Rinôçérôse :: Schizophonic

Op de hoes van de nieuwe Rin&ocircçér&ocircse prijkt een in repen gehakte gitaarversterker. Schizophonic heet het plaatje, ofte muzikale gespletenheid. Jean-Philippe Freu en Patrice Carrié kiezen dan ook weer voor de confrontatie van elektronische dansbeats met rockgitaren.

Een jaar of zes geleden verraste dit duo psychologen de wereld met Installation Sonore (hun debuut Retrospective had minder succes). Op het podium schaarden de twee een hele band om zich heen. Live is Rinôçérôse dan ook een heuse sensatie en de groep wordt zelfs omschreven als Underworld met gitaren.

Hoewel opvolger Music Kills Me een stuk zonniger was dan Installation Sonore, slaat Schizophonic opnieuw een veel donkerdere en rauwere toon aan, al houdt het duo de dansvloer altijd in het achterhoofd. De single "Bitch" is daar het perfecte voorbeeld van. De intro doet vermoeden dat we hier met glamrock te maken hebben, maar na enkele seconden knallen de beats al uit de boxen. Halverwege horen we scheurende elektronische gitaren zoals hun landgenoten van Daft Punk ze wel eens serveren. Na een fijn intermezzo mondt het nummer uit in een opzwepende floorfiller van jewelste. Maar zoals gewoonlijk hebben de marketingmannen ook deze keer het meest catchy nummer van de plaat vooruitgeschoven als single. Het grootste deel van de plaat klinkt, driewerf helaas, een stuk minder goed.

Opener "Skin" lonkt naar New Order maar komt qua genialiteit amper tot aan de enkels van de lads uit Manchester. "Pleasure And Pain" doet dat gelukkig wel en steekt, wat ons betreft, met kop en schouders boven de rest van de plaat uit. Die briljante bas, die in de verte galmende melodie, en natuurlijk de productie van Steve Dub (zie o.a. Chemical Brothers)… Alles klopt aan dit nummer.

In "Fucky Funky Music" horen we daarentegen een hoop overbodig lawaai. Punk en dance hebben zich al op geslaagdere manieren met elkaar verzoend. "Get Ready Now", dat aan de trashy punktechno van T. Raumschmiere doet denken, lijdt aan diezelfde kwaal. Op "My Demons" horen we een dance-act die een rockband wil zijn, maar daar schromelijk in faalt. Een jas die je niet past moet je nu eenmaal niet aantrekken.

De rest van de plaat is niet onuitstaanbaar, maar echt warm of koud krijgen we het er ook niet van. Hoewel Rinôçérôse een heel andere sound heeft dan de meerderheid van de electrorockers, lijken de beats en samples soms uit de prullenmand van de concurrentie opgevist. We hebben wel een hart voor het milieu maar dit soort recyclage lijkt ons zinloos. U kan ons verwaand vinden, maar we missen gewoonweg ziel en emotie op dit album.

Schizophonic klinkt teveel als een uitgekiende carrièrezet en te weinig als muzikale vrijheid, wat het eigenlijk wel is. Hoewel elke track wordt opgeluisterd door een gastvocalist, geeft dat slechts sporadisch een meerwaarde. Freu en Carrié tappen elk album uit een ander vaatje. Dat vinden we zeer sympathiek, maar ze hadden voor dit album gerust een nieuw vat mogen opsteken.

Met het geld dat u niet aan dit album besteedt, kunt u de band misschien eens live gaan aanschouwen.Rinôçérôse is nu eenmaal ideale partymuziek en live staan ze wél altijd hun mannetje.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

19 − zestien =