Terry Allen & The Panhandle Mystery Band :: Just Like Moby Dick

De voorbije jaren blikte Terry Allen vooral terug door middel van een aantal heruitgaven van ouder werk. Met Just Like Moby Dick brengt hij nu zijn eerste album met nieuw materiaal uit in zeven jaar. 

Homo universalis Terry Allen — hij is ook een gerespecteerd beeldhouwer en schilder — is niet meteen de meest productieve muzikant. Met Juarez (1975) en vooral Lubbock (On Everything) (1979) bracht de naar Santa Fe uitgeweken Texaan twee albums uit die een archetype zijn voor wat later alt.country zou genoemd worden. Maar vooral sinds de eeuwwisseling staat zijn muzikale output op een erg laag pitje. Voorlopig bestond die immers enkel uit het in 2013 uitgebrachte Bottom Of The World, maar nu is er eindelijk nog eens nieuw werk.

Op Just Like Moby Dick doet Allen een beroep op zijn vertrouwde begeleidingsgroep The Panhandle Mystery Band. Naast zijn vaste compagnon Lloyd Maines op pedal steel, is de meest opvallende naam deze keer die van gitarist Charlie Sexton (Bob Dylan). Overigens deed Allen ditmaal een beroep op andere muzikanten om aan sommige nummers mee te schrijven. Naast de al eerder genoemde Sexton hielpen ook Joe Ely, Dave Alvin en echtgenote Jo Harvey Allen mee aan de nummers. 

Hoewel de titel en de nautische schilderijen van de negentiende eeuwse primitivistische schilder Thomas Chambers op het artwork anders doen vermoeden, is Just Like Moby Dick niet gebaseerd op de klassieke roman van Herman Melville. Het is een album dat je onderdompelt in de wereld van Allen, waar vampieren, strippers, Houdini en oorlogen de dienst uitmaken. Want zoals we van hem gewoon zijn, wordt de ernstige kant afgewisseld met die typische Allen-humor. 

Humor? Het gaat over Houdini die in de knoop zit met spiritualiteit (“Houdini Didn’t Like The Spiritualists”), maar ook ernstige thema’s worden met een kwinkslag gebracht. “Abandonitis” gaat over isolement, maar voelt nooit zwaarmoedig aan. Tekstfragmenten als “Abandonites / Not appendicitis / The doctor can’t cut it away” zijn vintage Allen. Of wat te denken van het aan Tom Waits schatplichtige “City Of The Vampires”, waar een circus te gast is bij de vampieren. 

Ernst? Op “Death Of The Last Stripper” toont Terry Allen zich van zijn meest gevoelige kant. Hij vertelt er het verhaal van een gestorven stripper die alleen een foto van een kind en een telefoonnummer achterliet. Hoe de verteller het nummer steeds opnieuw probeert te bellen, in de hoop dat er ooit iemand opneemt. Het centrale nummer op het album is de triptiek die “American Childhood” is. Een aanklacht tegen de oorlogen in Irak en Afghanistan, een eeuwig verhaal. “It’s just the war / The fucking war / It’s always been / It never ends”. 

Een speciale rol is er weggelegd voor Shannon McNally. Naast een duet met Sexton (“All That’s Left Is Fare-Thee-Well”) krijgt ze ook de lead vocals op twee nummers toebedeeld. Op “All These Blues Go Walkin’ By” klinkt ze nostalgisch, terwijl “Harmony Two” dan weer relaxed swingende jazz is. Met Just Like Moby Dick zorgt Allen voor een album dat duidelijk zijn idiosyncratische stempel draagt. Hoewel het niet tot ‘s mans allerbeste werk kan gerekend worden, steekt het toch quasi nonchalant een flink stuk boven het maaiveld van de rootsmuziek uit.  

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in