Rocky Votolato :: Makers

Hij was een echte bullebak, Rocky. Een Johnny avant la lettre met stoere motorfiets – excuus: Dax. Hij durfde te roken in de toiletten en verzoop zo nu en dan een van onze vriendjes in het zwembad. Na een tijdje verdween hij dan ook met gepaste spoed van school.

Wat we zo bewonderden was zijn lef, de ongebreidelde eerlijkheid zijn wetten te stellen. Een knokkersmentaliteit als emotionele afscherming van een vader met al te losse handjes en een moeder die de portofles altijd in aanslag hield. Zoveel jaar na datum zou Rocky een excellente singer-songwriter zijn. Pretentieus gepeupel als we zijn verwijten we die andere Rocky, voluit: Rocky Votolato, dat hij dit niet is. Authentieke muziek dient niet noodzakelijk geïnspireerd zijn door gekartelde littekens op je ziel, maar heeft wel een boodschap als fundament nodig.

Figuren als Elliott Smith of Nick Drake — zelfs vederlicht topzwaar — vormen een tegengif voor de muziek van Votolato. De basisingrediënten zijn nochtans dezelfde: akoestische gitaar aangevuld met een enkel rootsinstrument (mondharmonica). Maximale gevoelens opwekken door zich te bedienen van minimale begeleiding; goede muziek behoeft inderdaad geen opsmuk. Een stevig verhaal komt echter altijd van pas. En daar wil het bij Rocky Votolato wel eens aan schorten.

Als bandlid van Waxwing grossierde laatstgenoemde in potige rock met een emo-hoek af. Wereldwijde faam hebben de heren van Waxwing niet verworven, maar wel een ijzersterke reputatie bij een jonger Seattle, wanhopig terugverlangend naar de hoogtijdagen van de grunge. Zoals het iedere respectabele zanger/gitarist betaamt, besloot Votolato zich toe te leggen op een solocarrière. Iets met diepere gevoelens, persoonlijke ontwikkeling en medebandleden die het wijselijker achten andere horizonten te verkennen.

Terwijl broer Cody stormenderhand de wereld veroverde met The Blood Brothers pikte Rocky de akoestische gitaar op om een stel fraaie songs bij elkaar te pennen. Puur op het gehoor welteverstaan, want tekstueel bakt hij er niet al te veel van. Ook op deze plaat staan enkele gruwelijke misbaksels van het niveau dat we ons nog levendig van Waxwing herinneren: "I’m so drunk I can barely stand/So give me the strength of ten men", iets dergelijks. Zo mochten we bij dit album verticaal weggetakeld worden bij "Where We Left Off", het duistere sfeertje — slepende harmonica incluis — ten spijt. Wegglippen voor je ouders om de liefde te bedrijven met je vriendinnetje — avontuurlijke rekel — maar waar zijn die roze flamingo’s in godsnaam voor nodig?

Begrijp ons niet verkeerd, zelfs zonder vormvaste versregels kunnen we Votolato best pruimen. Als een soort Elliott Smith-light kneedt hij menig tiener richting het betere werk. Toegankelijkheid is immers geen zonde zolang er geen knieval wordt gedaan voor reclamedoeleinden. Jammer dat je geloofwaardigheid dan inzakt als een pudding als je titelnummer gebruikt wordt in de soundtrack van prepuberserie The OC. "White Daisy Passing" blijft ondanks de begeleidende hype wel overeind, al was het maar omdat het vakmanschap ervan afdruipt. Zijn referenties zijn echter niet enkelvoudig terug te leiden tot de voor de hand liggende singer-songwriters. "Uppers Aren’t Necessary" lijkt immers geplunderd uit de back-catalogue van Simon & Garfunkel en het stevige "Tennessee Train Tracks" verdient zijn plaatsje bij de all-american radiovriendelijkheid van The Wallflowers.

Hoewel het allemaal ontzettend goed klinkt, klotst het inhoudelijk alle kanten op. En een singer-songwriter zonder boodschap, zonder iets noemenswaardigs te vertellen, verleidt ons er niet toe ook maar een beetje onder de indruk te zijn. De puberale bewondering die we voor die andere Rocky aan de dag konden leggen, daar kan deze Rocky niet op rekenen. Maar dat zal wel iets met de leeftijd te maken hebben.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

14 + 9 =