Born on the Fourth of July


Toen enkele weken geleden George W. (W. voor “war for peace”)
Bush een bezoek bracht aan Engeland, kon u in de meeste kranten een
foto vinden van een oudere man in een rolstoel voor 10 Downing
Street. De man hield een pamflet omhoog tegen de coalitie tussen de
VS en Groot-Britannië. Zijn naam was Ron Kovic, een
Vietnamveteraan, die in de jaren zestig als jongeman vol idealisme
en patriottisme naar Azië vertrok om de dreiging van het communisme
te bestrijden. Na drie jaar in de brousse te hebben doorgebracht,
werd hij neergeschoten en raakte hij vanaf zijn middel verlamd. Bij
zijn thuiskomst werd hij eerst maandenlang in een hels ziekenhuis
ondergebracht, en vervolgens vrijgelaten in een land dat hem niet,
zoals beloofd, als een held beschouwde. Langzaam maar zeker
begonnen zijn meningen over de regering en de oorlog te veranderen,
tot hij één van de meest gerespecteerde en welbespraakte
anti-oorlogdemonstranten van het land werd. Nadat regisseur Oliver
Stone zijn eigen Vietnamtrauma van zich af filmde met ‘Platoon’, gebruikte hij Kovics ervaringen
om het tweede deel te maken van wat uiteindelijk zijn
Vietnam-trilogie zou worden: ‘Born On The Fourth Of July’.

Die trilogie is in de eerste plaats opmerkelijk, aangezien elk
deel ook iets essentieels toevoegt dat we in de vorige delen niet
gezien hadden, het is niet dezelfde film drie keer herhaald, maar
dan met kleine veranderingen. ‘Platoon’ bekijkt de ervaringen van de
Amerikaanse soldaat in de jungle. ‘Born On The Fourth Of July’ de
trauma’s die zo’n soldaat eraan overhoudt, eens hij weer thuis is.
En ‘Heaven and Earth’ onderneemt een
poging om het conflict door de ogen van de nominale vijand te
bekijken. Ook al beschouw je die laatste film als een mislukking –
niet onterecht, trouwens – Stone’s werk blijft tot het meest
relevante behoren dat we over dit onderwerp al hebben te zien
gekregen, met inbegrip van documentaires en literatuur. ‘Born…’
wordt bovendien op een verrassende manier ingevuld door Stone –
normaal gezien is hij een rabiaat politiek filmmaker, die zich niet
altijd even comfortabel voelt met emoties, maar hier verschuift hij
de politieke retoriek naar het zijplan om juist de emoties de
overhand te laten voeren. Natuurlijk zit er hevige
maatschappijkritiek in de film, wat had u dan gedacht? Maar die is
nu eenmaal eigen aan het verhaal, en wordt in de eerste plaats
aangetoond via de persoonlijke ervaringen van het
hoofdpersonage.

Daarbij wordt hij in de eerste plaats geholpen door zijn
hoofdacteur Tom Cruise, die hier een tour de force levert waar de
hele wereld van opschrok. De tandpasta-glimlach uit ‘Top Gun’
draaide hier willens en wetens zijn hele imago ondersteboven,
speelt een fysiek en mentaal zwaargehavend man en slaagt er
gaandeweg in om elke herinnering aan z’n vorige rollen weg te
vegen. Een scène aan het eind, waarin hij de familie van een
gesneuvelde collega-soldaat bezoekt, getuigt van grote klasse.

Net als in ‘Platoon’, is het een
vaak pijnlijke ervaring om te zien hoe jong idealisme wordt
gecorrumpeerd tot desillusie en bitterheid. We ontmoeten Ron Kovic
voor het eerst als een scholier, die wordt opgevoed in de typische
Amerikaanse winner-mentaliteit – een atleet, die door zijn familie
en coach wordt aangemaand om toch maar de beste te zijn.
Overwinnen, de sterkste zijn, dat is wat telt. Een vroege scène,
waarin Kovic een worstelmatch verliest, is veelzeggend. We krijgen
slow motionbeelden te zien van de teleurstelling op de gezichten
van zijn ouders en vriendinnetje. Teleurstelling die grenst aan
walging. En voor mensen zoals Kovics ouders, verandert die
mentaliteit eigenlijk nooit, ook niet wanneer hij thuiskomt in een
rolstoel. Emoties dienen onderdrukt te worden – gehandicapt of
niet, je hebt niet het recht om te gaan twijfelen aan God of de
overheid. Na Vietnam komt Kovic terecht in een omgeving die plots
volslagen absurd lijkt, en die niet weet hoe ze hem moet opvangen.
Tijdens één van de sterkste scènes in de film, komt hij dronken
thuis en begint hij zichzelf huilend te beklagen: ‘There’s no
God. There’s just me and my dead penis.’
Oké, dat is enigszins
pathetisch, maar lang niet zo zielig als het antwoord van zijn
moeder: een gefrustreerd uitgeschreeuwd: ‘Don’t say penis in
this house!’
Een repliek die grappig zou zijn als ze niet zo
beangstigend en triest was. Niet voor de eerste of laatste keer,
toont Oliver Stone de hypocrisie aan van een samenleving die geen
enkel probleem heeft met een “gerechtvaardige oorlog”, maar waar je
geen stoute woorden mag gebruiken of seks hebben. Om u maar te
zeggen dat de regering Bush die stand van zaken niet heeft
uitgevonden.

Stone is goed met dit soort van onderwerpen, hij kent de emoties
die de grondslag van het verhaal vormen, en weet er een film van
138 minuten van te maken, die geen seconde te lang aanvoelt. Het
zou nog tot ‘JFK’ duren voordat hij
gebruik ging maken van verschillende filmstocks en het afwisselen
tussen kleur en zwart-wit, maar de visuele structuur van ‘Born…’
is op een bepaalde manier doordachter dan het meer opvallende,
flashy werk dat hij later zou afleveren (hoe goed dat ook was). Het
eerste deel van de film, tot en met Kovics verblijf in Vietnam,
wordt gedomineerd door rode tinten. Eens hij in het ziekenhuis
ligt, krijgen we overvloedig wit te zien. En daarna, terug thuis,
primeert de kleur blauw. Red, white and blue.

Oliver Stone’s films worden dikwijls geleid door een gevoel van
woede – ‘JFK’, ‘Natural Born Killers’, ‘Any Given Sunday’. Zijn Vietnamfilms,
daarentegen, die zich nochtans zó goed zouden lenen tot dergelijke
cinema, tot films waar de agressie en nijdigheid van afspatten,
zijn doordrongen van een intentse triestheid. Een gevoel van
verlies. Verloren onschuld, verloren levens. De clou van ‘Platoon’ was niet het brute geweld van het
finale slagveld, maar de strijkmuziek die we hoorden terwijl Willem
Dafoe stierf. En net zo, schuilt het hart van ‘Born On The Fourth
Of July’ niet in de woedende speeches die Cruise op het einde mag
afsteken, maar in zijn gefluisterde bekentenis aan de ouders van
een dode soldaat. ‘Born On The Fourth Of July’ is een belangrijke,
waanzinnig knap gemaakte, en bovenal oprechte film.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

zeventien + twee =