. Het ziet er niet naar uit dat Time Being daar verandering in zal brengen, want naar goede gewoonte is het nog maar eens een gimmickvrij album dat vakmanschap te over heeft en verplichte kost zou moeten zijn voor aspirant-songschrijvers.

Dat gebrek aan massale erkenning heeft natuurlijk ook met die naam te maken. Nooit tevoren zat er zo’n gapende leegte tussen de opwinding die een naam suggereert en de werkelijke lading die wordt gedekt. Sexsmiths albums worden gekenmerkt door een alarmerend gebrek aan flashy overbodigheden en plots opvallende momenten. Zelfs op zijn eerste drie platen voor een major, die nochtans geproduceerd werden door de om zijn inmenging en dominantie bekend staande Mitchell Froom, draaide het vooral om ontbeende songs met een kop en een staart,.duidelijke strofes, refreinen en bruggetjes met mooie, vaak melancholische melodieën én instrumentatie, met zo nu en dan kleine details als een verdwaalde piano, orgel of mandoline. Op Blue Boy werd, onder leiding van producer Steve Earle, gekozen voor een iets rootsier aanpak, maar daarna bleef Sexsmith terug bij zijn leest. Ook op het opnieuw door Froom onder handen genomen Time Being staat de song centraal.

Het eerste kwartier van de plaat biedt meteen een staalkaart van zijn kunnen: "Hands of Time" is een gezapig slenterende combinatie van akoestische en elektrische gitaren, met subtiele samenzang en een melodie die zich langzaam ontvouwt, "Snow Angel" blinkt uit in een dromerige melancholie die nu en dan ook op de albums van Josh Rouse te vinden is. Het up-tempo "All In Good Time" is oerklassieke pop en sluit eerder aan bij de aanpak die onlangs ook door Neal Casal werd gekozen op zijn No Wish To Reminisce (maar hier beter), terwijl "Never Give Up" meteen kan toegevoegd worden aan het redelijk omvangrijke lijstje breekbare ballads dat de man intussen schreef. Conventioneel (zowat 90% van zijn nummers zijn bvb. ook tussen tweeëneenhalve en vier minuten lang), maar kwalitatief hoogstaand, met consistent sobere, vaak poëtische teksten over de dingen des levens. Heel af en toe dreigt hij te vervallen in saaiheid, maar de nummers zijn zo kort dat hij er de kans niet toe krijgt

Andere hoogtepunten: de luie liefdesverklaring "Reason For Our Love", het aan Aimee Manns designpop verwante "Jazz At The Bookstore", een speels "The Grim Trucker" (mét bijtend gitaarwerk, zowaar), en afsluiter "And Now The Day Is Done", een teneergeslagen meditatie die een beetje een domper op de sfeer zet door afscheid te nemen van een vriend(in) die zich van het leven benam. Time Being zal geen potten breken, weinig nieuwe fans werven en amper op de radio vermeld worden, maar dat het gekoesterd zal worden door het trouwe legertje fans dat Sexsmith volgt, lijdt geen twijfel. Zijn rock-’n-roll coëfficiënt mag dan wel uitkomen op nada, maar Sexsmith is een waardevol songschrijver, al is het maar om de fijnproevers eraan te herinneren dat er nog zekerheden zijn in het leven.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

dertien − 4 =