Goldfrapp :: Supernature

Spectaculaire koerswijzigingen in het carrièreverloop van een
groep: het blijkt meestal enkel voor de waarlijk getalenteerde
bands gefundenes fressen. Het gebeurt vaak dat één geluid op
schaamteloze wijze wordt uitgemolken omdat bepaalde bands centen
boven artistieke uitdagingen verkiezen (in de verte fluistert de
wind ons Live toe). Onder de uitzonderingen op deze jammergenoeg
steeds toepasselijker wordende regel kunnen we zonder moeite
Goldfrapp rekenen. Op hun fel bejubelde debuut, ‘Felt Mountain’,
gaven warme, organische arrangementen de toon aan. De zachte,
etherische stem van Alison Goldfrapp, die eerder al te horen was
bij Orbital en Tricky, sloot naadloos aan bij de weidse soundscapes
die de plaat domineerden. Wie dacht dat Alison en haar partner in
crime Will Gregory met hun tweede plaat dezelfde jazzy paden zouden
bewandelen zat er, op z’n zachtst gezegd, flink naast. De hoes van
‘Felt Mountain’ was eigenlijk al een hint: dit is een vrouw met
twee gezichten. Het verlegen meisje met de groene laarzen maakte op
Black Cherry plaats voor een
speelse, met promiscuïteit flirtende stoeipoes. De muziek zelf
onderging eveneens een gedaanteverwisseling van jewelste: de
dromerige klankenpracht werd vervangen door smerig klinkende
electro met een poppy touch. Het bleek een combinatie die ongenadig
op de heupen mikte. Op de derde plaat van Goldfrapp zijn echter
weinig veranderingen te ontwaren. Dit hoeft daarom geen reden te
zijn tot paniek: op ‘Supernature’ wordt het geluid van ‘Black
Cherry’ namelijk geperfectioneerd en de kwaliteit van de songs
wordt probleemloos geëvenaard.

De single ‘Ooh La La’ zet meteen de toon: “Switch me on, turn me
up/ I want to touch you, you’re just/ Made for love/ I need la la
la la
“, zingt la Goldfrapp verleidelijk terwijl donkere bassen,
smerige synthpartijen en een klievende gitaar met elkaar duelleren.
Waar die la la la la voor staat mag u vooral zelf invullen, maar we
kunnen wel raden waar de gedachten van de meesten zullen naar
uitgaan. De twee volgende nummers, ‘Lovely 2 CU’ en ‘Ride a White
Horse’ (een verwijzing naar ‘White horse’ van Laid back?) klinken
minstens even geil en dansbaar: een decadente mix van disco en
glamrock waarin met distortion beladen synths voor de venijnige
angels zorgen. De euforie en speelsheid die van de muziek uitgaat,
herinneren ons aan Prince en David Bowie ten tijde van zijn Ziggy
Stardust-periode. Het tempo ligt echter niet altijd hoog op
‘Supernature’ en de sfeer wordt niet constant bepaald door seks en
lust. De laatste twee nummers van de plaat vormen een ingetogen
dubbelluik waarin de romantiek die inherent was aan ‘Felt Mountain’
door de koude muur van synths komt doorschemeren. In ‘Time Out from
the World’ krijgen we prachtige strijkers te horen die zo uit een
Bond-film zijn weggelopen en de geniale afsluiter ‘Number 1’ is een
van alle ballast ontdane liefdesverklaring: “You’re my favourite
moment/ You’re my Saturday/ Cos you’re my number one
“, klinkt
het zacht terwijl een melancholische synthesizer rustig
verderkabbelt.

Dit zijn de enige echte rustpunten op een plaat die toch vooral de
dansspieren aanspreekt.Beweren dat Alison Goldfrapp over sex-appeal
beschikt lijkt ons een zwaarder eufemisme dan stellen dat Tanja
Dexters niet bepaald toonvast is. Net als op ‘Black Cherry’
koorddanst ze af en toe op de fijne lijn die sexiness van
vulgariteit onderscheidt, maar ze slaagt er steeds van aan de
juiste kant te blijven (iets wat live wel eens dreigt te
mislukken). We mogen echter ook een dikke pluim op de hoed steken
van Will Gregory: het door hem geschetste muzikale landschap waarin
Alison Goldfrapp zich vocaal mag uitleven geeft diepgang aan de
nummers zonder een zekere speelse luchtigheid te verliezen.

Don’t judge a book by its cover, luidt het spreekwoord maar
voor ‘Supernature’ mogen we gerust een uitzondering maken. De hoes
is een perfecte evocatie van de sfeer van de plaat: sexy, ravissant
en opwindend met een mysterieus, donker randje. ‘Supernature’ is
een esthetisch verantwoord feestje dat een dionysisch bacchanaal
doet lijken op een tea party ten huize van Alexandra Colen.
Als dat geen reden is om de plaat in huis te halen, weten we het
ook niet meer.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

dertien + veertien =