Digable Planets :: 20 november 2016, VK

De jaren negentig zijn helemaal terug in hiphopland. Vorige week kwam het legendarische A Tribe Called Quest nog aanzetten met een gesmaakte nieuwe plaat (de eerste sinds 1998!) en zondagavond werd ook de VK ondergedompeld in een klassiek hiphopfeestje dat grotendeels klonk alsof het nog gewoon 1995 was.

Al werd met voorprogramma Stikstof wel gekozen voor aanstormend talent dat zich vrij comfortabel inbedt in recente ontwikkelingen binnen het genre. Dat doet het Brusselse vijftal goed, met uitstekende basrijke beats, vette flows en rhymes en een interactie tussen de leden die duidelijk voorbereid was maar wel zeer naturel aanvoelde. Het gros van de nummers mag dan wel op gelijkaardig tekstmateriaal steunen (als u rappers niet graag over hun verbaal kunnen hoort stoefen, dan moet u niet bij Stikstof zijn), het werd met een mooie flair gebracht, en op enkele momenten schemerde wat sociale commentaar door die gerust meer mag uitgewerkt worden.

Digable Planets bouwde ooit zijn niche binnen de weelde aan New Yorkse hiphop begin jaren negentig op rond sociaal bewustzijn: een groep die zich inschreef in een traditie van zwarte protestmuziek, die dweepte met figuren als Mumia Abu-Jamal en organisaties als de Black Panthers, maar die tegelijkertijd een positieve boodschap van verzoening en liefde uitdroeg. De twee platen die het trio van Ishmael “Butterfly” Butler, Mary Ann “Ladybug Mecca” Viera en Craig “Doodlebug” Irving in 1993 (Reachin’ (A New Refutation Of Time And Space)) en 1995 (Blowout Comb) uitbracht, verkochten destijds weliswaar niet enorm goed, maar worden wel nog geregeld tot hoogtepunten van de hiphop golden age gerekend. Na die tweede plaat hield de groep het voor bekeken en vooral Butler ging recent andere horizonten verkennen met Shabazz Palaces. Het trio herenigde zich al eens van 2005 tot 2011, en recent opnieuw. Zo stonden ze een tiental jaar geleden al eens in Gent, en nu dus ook in Brussel.

Tien jaar later heeft de groep nog steeds geen nieuw werk uitgebracht en lijken ze dat ook helemaal niet van plan te zijn, dus het was te verwachten dat hier een nostalgie-act ging gebracht worden. Dat doet Digable Planets door zich in een mooie selectie songs uit beide groepsplaten te laten ondersteunen door de vijfkoppige backing band The Culprits. Die moest de mogelijkheid geven om los te breken uit het keurslijf van de opgenomen songs. Dat lukte tamelijk goed, al werd daarbij helaas wel nogal sterk gesteund op clichés uit het hedendaagse Amerikaanse funk en soul livegebeuren.

Met name: een patserige live band die weliswaar retestrak speelt maar weinig ruimte laat voor finesse of subtiliteit, die bevlogenheid ondergeschikt maakt aan entertainment (danspasjes! fluorescerende drumstokken!) en die luid gelijkstelt aan indrukwekkend. Die aanpak bracht weliswaar de soms wat gezapige studiosound van Digable Planets tot leven en scheerde geregeld hoge toppen door het in de verf zetten van melodieën en ritmes of door korte jams aan songs te plakken, maar verzandde ook hier en daar in onnodige balast met ellenlange solo’s. Een luidruchtige drumsolo in “Black Ego” was daarvan wellicht het dieptepunt, maar ook de andere solo’s slaagden er vooral goed in om de vaart uit de show te halen.

Want die zat er anders wel behoorlijk in. Digable Planets mag dan wel maar twee platen opgenomen hebben, die staan wel beide vol uitstekend songmateriaal dat hier op overtuigende wijze werd gebracht. Dat was vooral zo in de eerste helft van de show met uitschieters in opener “May 4th Movement” en in “Graffiti”, maar ook later wist de groep te boeien tussen de onnodige solo-intermezzi in. “Jettin’” en “Rebirth Of Slick (Cool Like Dat)” in het laatste kwart van de show konden rekenen op enthousiast herkenningsgejuich en wisten ook een verdienstelijke climax aan de show te breien.

Helaas geraakte deze show moeilijk voorbij dat “verdienstelijk”-hokje. Digable Planets wist vrij moeiteloos anderhalf uur te boeien met zijn nostalgietrip, maar het blijft achteraf niet echt hangen. Er was wel plezier, maar geen echte bevlogenheid, wel strak muzikantschap, maar geen overrompelende creatieve drang zoals we dat wel bijvoorbeeld voelden bij Shabazz Palaces of zoals die twee studioplaten van Digable Planets dat ooit uitstraalden.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

4 + zes =