The Rolling Stones :: 6 juli 2013, Hyde Park (Londen)

Als er een constante is in het bestaan van The Rolling Stones, dan is het de vraag of de band er na de huidige tournee mee ophoudt. Na de laatste doortocht in ons land, in 2007 op de weide van Werchter, leek het einde écht in zicht, maar neen hoor: the greatest rock ‘n’ roll band in the world viert zijn vijftigste verjaardag (met een jaar vertraging) op de locatie van een van zijn landmark-concerten.

44 jaar en één dag, zo lang was het exact geleden dat The Rolling Stones op een podium in Hyde Park stonden. Naar schatting een half miljoen toeschouwers vonden die vijfde juli van 1969 hun weg naar het concert in Londen, twee dagen na het overlijden van gitarist Brian Jones. Mick Taylor beleefde er zijn vuurdoop als gitarist en een hoop klassiekers, het hele Exile on Main St. om maar iets te noemen, was op dat moment nog toekomstmuziek.

Vandaag vervoegt Taylor, ondertussen ook alweer ruim dertig jaar geen Stone meer, zijn oude band tijdens enkele nummers van wat, het moet gezegd, een lichtjes memorabel concert is. Hoewel het aantal concerten van de Stones de laatste jaren eerder beperkt was, staat de band scherp, zéér scherp. Hier geen stomdronken Richards zoals in 2007, maar een rockend stel oude knoken die, net als een flink deel van het publiek, even hun leeftijd vergeten — drummer Charlie Watts is met zijn 72 ouderdomsdeken van het gebeuren — en een vitaliteit aan de dag leggen die bewonderenswaardig is.

Klinkt opener “Start Me Up” een beetje als vingeroefening, nummer na nummer zie je voor je neus een band in sneltempo gerodeerd raken en het publiek inpakken. Louter met songs, want waar de Stones er de voorbije decennia een erezaak van maakten hun concerten met flink wat showelementen op te smukken, blijft het in Hyde Park beperkt tot een groot uitgevallen videowall en een eerder subtiele toets vuurwerk.

Lijken nummers als “It’s Only Rock ‘n’ Roll” en “Bitch” — dat laatste met Gary Clark Jr. als extra kracht — vooral tot doel te hebben het publiek op temperatuur te brengen, dan slaat een eerste magische vonk over wanneer een ziedende intro van “Paint it Black” door Hyde Park schalt. Even is het weer 1969 en hangt een vleug van revolte in de lucht, een gevoel dat snel overwaait als bij het verlaten van Hyde Park de Londense Health & Safety Regulation-bordjes hun alomtegenwoordige zelve zijn.

Wanneer Keith Richards de microfoon overneemt voor een niet al te toonvast “You Got the Silver” en zijn bijna-lijflied “Before They Make Me Run”, lijkt het concert even te verzanden in een vast ritueel, maar de schalkse piraat van de band brengt een soort pub-gezelligheid in het concert, dat vanaf daar vlotjes richting crescendo gaat. Een funky “Miss You”, waarbij Mick Jagger zowel zijn verkleedpartijen als zijn danspasjes in de strijd gooit, en een zompig “Midnight Rambler” geven de Stones de kans te tonen dat ze zowel hun bluesroots als hun seventies-grootsheid nog in zich hebben.

Als vervolgens een meeslepend “Gimme Shelter”, met zangeres Lisa Fischer in een glansrol, weerklinkt, is het hek van de dam. Richards, die tot dan toe schijnbaar achteloos zijn partijen speelde en eerder low profile de boel in de gaten hield, zet zich in beweging, licks uitwisselend met Ron Wood en de band voortstuwend naar de grootsheid waarop je als bezoeker hoopte, maar lang niet gerust in was.

Wat volgt is een finale met klassiekers. “Jumpin’ Jack Flash”, “Sympathy for the Devil” en “Brown Sugar” mogen dan al bijna kapot gespeeld zijn, de band brengt vurige versies die de nummers kans geeft hun opwindende zelf te zijn. Goed, bis “Satisfaction” had gerust wat minder lang uitgesponnen mogen zijn, maar door die bisronde in gang te trekken door een met het London Youth Choir versterkte “You Can’t Always Get What You Want”, slaan The Rolling Stones een meer dan geslaagde brug tussen de sixties en het heden.

50 and counting is het officiële onderschrift van het handvol concerten die de Stones sinds eind vorig jaar geven ter gelegenheid van hun zilveren jubileum. Het lijkt twijfelachtig dat deze band nog maar eens de wereld gaat rond trekken, maar zo’n uitspraak doen, is spelen met vuur. “I will never stop, never stop, never stop” klonk het bij aanvang van het concert, wanneer de Stones met “Start Me Up” hun terugkeer naar Hyde Park in gang trokken. Het klinkt compleet onwaarschijnlijk, maar dat geldt voor héél veel uit de halve eeuw dat deze band bestaat. Wie weet.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

vier × 1 =