Mark Pritchard :: Under The Sun

Eindelijk, die negende plaat van Radiohead ligt in de digitale winkelrekken. Krijg je toch niet genoeg van The Oxford Five, dan kan je je hart ophalen bij “Beautiful People” van Mark Pritchard. Een bloedmooie track met Thom Yorke achter de microfoon, die zo van Atoms For Peace had kunnen zijn. Al is dat lang niet de enige reden om Under The Sun te ontdekken. Een plaat lang puurt Pritchard melancholie uit machinerie.

Link, Harmonic 313, NY Connection en Troubleman: het zijn slechts enkele van de pseudoniemen waaronder Mark Pritchard al muziek uitbracht. Sinds begin jaren negentig stoeit de in Australië wonende Engelsman met Detroit techno, Chicago house, electro, industrial en andere beats ’n pieces. Dat zorgde voor een karrenvracht singles, ep’s en remixes op evenveel labels, maar bij Warp laat de productieve klankbricoleur alle maskers vallen met een volwaardige plaat onder zijn eigen naam. En gelijk heeft hij, want op Under The Sun komt Pritchard helemaal tot wasdom. Dan zou het zonde zijn om je te verschuilen achter de zoveelste alias, toch? Als het bastaardkind van Brian Eno en Four Tet prikkelt Pritchard alle zintuigen met zijn mozaïek van ambient, minimal techno, folk en het betere elektronische knip- en plakwerk.

Eerst en vooral is er dus het hypnotiserende “Beautiful People”, waarin Thom Yorke zijn ijle, vervormde stem laat galmen over tribale percussie en een intrigerend fluitdeuntje. Het eindresultaat had ook op het geweldige Engravings van Forest Swords gekund. Het afsluitende titelnummer kon dan weer uit de koker van Kieran Hebden aka Four Tet komen. Pritchard hakt een achttiende-eeuws kinderrijmpje aan mootjes en drenkt de tekstflarden in onbestemde, atmosferische klanken.

Naast die voldragen, complex uitgewerkte tracks pakt Pritchard ook regelmatig uit met korte, impressionistische klankschilderijtjes. Die verlenen de plaat een knappe flow en zorgen ervoor dat je 67 minuten bij de les blijft. Zo is “Sad Alron” een muzikaal maanlandschap waar Brian Eno met zijn Apollo-soundtrack zachtjes langs scheert. “Infrared” is even gebald, maar teert op machinale beats en dreunende bassen. Gevarieerd, maar toch één coherent geheel. Een beetje zoals Boards Of Canada, niet toevallig Pritchards labelgenoten bij Warp. In “Dawn Of The North” en “Khufu” speelt de Brit echter iets te nadrukkelijk leentjebuur bij de Schotse broers, en dat levert richtingloos kabbelende ambient op. Niemand doet Boards Of Canada beter dan Boards Of Canada.

Gelukkig toont Pritchard op de rest van dit album ook een eigen smoel. Door zijn instrumentale miniatuurtjes te koppelen aan de spookachtige, pastorale folk van “You Wash My Soul” bijvoorbeeld (met de bezwerende vocals van Linda Perhacs). Of door de psychedelische kaart te trekken met die andere labelgenoot Bibio in “Give It Your Choir”. Beans (van leftfield hiphopcollectief Antipop Consortium) exploreert dan weer het leven buiten dit ondermaanse in “The Blinds Cage”. Het zijn stuk voor stuk veelkleurige ankerpunten in Pritchards ruisende zee van ambient.

En zo is Under The Sun een zinnenprikkelende ontsnappingsroute uit de werkelijkheid. Atmosferisch van begin tot eind, maar toch zelden saai of eenvormig. Mark Pritchard pleit ervoor om de plaat in één ruk uit te zitten en daar valt iets voor te zeggen. Laat die shufflefunctie op Spotify dus even voor wat ze is en dompel je een dik uur onder in deze escapistische sprookjeswereld.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

13 − 6 =