Lee Ranaldo & The Dust :: Kunstencentrum België, 15 juni 2013

Zowat een jaar nadat hij met Between the Times and the Tides zijn eerste songgerichte soloplaat uitbracht, lijkt Lee Ranaldo op dreef te komen. Zijn anonieme backing group vervelde naadloos van de Lee Ranaldo Band in The Dust en presenteerde een flinke hap songs uit de nieuwe elpee die in de maak is.

Het heeft iets vreemd: amper twee avonden nadat Thurston Moore en zijn Chelsea Light Moving in Trix op het podium staat, maken Steve Shelley en Lee Ranaldo enkele tientallen kilometers verder hun opwachting in Kunstencentrum België. Wie de Sonic Youth-familie dezer dagen aan het werk wil zien, moet kilometers vreten. Maar een drama is dat niet. Beide gitaristen hebben hun soloprojecten duidelijk op de rails en Shelley weet, na een doortocht met Disappears vorig jaar, duidelijk ook de juiste projecten uit te kiezen om achter de drums plaats te nemen.

In tegenstelling tot Chelsea Light Moving, kiest Lee Ranaldo & The Dust voor een minder explosieve aanpak. Ranaldo kiest ervoor zijn concert met een zorgvuldige flow op te bouwen en laat daarbij zijn muzikale roots het karakter bepalen. Meer nog dan zijn voormalige bandgenoten, heeft Ranaldo voeling met de Amerikaanse tegenbeweging van de jaren zestig.

Dat blijkt niet alleen uit de coverkeuzes: “Everybody’s Been Burned” van The Byrds maakt zijn opwachting, net als een gruizige, de spirit van Crazy Horse oproepende versie van Neil Youngs “Revolution Blues”. Het is echter ook het eigen werk dat doordrongen is van die geest van protest. “Shouts” wordt nog steeds aangekondigd als een eerbetoon aan de Occupy-beweging en het nieuwe “Last Night on Earth” heeft het dan weer over het wachten op de revolutie.

Muzikaal heeft Ranaldo minder revolutionairs in petto. Nu hij zich op “gewone” rocksongs richt, houdt de zanger-gitarist het zowaar best braaf. De eerste nummers houden het zelfs behoorlijk braafjes: “Angels” drijft op sfeervolle treurnis en wordt zo nu en dan doorspekt met de adrenaline van het on the run-zijn. Pas met “Tomorrow Never Comes” sluipt een geut feedback het concert binnen, en schakelt de band voorzichtig een versnelling hoger.

Hoewel nieuwe songs als “Hammer Glows”, dat uitblinkt in het vakkundig aanwenden van tempowissels, en eentje over Italië, dat zich aandient als een roadmovie die in een vier minuten durende rocksong gegoten werd, het beste doen beloven voor de nieuwe langspeler, is het het gekende materiaal dat voor de memorabele momenten zorgt. Van “Xtina As I Knew Her” kan stilaan gezegd worden dat het een van de betere is die Ranaldo al uit zijn pen perste en een furieus “Waiting on a Dream” is eveneens goed op weg om een vaste waarde te worden.

Wanneer Lee Ranaldo (& The Dust) met een opvolger voor Between the Times and the Tides op de proppen zal komen, is nog een groot vraagteken. Maar het stelt gerust te merken dat ook Ranaldo op zijn 57-ste nog steeds inspiratie heeft om meeslepende songs te schrijven en ze op een meeslepende manier op het podium tot leven te brengen. Het mag er dan allemaal iets kleinschaliger aan toegaan dan bij zijn vorige bandje, de vlam brandt nog steeds als vanouds.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

drie × twee =