Dark Water




Alwéér een Amerikaanse remake van een Japanse thriller? Yup,
Hollywood kan er maar geen genoeg van krijgen, en zolang mensen zo
gek zijn om en masse naar onversneden lulkoek als ‘The Grudge’ te gaan kijken, zal die trend
nog wel even voortduren (vooral ook omdat het in elkaar flansen van
remakes nu eenmaal makkelijker is dan zelf iets te moeten
bedenken). Ik kan niet zeggen dat ik echt enthousiast was om naar
‘Dark Water’ te gaan kijken, ook al stond Jennifer Connelly op de
affiche (één blik in haar ogen en mijn spraakvermogen wordt
gereduceerd tot het pruttelen van klankjes zoals ga-ga-goo, wat
sommige mensen een verbetering zouden vinden), en ook al werd die
dan geregisseerd door Walter Salles, die ons eerder het aardige
‘Motorcycle Diaries’ gaf. Maar zie
nu, de wonderen zijn de wereld nog niet uit: ‘Dark Water’ moet het,
in tegenstelling tot z’n voorgangers, niét hebben van goedkope
schrikeffecten, de film wordt niét gedomineerd door vulgaire CGI
(ik verwijs graag naar de hertensequens uit ‘The Ring 2’) en de personages gedragen zich
zowaar als normale mensen.

Jennifer Connelly speelt Dahlia Williams, een vrouw van een jaar of
dertig die verwikkeld is in een nogal bittere strijd met haar
ex-man om het hoederrecht van haar zesjarige dochtertje Cecilia
(Ariel Gade). Ze huurt een goedkoop appartementje net buiten New
York, maar wat het begin had moeten zijn van een nieuw leven, neemt
al gauw ronduit macabere overtonen aan. De flat blijkt een krot te
zijn dat zo lek is als een mandje, met enorme donkere plekken aan
het plafond waar zwart water uit druipt, en ook de lift van het
gebouw doet enkel waar hij zin in heeft. Bovendien bedenkt Cecilia
plots een denkbeeldig vriendje voor zichzelf, dat misschien niet zo
denkbeeldig is. Voor je het weet, horen moeder en dochter stemmen
en gaan ze vreemde dingen zien in de wasmachine.

Die beschrijving zou u de indruk kunnen geven dat ‘Dark Water’ niet
meer of minder is dan een zoveelste spokenthriller, maar dan heeft
Walter Salles (en allicht ook Hideo Nakata, de regisseur van de
originele film) toch nog iets anders in gedachten. Het sfeertje van
‘Dark Water’ heeft immers meer gemeen met dat van oude Roman
Polanski-thrillers à la ‘Rosemary’s
Baby’
en ‘The Tenant’ dan met dat van ‘The Ring’. In plaats van te rekenen op
boe-effecten, spendeert Salles het eerste uur van z’n film aan een
langzame, zorgvuldige set-up, waarin hij een onheilspellende sfeer
weet op te roepen die voldoende is om elk haartje in je nek recht
overeind te krijgen. We komen te weten dat Dahlia lijdt aan hevige
migraine-aanvallen, dat ze als kind in de steek werd gelaten door
haar moeder, dat ze daar een knoert van een jeugdtrauma aan heeft
overgehouden, en dat ze in het verleden niet altijd even emotioneel
stabiel is gebleken. Naarmate we Jennifer Connelly steeds meer
pilletjes zien nemen en steeds vreemder gedrag zien vertonen, weet
Salles een oprechte twijfel uit te lokken bij z’n publiek: is er
écht wel iets bovennatuurlijks aan de gang, of speelt alles zich
alleen af in de fantasie van een vrouw die elk contact met de
werkelijkheid dreigt te verliezen? Tijdens het eerste uur is ‘Dark
Water’ een zuivere paranoïa-thriller in de stijl van Polanski in
z’n beste jaren: wat is echt en wat is ingebeeld? En als Dahlia
echt niet goed wijs is, wat kunnen dan de gevolgen zijn voor haar
kind?

Heel deze set-up is een staaltje eersteklas-cinema: we krijgen
nauwelijks een speciaal effect te zien, Salles doet alles met
suggestie, met z’n camerabewegingen en z’n muziek. De fotografie
doet regelmatig denken aan die van ‘Seven’ destijds: ook hier krijgen we een
New York waar het altijd regent, zodat de stad zelfs overdag in een
permanente schemering gehuld is. Vuile bruine, oranje en grijze
kleuren domineren alles. Dit is een troosteloze wereld waar alles
er lelijk en afgeleefd uitziet. Dan, in die wereld, krijgen we een
paar speldenprikken van gebeurtenissen die niet echt kloppen: een
lek in het plafond dat abnormaal groot wordt. Een rugzak die
gevonden wordt door Cecilia en in het vuilnis belandt. Het
ingebeelde vriendje. Allemaal dingen die een rationele verklaring
zouden kunnen hebben, maar geloven we daar nog wel in? Salles bouwt
de spanning zeer nauwkeurig op, en hoewel er eigenlijk maar weinig
gebeurt en het tempo bijzonder laag ligt, weet hij je toch op het
puntje van je stoel te krijgen.

Dan daarna, natuurlijk, is het tijd om de kaarten op tafel te
leggen en krijgen we een finale die toch weer conventioneler is. De
subtiele manier waarop Salles de spanning opvoerde, gaat
gedeeltelijk verloren omdat je nu eenmaal een resolutie aan je
verhaal moet geven. Ooit wil ik een thriller zien zónder pay-off,
met alléén maar set-up. De set-up is tenslotte het leukste deel.
Tijdens z’n laatste half uur komt ‘Dark Water’ weer dichter tegen
soortgenoten als ‘The Ring’ aan te
liggen, maar geen nood: tegen die tijd ben je zodanig mee met het
verhaal, dat je dat erbij neemt.

Jennifer Connelly is alweer bijzonder sterk als alleenstaande
moeder die vecht voor haar kind en haar eigen mentale gezondheid.
Je ziét haar aftakelen over de loop van de film, naarmate ze zelf
steeds meer begint te twijfelen over haar eigen capaciteiten als
moeder. Tijdens een sleutelscène zien we haar totaal doorflippen,
ze loopt letterlijk tegen de muren op, terwijl ze dingen mompelt
als: ‘Ik ben géén goede moeder, ik wil haar niet afgeven…’,
enzovoort. Op dat moment zien we niet alleen een fenomenale actrice
die het beste van zichzelf geeft, maar ook een personage dat meer
diepgang heeft gekregen dan de makers van ‘The Grudge’ ooit hadden kunnen
dromen.

In de bijrollen krijgen we een geestige Pete Postlethwaite als
norse conciërge, een kostelijke John C. Reilly als charlataneske
makelaar en Tim Roth als een zeldzame “goeie” advocaat – opnieuw
een punt waarop ‘Dark Water’ de clichés doorbreekt: advocaten in
films zijn zelden fatsoenlijke mensen, maar hier wel. Tijdens de
finale kan de regisseur toch niet vermijden de voorspelbare paden
van de horrorfilm op te gaan, en ik had ook graag iets meer geweten
over Dahlia’s ex-man, een personage dat iets te weinig ontwikkeld
is in het scenario. Maar dat neemt niet weg dat ‘Dark Water’ een
intelligente thriller is, die kiest voor sfeer waar anderen kiezen
voor goedkope thrills, die kiest voor intellect, waar anderen
kiezen voor domme, manipulatieve plottwists, die kiest voor
Jennifer Connelly waar anderen kiezen voor Sarah Michelle Gellar.
Nog van dat.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

8 + vier =