The Van Jets :: ”We hebben altijd met blauw en groen moeten verven, maar nu wilden we ook met rood en geel verven”

In 2004 wonnen 4 jonge gasten uit Oostende de Rock Rally. Niet iedereen was overtuigd, maar de afgelopen elf jaar hebben The Van Jets bewezen dat die overwinning zeker terecht was. Ondertussen zijn we vier albums verder, zijn sommige groepsleden vader geworden, maar ook zelf zijn ze nog tevreden over hun overwinning.

Michaël Verschaeve: “Er vallen alleen maar goede dingen over te zeggen. Ik weet niet of we anders doorgebroken zouden zijn. Eerlijk gezegd denk ik van niet, want we waren echt niet goed. Of beter, we waren technisch niet bijster goed, maar we hadden wel al nummers. Daardoor hebben we de Rock Rally gewonnen. Onze sterkte zijn de nummers, en daar zetten we nog altijd het zwaarste op in.”

enola: Het nieuwe album heet Welcome to Strange Paradise. Waar komt die titel vandaan?
Verschaeve: “Een tijdje geleden speelden we een akoestische sessie in Luxemburg, en toen zagen we een grote neon met Welcome to Strange Paradise. Johannes vond dat een prachtige titel, maar voor ons was dat meer een werktitel. Wat ons wel aansprak was het contrast: “paradise” is iets positiefs, je associeert dat niet met “strange”. Onze teksten neigen ook naar die paradox. We hebben het steeds beter in de Westerse wereld, maar is dat wel écht? We willen steeds meer, waar gaat dat stoppen? Is iedereen effectief gelukkiger, nu we zoveel keuzes hebben? Dat is zowat de rode draad.”
Wolf Vanwymeersch: “We nemen echter geen standpunt in, we zetten een rare bril op en geven commentaar op wat de mensheid doet.”
Verschaeve: “We veroordelen niet, want dan vinden we dat we er boven staan, terwijl we er middenin zitten. We zwaaien niet met het vingertje, dat is niet onze stijl. Zoals we zeggen in “Two Tides of Ice”: we zitten tussen 2 ijstijden, we gaan er toch allemaal aan, we kunnen dus maar beter feesten.”

enola: Gaan jullie daar zelf ook zo mee om?
Verschaeve: “Ik moet mij meer en meer afsluiten van de buitenwereld omdat er te veel communicatie is. Alles in de maatschappij lijkt gemaakt om het leven simpeler te maken, maar dat is schijn. Waarop moet je je baseren, wat is de waarheid? Bijvoorbeeld ook in voedsel: waar komt het vandaan, wat zit erin? Niemand weet het.”

Vanwymeersch: “Als ik naar het nieuws kijk, vraag ik mij af wat echt is, en wat propaganda. Vooral in documentaires: alles wordt mooi uitgelegd en je vindt het evident. Maar wat later zie je een andere documentaire die het omgekeerde beweert, en ook dat lijkt plausibel.”

enola: Word je daar niet paranoïde van?
Vanwymeersch: “Goh ja, ik ben dan ook de “conspiracy man” van de groep. We krijgen voortdurend de illusie van vrijheid, maar de eigenlijke macht ligt bij de bedrijven, en niet bij de overheid. Alle beslissingen die genomen worden, of het nu over oorlog of het milieu gaat, staan in functie van wat die bedrijven willen. Dat is het enige wat ik opgestoken heb van die documentaires.”

enola: Johannes schreef een manifest, een soort ideologisch denkkader. Wat was jullie eerste reactie?
Verschaeve: “Het kwam als geroepen, want we zaten in een fase waar we alle kanten uit konden, zowel tekstueel als muzikaal. Vroeg of laat moet je kiezen wat je doet, en het manifest heeft geholpen: we konden gemakkelijker beslissen waar de teksten over moesten gaan, en welke elementen er in de muziek moesten zitten.”

enola: Wat stond er precies in?
Verschaeve: “Het moest speels zijn. De nummers moesten allemaal familie zijn. En puur technisch: extra lijntjes in de muziek gewoon weggooien, in plaats van weg te mixen. We hadden ook een groot bord in ons repetitiekot, en daar stonden adjectieven op: ludiek, speels, edgy. Allemaal hulpmiddelen die het ons gemakkelijker maakten.”

Vanwymeersch: “Vroeger begonnen we aan een plaat en schreven we hopen nummers, om dan achteraf te zien waar het over ging en wat bij elkaar paste. Deze keer was het anders, de beperking deed ons goed.”

enola: Jullie experimenteren graag met verschillende genres, jullie geluid wordt steeds breder en gelaagder.
Verschaeve: “We zijn begonnen als garagerockband, het was al gitaar wat de klok sloeg. Tijdens Cat Fit Fury! begonnen we te experimenteren, maar heel braafjes nog. Vanaf Halo beseften we dat sommige nummers een andere sfeer nodig hadden, en dat ging niet meer met gitaren alleen. Ik zie het zo: we hadden altijd met blauw en groen moeten verven, maar nu wilden we ook met rood en geel verven. Op deze plaat is dat nog verder doorgetrokken: soms hoor je niet of het een gitaar of een synthesizer is, alles is naar elkaar toe gegroeid. Terwijl vroeger alles mooi gescheiden was.”
Vanwymeersch: “We hebben ook naar andere platen geluisterd, Yeezus van Kanye West was belangrijk, maar ook Mykki Blanco, en Frank Ocean, daar is Johannes zot van. We hebben ons ook laten beïnvloeden door “A Clockwork Orange” en Robert Wilson.”
Verschaeve: “Er zit meer theatraliteit in, bijvoorbeeld in “Pink and Blue”, dat naar Franse chanson neigt. We hebben wel goed moeten nadenken over hoe we de hiphopinvloeden gingen verwerken in onze muziek, want het moet wel kloppen natuurlijk. De drumpartijen zijn veel groovier. Ik doe veel minder dan vroeger, ik sla niet meer in het wilde weg. We hebben geprobeerd om iets nieuws te zoeken in de rockmuziek. Ik vind hiphop trouwens veel vernieuwender dan de huidige rockmuziek.”

enola: Die theatraliteit was mij ook al opgevallen. Hoe gaan jullie dat visualiseren op het podium?

Verschaeve: “Daar zijn we mee bezig. Voor Johannes is dat altijd al belangrijk geweest, maar bij de rest van de groep iets minder, omdat dat niet in ons zit.”

Vanwymeersch: “Wat Johannes op het podium doet, hoort daar ook thuis voor hem. Het hoeft niet echt te zijn of te lijken, daar speelt hij graag mee. Hij is dan “bigger than life”, zijn voorbeelden daarin zijn Grace Jones en Freddie Mercury.”
Verschaeve: “We gaan uiteraard ook een eigen lichtshow gebruiken, zonder daar te ver in te gaan. De muziek primeert nog altijd.”

enola: Hoe zit het met de Bowie-invloeden? Die lijken wat geminderd, al klinken er af en toe wat flarden Gavin Friday.
Vanwymeersch: “Die Bowie-referentie vind ik maar gedeeltelijk juist, de “glam-Bowie” is uit onze muziek verdwenen. Ten tijde van Halo werd over ons geschreven dat we glam waren, maar was dat misschien omdat Johannes zijn armen schminkte? Ze wilden ons gewoon in een hokje duwen.
Ik ken de Virgin Prunes wel, en ik heb zelfs de laatste cd van Gavin Friday, maar ik hoor het eigenlijk niet in onze muziek.”
Verschaeve: “We hebben ons altijd wel wat opgekleed voor optredens. Dat was ons ritueel. Daar zijn discussies over. Zo heb je de shoegazer-rock, het “volledig-jezelf-zijn-op-het-podium”, zoals bij Neil Young. Daar is niks verkeerd mee, maar dat is niks voor ons. Ik ben niet zo extreem als mijn broer, maar je staat wel op een podium, dus wees trots en ga ervoor.”

enola: Hoe zijn jullie bij Leo Abrahams terechtgekomen?
Vanwymeersch: “Johannes en ik hebben in een avantgarde-gitarenproject van Rhys Chatham gespeeld in de Handelsbeurs. Leo zat toen in het voorprogramma, en daar is het eerste contact gelegd.”
Verschaeve: ”Hij heeft onder andere Paolo Nutini en The Wild Beasts geproducet, en ook Oscar & The Wolf gemixt. We moesten een producer kiezen en we wisten echt niet wie, we waren al zover dat we dachten om het zelf te doen.”
Vanwymeersch: “Maar ik dacht dat we dan direct zouden splitten.”
Verschaeve: “Ja, dat dacht ik ook (lacht). We zijn 4 sterke persoonlijkheden, er is niet een iemand die aan het hoofd staat. Dus Leo Abrahams stond wel op ons lijstje, maar omdat hij de laatste tijd veel grote namen geproducet had, dachten we dat hij geen interesse zou hebben. Uiteindelijk hebben we hem toch de demo’s gestuurd. Normaal duurt het weken voor je antwoord krijgt, maar na 2 dagen liet hij weten dat hij enthousiast was.”

enola: Het album is opnieuw in Londen opgenomen. Waarom?
Verschaeve: “Omdat Leo daar woont, en hij een paar goede studio’s kende. Maar de hoofdreden is wel dat we op die manier volledig uit onze cocon getrokken werden. Het is belangrijk om volledig geconcentreerd te kunnen werken, zonder afleidingen en familiale besognes.”
Vanwymeersch: “Het is goed om eventjes ergens anders te zitten, het voelt als een schoolreis. Alleen maar muziek opnemen, ‘s avonds uiteten, nog wat lullen en dan gaan maffen. En dat 3 weken aan een stuk.”

enola: De videoclip bij “Two Tides of Ice” is zeer bevreemdend. Waar gaat die over?
Verschaeve: “Grappig, iedereen wil die “verstaan”. Er zitten eigenlijk 2 lagen in. De eerste is redelijk duidelijk, en dat is A Clockwork Orange, met dat water, en die bedden. Een lichte knipoog. We vonden het ook tof om het niet met blanken te doen, dat geeft er een andere twist aan. De rest van het scenario komt vooral van de regisseuse, de genderrollen zijn veranderd bij de 3 personages. Het is dus wel de bedoeling om verwarring te zaaien. De reacties op de clip zijn heel extreem: ofwel vinden de mensen het de max, ofwel begrijpen ze er niks van, en zitten ze te wachten tot wij erin voorkomen.”

enola: Wie is de “Carpet Man”?
Vanwymeersch: “Johannes. Hij ging met zijn vrouw naar het Filmfestival in Gent en kwam ineens op de rode loper terecht. Hij voelde zich een 2D-plaatje, in plaats van een echt persoon.”
Verschaeve: “De volgende dag stonden er foto’s van alle BV’s in de krant en hij stond erbij, met het onderschrift “Johannes Verschaeve en vriendin”, en dat vond hij zo raar.”

enola: Waar gaat “Shit to Gold” dan weer over?
Verschaeve: “We zijn een paar dagen naar de Ardennen geweest om te schrijven, en Johannes keek er enorm naar uit om aan nieuwe nummers te prutsen. ‘First thing: missed you guys, second is: in my eyes, we’re turning shit to gold’, en de shit is dan de nummers die nog nergens staan. Dus het gaat over ons, wij die prutsen aan nummers en hopelijk wordt het iets.”

enola: En, is het wat gelukt daar?
Verschaeve: “Bwah, we hebben veel gerepeteerd, maar van de nieuwe nummers is eigenlijk alleen “Shit to Gold” overgebleven. De andere nummers hebben we weggesmeten.”

enola: Hoe kijken jullie terug op de afgelopen 10 jaar?
Vanwymeersch: “’t Was geestig.”
Verschaeve: “Het is wel raar dat het zo rap gaat. Onze carrière is ook raar, we hebben al veel bands zien komen en gaan, ineens hebben die meer succes, maar ze verdwijnen ook weer snel. Wij zijn redelijk standvastig, er zijn geen superhoge pieken, maar ook geen dalen.”

enola: Is dat misschien omdat jullie niet echt een gehypete groep zijn?
Verschaeve: “Ik denk ook niet dat dat nu nog zal gebeuren, daarvoor zijn we al te bekend.”
Vanwymeersch: “We hebben altijd steun gehad van de pers, maar wel op een realistische manier, nooit echt extreme reacties.”

Verschaeve: “We hopen dat de nieuwe plaat goede reacties krijgt. Zelf denken we dat hij wat minder toegankelijk is dan de vorige platen, maar we zien wel wat ervan komt.”

enola: En hoe zit het met de plannen in het buitenland?
Vanwymeersch: “Eerst België en Nederland veroveren en dan zien we wel. Het is echt grappig: tot waar Studio Brussel zendbereik heeft, zijn we heel erg gekend, maar in het noorden van Nederland weten ze nog niet wie we zijn. Het is wel spijtig dat de radio in Nederland meedogenloos commercieel is, dat geeft ons weinig kans.”
Verschaeve: “Na 10 jaar hebben we al veel meegemaakt, maar 3 weken in een busje zitten met heel de band, dat is niet meer realistisch. Het is wreed tof, maar we hebben al gemerkt dat je op die manier niet altijd bereikt wat je wil bereiken. Het is efficiënter om in te zetten op een land. Moesten we in Frankrijk of Duitsland een stap verder geraken, dan zou dat mega zijn, want het zijn ook grote landen.”

Op 8 mei spelen The Van Jets een releaseconcert in de AB in Brussel. Op onze homepage kunt u daar tickets voor winnen. Kijk maar!

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

achttien − 15 =