Il Deserto Rosso

Sinds de ontwikkeling van de allereerste filmpjes in de late negentiende eeuw, hebben filmmakers geëxperimenteerd met kleurenfilm: vroege zwart-witfilms werden handmatig ingekleurd of getint, om een bepaalde sfeer op te roepen; vanaf de jaren ’30 zorgde het Technicolorprocedé voor diep gesatureerde kleurenfilms – denkt u even aan de felgele klinkers van The Yellow Brick Road en de glanzend groene schijn van Emerald City uit The Wizard of Oz – en sinds de oorlogsfilms van rond de eeuwwisseling is de trend om films en dus ook kleurencomposities allerhande zo grauw mogelijk te maken – wat in extreme gevallen leidt tot de in kleur geschoten zwart-witfilm die The Road was. Toen Michelangelo Antonioni halverwege de jaren ’60 zijn zwart-witpellicule inruilde voor kleurenfilm, sprak het voor zich dat hij niet gewoon plaatjes in kleur ging draaien; Il Deserto Rosso, ’s mans eerste uitstapje naar een wereld buiten grijstinten, geldt nog altijd als een typevoorbeeld voor de mogelijkheden van kleurgebruik in film.

Il Deserto Rosso (of Red Desert, zoals de internationale titel luidt), vertelt het verhaal van Giuliana (Antonioni-habituée Monica Vitti), een getrouwde vrouw die, naar goede Antoniennui-gewoonte, lijdt aan een stuitend gebrek aan richting en levensdoelen. Ze is nog niet lang hersteld van een auto-ongeluk, en nu zwerft ze doelloos rond in het industriële landschap van Ravenna. Via haar man Ugo (Carlo Chionetti) leert ze Corrado (Richard ‘wijlen Dumbledore’ Harris) kennen, een industrieel die een nieuwe onderneming wil starten. Beiden voelen zich op een nogal gereserveerde manier tot elkaar aangetrokken, maar het is nog maar de vraag of Giuliana op die manier eindelijk wat levenslust terugvindt.

Thematisch sluit Il Deserto Rosso dus overduidelijk aan bij Antonioni’s eerdere films: Giuliana verveelt zich langzaam maar zeker dood in het lege leven van de moderne maatschappij, en Il Deserto Rosso wordt vaak als een soort epiloog beschouwt van de befaamde ennui-trilogie die hem zijn status had bezorgd. Op bepaalde vlakken verschilt de film echter ook van zijn voorgangers – zo wordt de kille, stedelijke omgeving uit de trilogie ingeruild voor een desolaat industrielandschap – en vooral vormelijk valt al snel op dat de Italiaanse regisseur voor het eerst – letterlijk – buiten de lijntjes kleurt van het strakke modernisme van zijn eerdere films, zonder het typische Antonioni-gevoel te verliezen. Als L’Avventura en opvolgers hem de status van eigenzinnige en getalenteerde cineast hadden bezorgd, dan toonde Il Deserto Rosso dat de man géén one trick pony was.

Tekenend is natuurlijk vooral de manier waarop Antonioni met kleur omgaat, en het is vooral dat kleurgebruik dat de status van Il Deserto Rosso vastlegde. Met een realistisch palet liep de man kennelijk niet hoog op: het was immers niet omdat hij niet langer in zwart-wit draaide, dat film plots zijn schoonheid moest verliezen. Om het industrielandschap naar zijn eigen normen te esthetiseren, liet Antonioni hijskranen, constructiemateriaal en industriële vaten in een bepaalde kleur schilderen, die vaak sterk contrasteert met de grijze, mistige sfeer van de rest van de compositie – Antonioni’s Italië geniet duidelijk niet van dezelfde zon als dat van pakweg Federico Fellini in Giulietta Degli Spiriti. Het expressionistische gebruik van geel, blauw en (natuurlijk) vooral rood zorgt dan ook voor een erg bevreemdende sfeer, waarvan de hele film doordrongen is.

Misschien nog meer dan als een zuiver esthetisch vormkenmerk, werkt Antonioni’s eigenzinnige benadering van kleurpatronen dan ook als een veruitwendiging van Giuliana’s mentale toestand. Giuliana’s vervreemding van de dagelijkse realiteit uit zich doorheen de film niet alleen in verveling – klassiek is de scène waarin Antonioni fruit grijs liet schilderen, om de lusteloosheid van zijn hoofdpersonage weer te geven – maar ook meermaals in vaak onverklaarbare angstaanvallen. De rode hijskranen, gele leidingen of blauwe muurpatronen die op een onnatuurlijke manier breken met de monochrome omgeving versterken dat gevoel van beklemming alleen maar: Il Deserto Rosso toont niet alleen de esthetiserende manier waarop Antonioni zijn omgeving ziet, maar ook de angstaanjagende manier waarop Giuliana ze ervaart.

Door op die manier de vorm en de thematiek van zijn film op elkaar af te stemmen, hing Antonioni overigens niet meer zo stevig vast aan de strakke, rechtlijnige en gedecentreerde composities uit L’Avventura, La Notte en L’Eclisse. In Il Deserto Rosso durven er dan ook al eens meer klassiek gecomponeerde shots opduiken, en close-ups komen opvallend vaker voor dan in z’n vorige films. Waarmee we ook niet willen gezegd hebben dat de prent gekenmerkt zou worden door een onzichtbare stijl: vooral in de eerste helft van de film zijn long shots nog steeds rijkelijk aanwezig en worden takes langer aangehouden dan gangbaar is. Het eerste uur van de film is bovendien ook opvallend dialoogarmer, en laat dan ook de diepste indruk na. Het is een beetje jammer dat Antonioni die onuitgesproken spanning niet langer heeft durven aanhouden en in de tweede helft – naar Antonioni-normen – een tikkeltje uitleggerig wordt, maar zijn vermogen om in heel pure cinemataal situaties en sfeer te tekenen, blijft ook hier indrukwekkend.

Naast het einde van zijn eerste Italiaanse periode markeerde Il Deserto Rosso ook het einde van Antonioni’s vijf jaar lange samenwerking met zijn muze en toenmalige vriendin Monica Vitti – pas een kleine twintig jaar later zou ze nog een keer terugkeren in Il Mistero di Oberwald, een van Antonioni’s latere films. Terwijl haar eerdere rollen vooral afhingen van haar charisma en psychologisch minder uitdagend waren, moet ze hier voor het eerst een film dragen, en dat gaat haar verrassend goed af. Vitti was dan wel geen actrice met een ongezien talent – onder meer Ingmar Bergman heeft zijn misprijzen voor haar acteren meermaals laten blijken – maar geruggensteund door de mise-en-scène van haar regisseur weet ze de verveling en de angsten van Giuliana overtuigend naar het scherm te vertalen.

Maar, eerlijk is eerlijk: Il Deserto Rosso blijft bovenal een film van Antonioni. Zijn negende langspeelfilm is dan ook veel meer dan een overgang tussen de impact van zijn beruchte Italiaanse trilogie en het internationale succes van het al even beruchte Blow-Up: zowel thematisch als stilistisch draagt Il Deserto Rosso immers de stempel van Antonioni, en die stempel staat nog steeds garant voor twee uur pure kwaliteitscinema.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

veertien − tien =