De romans van Amélie Nothomb zijn grofweg in twee groepen te onderscheiden: de korte romans met enige groteske of absurde inslag enerzijds, en de autobiografische reflecties anderzijds. Bij die laatste staan vooral Japan centraal, het land waar Nothomb geboren is en haar eerste levensjaren doorbracht alsook de plek waar ze verschillende malen naar terugkeerde in de hoop iets van haar jeugdige vreugde en onschuld terug te vinden.
Dat Japan ondanks al die pogingen nooit het beloofde land werd waarvan ze droomde, maakte ze onder meer duidelijk in Stupeur et tremblements (1999, Met angst en beven) en Ni d’Ève ni d’Adam (2007, De verloofde van Sado) al blijft het land haar aantrekken en vormt het net zozeer een bron van geluk zoals blijkt uit La nostalgie heureuse (2013, Nostalgie van het geluk). Ook in L’impossible retour (2024) staat Japan centraal, zij het ditmaal ten dele door de lens van haar vriendin Pep Beni, die het land voor de eerste maal bezoekt in 2023 en zich zoals velen laat vangen door een geromantiseerd beeld ervan. Nothomb vormt het tegenbeeld hiervan als iemand die het land echt leren kennen heeft, en voorbij de schijn en rituelen kan kijken.
Vaak voelt het aan alsof Nothombs vriendin de clichématige toerist is die enerzijds verwonderd een land bezoekt en gefascineerd is door een cultuur en anderzijds veel misbaar maakt wanneer iets indruist tegen haar eigen veronderstellingen. Zo maakt ze met erg duidelijk wat ze vindt van de ryokan (traditioneel hotel) waar ze verblijven in Kioto en weet ze ondanks Nothombs diplomatieke vertaling de eigenaar ervan toch te schofferen. Grappig genoeg vinden zijn vrouwelijke werknemers dit net lovenswaardig en wordt de mondige Française door hen op handen gedragen. Zonder het met zoveel woorden te zeggen of een standpunt in te nemen, toont Nothomb aan dat in Japan er nog vaak een hiërarchie heerst waarbij leeftijd en geslacht in belangrijke mate bepalen welke vrijheden iemand zich mag veroorloven.
Na nog enkele pagina’s te wijden aan Kioto en het nabijgelegen Nara (in het boek wordt hier eenmaal verkeerdelijk over Tokio gesproken) verlegt de roman de focus naar Tokio. Een eerste ramp vindt plaats op de shinkansen (hoge snelheidstrein) wanneer Nothomb haar treinkaartje niet vindt (maar wel het betaalbewijs) en in tranen uitbarst tot gene van de conducteur en andere passagiers. Finaal vindt ze het kaartje wel en beschrijft ze meteen kort hoe de Kansai-regio verschilt van de Kanto-regio en Tokio in het bijzonder. Hoewel Nothomb als jonge twintiger in Tokio leefde, ligt haar hart duidelijk in Kansai waar ze haar eerste levensjaren doorbracht. In Tokio ondervindt haar vriendin opnieuw problemen, vanwege haar allergie, maar brengt Alice, een gemeenschappelijke vriendin die al enkele jaren in Japan leeft, soelaas.
Doorheen de hele roman switch Nothomb tussen haar eigen gedachten en herinneringen en wat ze ervaart in Japan, zowel door haar ogen als door die van haar vriendinnen. Hierbij is duidelijk hoe ze allen op hun manier toch nog een geromantiseerd beeld van het land hebben, zelfs al is dit het meest duidelijk bij Nothombs vriendin die de meest uitgesproken ideeën heeft, wat ook tot uiting komt in haar visie op Japan en de Japanners. Zoals Nothomb ook letterlijk opmerkt, is haar roman dan ook niet bedoeld als een gids voor Japan maar is het net als haar andere autobiografische romans een sterk gecontroleerde inkijk in haar leven, gevoelens en herinneringen.
Amélie Nothomb is een schrijfster die enerzijds heel open is wat haar leven betreft en anderzijds net sterk het publieke beeld van haarzelf onder controle houdt. Het maakt van De onmogelijke terugkeer een interessante reflectie over hoe ze na lange tijd haar plek in de wereld vond en die niet haar geboorteland (België) noch haar land van de gelukkige kinderjaren (Japan) is, maar Frankrijk en meer bepaald Parijs. Nothomb is er zich hierbij maar al te zeer van bewust dat ze in het bijzonder Japan louter bekijkt door de naïeve, nostalgische kinderblik die verder gevoed wordt door haar band met haar overleden vader, die ze met Premier sang (Bloedlijn, 2021) eerde. Door te kiezen voor een mix van een reisverslag, mijmeringen en reflecties weet Nothomb De onmogelijke terugkeer tot een eerlijk en bij momenten opvallend open werk te maken dat een inkijk geeft in het leven van iemand die enerzijds haar bestaan met de wereld wil delen, maar zich anderzijds ook maar al te graag ervoor afsluit.



