Monster’s Ball



111 min. / USA

Eén van de meest bejubelde films van het voorbije jaar,
deze ‘Monster’s Ball’. We hebben allemaal Halle Berry het
oscarschavot zien beklimmen en hysterisch zien snikken, vijf
minuten lang, en aangezien de film hier toen nog niet was
uitgekomen, gingen we ervan uit dat ze die oscar wel verdiend zou
hebben, zoals iedereen beweerde. Verdiende Berry die oscar?
Misschien, hoewel ik dat met de concurrentie van grote kanonnen als
Nicole Kidman en Sissy Spacek niet zeker zou durven zeggen.
Verdiende de film al die lof? Zeker niet.

Veel mensen schijnen nog steeds te denken dat een film automatisch
diepzinnig is, omdat hij somber, ja zelfs deprimerend is. Dat is
dus niet zo – ‘Monster’s Ball’ ontvouwt zich als een steeds
onwaarschijnlijker wordende serie intense tragedies, maar aan het
einde van de film heb je nog steeds geen idee wie de personages nu
precies zijn of wat de regisseur precies wilde zeggen. Hàd hij wel
wat te zeggen?

Deprimerend is ‘Monster’s Ball’ in ieder geval. Halle Berry speelt
Leticia, een arme vrouw met een dik kind en een man die in de
gevangenis de doodstraf afwacht. Wanneer het zover is, is Billy Bob
Thornton de man die de hendel moet overhalen, Hank. Niet dat Berry
dat weet – ze is niet aanwezig bij de executie, en tijdens een
bezoek eerder die dag laat ze haar halve trouwboek weten dat ze
enkel gekomen is omdat hun zoon hem wou zien.

Hank heeft zijn eigen problemen met zijn vader, gespeeld door Peter
Boyle, een ouderwetse racist die langzaam zit te sterven aan
longkanker. Niet langzaam genoeg naar Hanks smaak. Hank werd
opgevoed in een sfeer van haat, maar we zien hem werken met
zwarten, we zien hem met zijn zwarte buren omgaan, en we zien dat
wat voor racisme hij dan ook heeft, niet ongeneeslijk is. Ook zijn
zoon is schijnbaar een probleemgeval, hoewel we nooit met zekerheid
te weten komen waar hun conflicten precies uit voortkomen.

Deprimerend, zei u? Reken maar van yes. Tijdens de eerste twintig
minuten weet regisseur Marc Forster de spanning perfect op te
voeren tot aan de executie van Berry’s man. Maar dan komt het. Nog
geen vijf minuten later pleegt Thorntons zoon, gespeeld door Heath
Ledger met een fake accent, zelfmoord, zonder dat we begrijpen
waarom. En als u dacht dat het daarmee wel gedaan was, vergeet het
maar, want nog geen tien minuten daarna wordt het zoontje van Berry
ook nog eens overreden! Ik heb niet meer zoveel mensen zo snel
weten sterven in een film sinds ‘Battle
Royale’
. Het noodlot treft de personages hier zo ongelooflijk
hard dat je wel naar een Griekse tragedie lijkt te kijken. Enfin,
laat ons zeggen dat ik niet bepaald denk dat ‘Monster’s Ball’
binnenkort ‘White Christmas’ zal vervangen als typische
middernachtfilm op kerstavond, om samen met nonkel Emiel en tante
Magda nog eens naar te kijken.

En ik geloof er niks van. Het is gewoon totaal over the top, wat
niet wordt verholpen door het feit dat de regisseur weigert om
inhoudelijke keuzes te maken. Thornton en Berry ontmoeten elkaar de
avond dat haar zoontje sterft, en gedurende de volgende weken
ontwikkelen ze een relatie die niet zozeer op liefde als wel op
zuivere noodzaak aan menselijk contact gebaseerd is. Allemaal goed
en wel, maar de film vertikt het dus om dat thema te kiezen en
erbij te blijven.

Het gaat immers niet over hun interraciale relatie en de
moeilijkheden die dat meebrengt. Het gaat ook niet over het geheim
dat Thornton voor haar bewaart, dat hij haar man mee executeerde.
Net zo min gaat het over de doodstraf. Die dingen worden
aangeraakt, natuurlijk, maar ze krijgen geen emotionele pay-off. We
komen ook niet te weten waarom Thornon en Ledger nu precies zo
vijandig tegenover elkaar stonden, waardoor Ledgers dood enkel een
absurde plotwending lijkt, bedacht door een scenarist die niet zou
rusten voordat hij zijn publiek óók zelfmoordplannen aan had
gepraat.

Net zo min krijgen we een duidelijk beeld van de relatie tussen
Thornton en Boyle. Ze haten elkaar, of althans, Thornton haat
Boyle, Boyle haat zowat iedereen, en daarmee is de kous af. In
melodrama’s had dit soort verhaal ongetwijfeld geleid tot een serie
tranerige monologen en melige gesprekken, en dat had ongetwijfeld
een slechte film opgeleverd. Maar zoals het is wordt er niet alleen
niets uitgesproken, er wordt het publiek ook nergens een indicatie
gegeven van wat er nu precies tussen de personages gaande is.

Dat is het grote verschil met ‘In the
Bedroom’
, dat ander “stil” drama. Ook daar werd niets
uitgesproken, maar de regisseur wist wat hij wilde vertellen en
vond een visuele, filmische manier om zijn punten duidelijk te
maken, in plaats van een verbale, melodramatische manier. Forster
vindt die manier niet. De plot hangt af van totaal ongeloofwaardige
rampen die elkaar in een hels tempo opvolgen en van personages die
we niet leren kennen. En op het einde is er geen enkel thema dat
duidelijk blijft hangen. Na een uur ben je de film alweer
vergeten.

Forster bouwt zijn film visueel erg helder op, met eenvoudige
visuele structuren voor de meeste scènes. Zwaar dramatische
momenten die veel vereisten van de acteurs, zijn vaak in één shot
opgebouwd, of duidelijk gefilmd met twee camera’s en vervolgens
gemonteerd, zodat de acteurs een klein toneelstukje konden opvoeren
om hun emoties logisch op te bouwen. Op zichzelf is dat een mooi
principe, maar in de praktijk betekent het dat vooral Halle Berry
soms erg toneelachtig staat te acteren. Het is alsof ze met elke
scène wilt bewijzen dat ze een grote actrice is, door over the top
te gaan, een prestatie neer te zetten die lijkt uit te schreeuwen:
“kijk eens hoe goed ik hier sta te acteren, hoeveel emoties ik
overbreng.”

Nee, dan liever Billy Bob Thornton, die er zoals steeds weer een
schepje afhaalt, zeer veel intern speelt, en voor het einde van de
film volledig in zijn personage is verdwenen, zodat we naar een
persoon kijken, in plaats van naar een acteur die een rol speelt.
Hetzelfde geldt trouwens voor Peter Boyle, hoewel ook hij weer
weinig bagage meekrijgt als personage. Hij is wie hij is. Hoe hij
dat is geworden, wat zijn verleden is, hoe hij zich voelt tegenover
zijn zoon en kleinzoon, is een mysterie.

De eerste twintig minuten van ‘Monster’s Ball’, tot aan de
executie, tonen dat Forster wel degelijk in staat is spanning op te
bouwen. Misschien zou het beter zijn geweest die twintig minuten
als kortfilm uit te brengen, en de rest van deze ongeloofwaardige,
volkomen humorloze draak in de koelkast te steken tot hij besloten
had waar hij wilde dat zijn film eigenlijk over zou gaan.

Francis Ford Coppola zei ooit in een interview dat het maken van
een ernstige film over een zwaar thema enorm moeilijk is, omdat je
verwacht wordt zeer diepzinnige dingen te vertellen te hebben, maar
je toch nooit mag toegeven aan pretentie. Het jongleren met de
ambitie een belangrijke film te maken en het verbod op pretentie is
niet veel mensen gegeven. Marc Forster voorlopig ook niet. Dit is
een film die zijn ambities als een enorme last met zich meedraagt,
maar op het einde blijven we als publiek zitten met niets dan wat
gebakken lucht. En met een zoveelste prachtige prestatie van
Thornton, dat wel.

http://monstersballthefilm.com

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

vijftien − 4 =