I Like Trains :: 16 februari 2014, Botanique

Verjaardagskoorts heeft toegeslagen in post-rockland. In april fêteert 65daysofstatic in de AB uitgebreid een decennium The Fall Of Math en ook I Like Trains blaast dit jaar tien kaarsjes uit. Zoals de geplogenheden dat eisen gebeurde dat zondagavond in de Botanique met een integrale uitvoering van debuut Progress • Reform, dat nog geen spatje verouderd bleek.

De eerlijkheid gebiedt ons nochtans op te merken dat die eerste plaat van I Like Trains (Toen nog iLiKETRAiNS gespeld) eigenlijk pas twee jaar later ter wereld kwam. Het was ook pas in oktober 2006 dat de groep voor het eerst zijn blik liet rusten op de muren van de Rotonde van de Brusselse Botanique. De liefde was wederzijds, want wat vandaag een tot de nok met fans gevulde zaal is, was toen ook al “aardig vol”, zo leest ons verslag van toen.

Wat daartussen ligt is moeilijk als “de grote doorbraak” te omschrijven. I Like Trains bracht na dat puik mini-album het volwaardige debuut Elegies For Lessons Learned uit op de grote indie 4AD, mocht daar al even snel de biezen pakken toen dat label verkocht werd, en ging toen maar in eigen beheer werken. Het leverde goede platen op met He Who Saw The Deep en The Shallows, maar meer dan een hardnekkige fanbase zou de groep er niet mee opbouwen.

Nooit benaderde I Like Trains dan ook nog de perfectie van Progress • Reform; een plaat waarop frontman David Martin met een diepe bariton zeven vignetten presenteert uit de wereldgeschiedenis; tragische verhalen als Roald Amundsens verdwijning tijdens een poolexpeditie in 1928 of de legendarische schaakmatch tussen Bobby Fischer en Boris Spassky in 1992. Omkaderd door glaciale gitaren, treurmarstempo’s en opzwepende uitbarstingen zorgde het voor een prikkelende kijk op wat post-rock-met-zang kon zijn.

Een setlist die deze — perfect opgebouwde — plaat integraal brengt kan bijgevolg niet ontgoochelen. Van bij opener “Terra Nova”, over de mislukte Zuidpoolexpeditie van Robert Scott in 1912, staat de groep op scherp. “Yours is the end I was hoping for”, treurt Martin vervolgens aan het begin van “No Military Parade”, en opnieuw valt je op wat voor sterke openingszinnen de man kan schrijven. Ondertussen bloeit het ingetogen nummer langzaam open, met roffelende drums, aanzwellende gitaren en een bas die inspiratie in het zwartste van de jaren tachtig is gaan zoeken.

Dit is wat I Like Trains zo bijzonder maakt: dat ze er in slagen om met post-rock verhalen te vertellen. Waar genregenoten als Mogwai of Explosions In The Sky bij soundscapes of het communiceren van een onzegbare emotie blijven steken, beheersen deze Britten de techniek om het spel met dynamiek in te zetten in een bijna literaire context. Beste voorbeeld: “Stainless Steel”, een bloedstollende passiemoord, verteld vanuit het standpunt van de dader. Het “I’ll sleep in our bed tonight, you can have the kitchen floor” van Martin gaat uiteindelijk finaal ten onder in een daverende climax van ijzige gitaren; als een bevroren vloedgolf die hoog boven de groep uittorent en niet anders kan dan neerkletsen in een golf van gemanipuleerde feedback. Ook acht jaar later blijft het nummer kippenvel opwekken.

I Like Trains brengt zijn verhalen als onafwendbare tragedies; het lot van de personages is bekend, het kan dus niet anders dan aflopen zoals het deed. Ook de radicale herstructurering van de Britse buurtspoorwegen door het “Beeching Report” was dus onvermijdelijk; de gelijknamige song is dan ook een doemgeladen dodenmars waarvoor voorprogramma Her Name Is Calla als Grieks koor op de scène wordt geroepen. Geen crescendo’s of uithalen hier, enkel stapvoetse, meerstemmige treurnis; een eerbetoon aan hen wiens werk met kil cijferwerk werd neergehaald, als een waardige vingerwijzing naar het meedogenloos kapitalisme dat sinds 1963 de wereld heeft overspoeld.

Natuurlijk kan I Like Trains het na dat dik flink half uur niet voor bekeken houden. Een ferme graai uit Elegies For Lessons Learned uit 2007 volgt, waarbij vooral “Death Of An Idealist” nog met de aandacht gaat lopen, dankzij zijn dramatische verklaring “This is a breakdown” en de roffelende, percussieve opbouw. “Spencer Perceval” is het daverende orgelpunt achter de set; nog één keer goed van post-rock doen, maar dan terwijl Martin het verhaal doet van de enige Britse prime minister die ooit vermoord werd.

Geen recenter werk? Toch wel. In de bissen keert de groep dan toch terug naar het recentere verleden met het op een dansende gitaarlijn drijvende “Mnemosyne” waarin Martin bezweert “We will burn in hell for this”. We zien daar geen reden voor; het is geen zonde om te evolueren, en dat is wat I Like Trains op zijn laatste plaat The Shallows deed; geen gemakkelijke crescendo’s, maar een langzaam aangehouden spanning die nooit helemaal wil loslaten; zoveel subtieler. Het verleden mag dus al een goudmijn zijn geweest, ook de toekomst lacht I Like Trains toe. We toasten op hun volgende tien jaar.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

zestien − 15 =